Mark van Tongele – De loeiende tier

Natuur als bron van inspiratie

Recensie door Reinder Storm

Geen idee wat een ‘tier’ is – laat staan een loeiende. De aldus getitelde bundel overtuigt zodanig, dat de vraag wat een tier eigenlijk is futiel wordt. Het ritme van de gedichten, de beelden, taal en vorm: het klopt en klotst en kolkt alles tezamen. Maar een blik in het woordenboek voegt natuurlijk toch iets toe: ‘tier’ is een Zuid-Nederlands woord voor een schreeuw of gil. Ook wordt er zoiets als groei mee aangeduid (vgl. de zegswijze welig tieren). Heel toepasselijk, want veel wat in deze gedichtenbundel passeert groeit – en nog welig ook. Een geheel vormen de gedichten niet zozeer, samenhang vertonen ze wel. Bijvoorbeeld omdat in vrijwel elk gedicht wind en water voorkomen. Of boten waarmee gevaren kan worden. En anders is er wel een combi van zand, strand, wolken en zonlicht. Een voorbeeld:

‘Diepgaand, onpeilbaar’

Een dansende zeebeer,
gele koraalvlinders onder water.

Hielspoor, teengeruis,
plasmapolka hoezeer.

De storm en het onttoverde uur.
Het kadaver van een rafelvis.

De zoute wind schroeit mei-
doorns in grillige vormen.

De veelvoudigheid vergeten
in de spiegel van herinneringen.  

In hemelsnaam wat verklaart
de aardse kleurendoos?

De natuur is overduidelijk een bron van inspiratie, maar poëzie van het kleine sentiment schrijft Van Tongele bepaald niet. Daarvoor zijn deze gedichten te abstract, te weids van gebaar, te impressionistisch van taal. En toch past in dit mozaïek dan onverwacht wel weer een familiair-verhalend tafereeltje, dat zich afspeelt tussen zeedijk en branding, met emmertje, vormpjes en schepjes als rekwisieten. Het heet ‘De lichtmythe doorverteld’:

Op de zeedijk uitgelaten de zonnestaart dragend
duwt mijn dochter de kinderwagen waarin Oskar kirt
en ik, gezwind naast haar, de rolstoel van mijn vader.       
In een strandwinkel kopen wij een emmertje boorde-
vol kleurige vormpjes en schepjes, dat mijn vader lucht-
hartig aan mijn kleinzoon schenkt onder het éénziende

oog van mijn dochter en mij.  De golden knikken mee:
wij voelen de ene onophoudelijk in de andere vervloeien,
hand over hand een zandkasteel bij de branding innemen.

Over samenhang gesproken: verspreid in de bundel staan enkele drieregelige gedichten die op het eerste gezicht louter uit rare woorden bestaan (in dit geval namen van zeebeesten) die eindigen met een grammaticaal correcte en begrijpelijke (?) conclusie. Deze woorden zijn in het dagelijks spraakgebruik weliswaar zeldzaam maar op zichzelf gewoon en zeker niet dichterlijk; in de context van een gedichtenbundel doordringen ze de lezer van hun bloemrijke, talige zeggingskracht. Van Tongele laat je aldus opnieuw kijken, en vooral ook: luisteren.

Asjemenou
Kruipende klokpoliep tandhoornkoraal stompe alikruik muiltje purperslak
fluwelen ritspok zeedruif meloenkwalletje weduweroos sliertige brood-
spons roze kalkkorstwier knotszakpijp kamster taalrasp.
Alles blijft vervat in de wereld.

Door de onverwachte muzikaliteit van de taal op deze manier voor het voetlicht te halen doet deze poëzie wel denken aan het werk van Pierre Kemp of – heel anders, maar toch – aan het gedicht ‘56 rozen’ van Ivo de Wijs.

Van Tongele’s gedichten vragen niet nadrukkelijk om uitleg of begrip. Je moet er open voor staan – zoals voor abstracte kunst – om ervan te kunnen genieten. Een paar glazen stevige rode wijn op de nuchtere maag kunnen deze gedichten ook best hebben. Evenals hardop voorlezen, of beter nog: scanderen, buiten, aan het strand, bij bewolkte hemel, tegen de harde wind in. Voilà, daarmee zijn we bijna weer terug bij de schreeuw uit het begin, waarvoor de dichter het woord ‘tier’ gebruikt.  Verheugend te bemerken dat deze poëzie met onze taal gemaakt kan worden en dat dat anno 2017 nog gebeurt ook.

 

 

 

Omslag De loeiende tier - Mark van Tongele
De loeiende tier
Mark van Tongele
Verschenen bij: Atlas Contact
ISBN: 9789025450908
56 pagina's
Prijs: € 21,99

Meer van Reinder Storm:

Recent

18 september 2018

Taal die bezinken moet en verwondering oproept

Over 'Laat de stilte' van Rui Cóias
17 september 2018

Twee meisjes en een oudere man

Over 'Twee meisjes en ik' van A.H. Nijhoff
14 september 2018

Een meer van wanhoop

Over 'Want de avond' van Anna Enquist
13 september 2018

Een gereedschapsset om te overleven

Over 'Materiaalmoeheid' van Marek Sindelka
12 september 2018

Wassende water wist alle zonden

Over 'Een dagje in de stad' van Ru de Groen

Verwant