10 juli 2008

Poëtische expressie en puur idealisme Mozambique

Door Marga Schouten
September 2006


Een portret van Mia Couto

Mia Couto wordt gerekend tot één van de betere Afrikaanse schrijvers en tot de top van de Mozambikaanse literatuur. Toch is hij in Nederland niet zo bekend. Hier dient verandering in te komen. Als vertaalster van enkele van zijn teksten kan ik de poëtische stijl en kracht van zijn teksten onderstrepen. Dat is precies wat Couto zo bijzonder maakt. Maar wie is Couto nu precies?


Van Emilio tot Mia
Mia Couto werd geboren in 1955 met de voornamen António Emílio Leite in de stad Beira, gelegen in het midden van de oostkust van Mozambique. Zijn gangbare voornaam Mia, die ook voor zijn landgenoten vreemd in de oren klinkt, is ontstaan doordat zijn jongere broertje zijn werkelijke naam niet kon uitspreken.

Als zoon van een familie van betrekkelijk goede stand volgde hij de opleiding tot journalist. Ook studeerde hij biologie. Vervolgens ging hij werken als journalist en schrijver.

Hij voelde zich als schrijver geïnspireerd tot het optekenen van de verhalen die hem in zijn vaderland ter ore waren gekomen van de oorspronkelijke bewoners met hun erbarmelijke leven. Na een bloedige strijd die tien jaar duurde, werd Mozambique onafhankelijk van Portugal.

Talent voor nieuwe woorden

Mia Couto schreef met mild meeleven over zijn arme landgenoten die te lijden hadden onder de gruwelijke oorlogsgebeurtenissen. Als kenmerkend voor zijn stijl worden genoemd zijn talent om nieuwe woorden te bedenken, zoals bijvoorbeeld de titel van zijn verhalenbundel Geweide Verhalen (20037). Met zijn goed ontwikkelde en veel toegepaste fantasie horen zijn verhalen tot de stijl van het surrealisme. Als basis gelden de verhalen met primitief bijgeloof die worden rondverteld in de arme regionen van Mozambique. De stoïcijnse wijze waarop de minder bedeelde Mozambikanen omgaan met hun lot, beschrijft Mia Couto met  veel inlevingsvermogen. Hij wordt gerekend tot één van de betere Afrikaanse schrijvers en tot de top van de Mozambikaanse literatuur. Veel van zijn boeken werden vertaald, niet alleen in de Franse, Engelse, Duitse, Italiaanse en Spaanse taal, maar ook in het Nederlands: Slaapwandelend land (roman, 1996 ) en De dag dat Mabata-bata explodeerde (verhalenbundel, 1996).

Voor de verhalenbundel Vozes Anoitecidas  (Stemmen bij het vallen van de Nacht), dat in het Nederlands is uitgegeven als De Dag dat Mabata-bata explodeerde (1996) heeft hij het volgende motto geschreven:

‘Wat ons het meest treft bij ellende is haar onwetendheid van zichzelf. Bij de confrontatie met de afwezigheid van alles doen de mensen afstand van de droom en de wens anders te zijn. Zij bestaat uit het niets, deze illusie van perfectie die het leven stilzet en de stemmen doet vermijden.’

En in het voorwoord vertelt hij:

‘Deze verhalen kwamen altijd in mij op wanneer iets echt gebeurd was, maar wat me werd verteld alsof het aan de andere kant van de wereld was gebeurd. Bij het oversteken van deze schaduwgrens luisterde ik naar stemmen die de zon deden verdwijnen. Andere stemmen werden vleugels in mijn vlucht in het schrijven. Aan deze en andere draag ik de wens op om te blijven verzinnen en vertellen.’

In deze woorden is het poëtische karakter van de schrijfstijl van Mia Couto duidelijk aanwezig. Liefhebbers van poëtische literatuur moeten smullen van zijn verhalen. Het fijngevoelige medeleven van de schrijver roept lang vergeten gevoelens weer op. Voor de beschrijving van de natuur lijkt de schrijver een eigen lexicon te gebruiken. Hij heeft zich volledig ingeleefd in de denkwereld van zijn eenvoudige landgenoten.

‘Men zei van dat land dat het slaapwandelde. Want terwijl de mensen sliepen, bewoog het land ruimte en tijd. Wanneer ze wakker werden, zagen de bewoners het nieuwe aanzien van het landschap en wisten dat ze die nacht bezocht waren door de fantasie van de droom.’ (Geloof van de inwoners van Matimati). (1)

‘De oude vrouw zat bewegingloos op de mat, in afwachting van haar man. […] Haar fortuin lag op de grond uitgestald: kommen, manden, stamper. Er omheen was niets, zelfs de wind was helemaal alleen.’ (2)

Aan zijn idealisme geeft hij ook ruim aandacht, zowel in zijn verhalen en romans, als in zijn theoretisch werk. Dat de meest primitieve Mozambikanen geen plaats kunnen geven aan de moderne werktuigen getuigt het volgende fragment uit het korte verhaal De dag dat Mabata-Bata explodeerde [3], waarin de kleine herder Azarias op een mijn loopt:

‘Opeens ontbrandde een lichtgloed, het leek middag in de nacht. De kleine herder slikte dat alles, het was de schreeuw van het ontploffende vuur. In de kruimels van de nacht zag hij de ndlati, de bliksemvogel, dalen. Hij wilde schreeuwen: ‘’Wie kom je neerleggen, ndlati?’’ Maar hij zei niets. Niet de rivier was het die zijn woorden liet zinken. Rondom sloot alles, zelfs de rivier doodde haar water, de wereld bedekte de grond met witte wolken. […] En voordat de vuurvogel iets had besloten, liep Azarias op hem af en omarmde hem in de reis van zijn vlam.’

In zijn nieuwste roman De andere voet van de zeemeermin (2006), wordt het actuele, fundamentele  thema identiteit behandeld, in die zin dat mensen met verschillend ras of geloof een eigen identiteit hebben, raciaal of religieus. In het verhaal is een historisch, waargebeurd verhaal verwerkt. Identiteit behandelde hij ook in zijn theoretische boek Ieder Mens is een Ras (2005), waarin hij benadrukt dat ieder ras zijn eigen identiteit heeft.

‘De zoektocht naar puurheid is iets wat altijd is geassocieerd met trieste, wrede, historische periodes, zoals men het idee van puurheid alleen bereikbaar maakte met werkelijk niet-pure methodes. De authenticiteit is een meer sympathieke naam, maar slechts een equivalent van het fascistische besef van puurheid. ‘(4)

De andere voet van de zeemeermin heb ik tot mijn spijt nog niet gelezen, maar dat gaat beslist gebeuren. Want dat iemand, afkomstig uit een ontwikkelingsland, met zoveel idealisme in combinatie met een adembenemend schrijftalent en ook nog zo fijngevoelig meelevend en filosofisch is, zo weinig aandacht krijgt in Nederland, is alleen maar pathetisch.


[1] Slaapwandelend land, motto

[2] Couto, Mia, uit: De Brakke Hond, 37, 1993, bladz. 50.Vertaling: Marga Schouten

[3] De dag dat Mabata-bata explodeerde. In: De Brakke Hond, 37,1993, bladz. 56. Vertaling; Marga Schouten

[4] Mia Couto tijdens een interview met de Braziliaanse krant O Globo


Bibliografie
Raiz de Orvalho e Outros Poemas (2001),  Wortels van dauw en andere gedichten (2001)
Estórias Abensonhadas (ilustrado) (2001), Geweide Verhalen (geïllustreerd) (2001)
Pensatempos. Textos de Opinião (2005), Tijdwachten. Opinieteksten (2005)
O Gato e o Escuro (2001), De kat en het donker (2001)
Mar me quer (2004), Zee wil me (2004)
A Chuva Pasmada (2004), De verbaasde regen (2004)
Um Rio Chamado Tempo, uma Casa Terra (2004), Een rivier, genaamd Tijd, een Huis, genaamd Aarde (2004)
Contos do Nascer da Terra (2006), Verhalen over de Geboorte van de aarde (2006)
Cada Homem é uma Raça (2005), Ieder mens is een ras (2005)O Último Voo do Flamingo (2004), De laatste Vlucht van de Flamingo (2004)
Terra Sonâmbula (2004), Slaapwandelend Land (2004)
Na Berma de Nenhuma Estrada e outros contos (2003), Langs de kant van geen enkele Weg en andere verhalen (2003)
Estórias Abensonhadas (2003), Geweide Verhalen  (2003)
A Varanda do Frangipani (2003), Het terras van Echteschrik (2003)
Cronicando (2003), Geschreven Kronieken (2003)
O Fio das Missangas (2004), De Draad van de Bloedmissen (2004)
Vinte e Zinco (2004), Zink en Twintig (2004)
Vozes Anoitecidas (2006), Stemmen bij het vallen van de Nacht
O Outro Pé da Sereia (2006), De andere Voet van de Zeemeermin (2006)

 

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

7 augustus 2017

Een kanjer

4 augustus 2017

Wondranden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer