11 augustus 2014

Vakantierubriek – een persoonlijke top 3

Anky Mulders

door Anky Mulders

Een top drie uit de wereldliteratuur over: Huwelijksleed

1. Anna Karenina – Leo Tolstoi (1877) De gebeurtenissen in deze klassieke roman over de onmogelijke liefde tussen de getrouwde Anna Karenina en de vrijgezel Graaf Vronski zijn na meer dan honderddertig jaar nog steeds invoelbaar. Aldoor opnieuw uitgegeven en herhaaldelijk verfilmd zijn kijkers en lezers getuige van liefde, hartstocht, hypocrisie, sociaal gedrag en modeverschijnselen in het Rusland van het einde van de negentiende eeuw, waarin de liefde uiteindelijk het onderspit delft.

2. Dagboeken – Frida Vogels (vanaf 2005) Met pijnlijke precisie beschrijft Vogels haar innerlijke conflicten waarvan de uitkomst eigenlijk een echtscheiding zou moeten zijn. Zij voelt zich onbegrepen door haar man en is niet in staat iets aan haar seksueel onvermogen te veranderen. Anderzijds hebben zij en haar man elkaar intellectueel veel te bieden. Als twee individuen blijven zij zoeken naar mogelijkheden om hun samenzijn behalve draaglijk ook nog een beetje aangenaam te maken.

3. Stoner – John Williams (2012) Waar bij Tolstoi en Vogels geworsteld wordt met de bindende banden van het huwelijk, laat Williams zijn Stoner het huwelijksleven gelaten ondergaan. Min of meer gelukkig in zijn werk – hij doceert Engels aan een Amerikaanse universiteit – komt Stoner zelden in opstand tegen zijn vrouws regime en neemt hij niet alleen voor lief dat zij hun dochter van hem vervreemdt maar ook dat hij zowel uit de slaapkamer als van zijn werkkamer verdreven wordt.

Recent

21 maart 2017

Intrigerende zwakheden

20 maart 2017

De zee in Tilburg

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 maart 2007

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden. Niet bevroedend dat hij elke dag door een bewonderend oog werd vastgepind op de weg die hem van de kazerne naar het bureel voerde stapte soldaat Brû, die in het algemeen nergens aan dacht, maar als hij dat toch deed dan het liefst aan de slag bij Jena, stapte soldaat Brû voort met de onbevangenheid van een niet-bewuste. Met zijn niet bewust grijsblauwe ogen en zijn niet bewust elegant omwikkelde beenkappen droeg soldaat Brû heel naïef al het nodige met zich mee om in de smaak te vallen bij een jongejuffrouw die niet helemaal jong meer was en ook niet helemaal juffrouw. Het ontging hem.

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden.

Lees meer