12 juni 2014

Oogst week 24

door Boris van de Woestijne

Dode Zielen. Bij Van Oorschot verscheen Dode zielen in een nieuwe vertaling van Aai Prins die ook Verhalen en Novellen vertaalde. Het boek zelf behoeft waarschijnlijk nauwelijks toelichting: het gaat over een man, Tsjitsjikov, die, omdat lijfeigenen maar eens in de drie jaar worden geteld, handig hypotheken afsluit op gestorven lijfeigenen: vandaar Dode zielen. Het boek is geestig, spannend en levendig. In dit boek zijn alle overgebleven fragmenten en brieven die Gogol over het boek schreef opgenomen.

Pogingen iets van het leven te maken, Het Geheime Dagboek van Hendrik Groen gaat over een oude man die in korte dagboekfragmenten een jaar lang over zijn leven vertelt. Van de uitgever: ‘Hendrik Groen is wel oud maar niet dood, en niet van plan zich eronder te laten krijgen. Toegegeven: zijn dagelijkse wandelingen worden steeds korter omdat de benen niet meer willen en hij moet regelmatig naar de huisarts. Technisch gesproken is hij bejaard. Maar waarom zou het leven dan alleen nog maar moeten bestaan uit koffie drinken achter de geraniums en wachten op het einde? In korte, ogenschijnlijk luchtige, maar vooral openhartige dagboekfragmenten laat Hendrik Groen je een jaar lang meeleven met alle ups en downs van het leven in een bejaardentehuis in Amsterdam-Noord. Op de laatste dag van het jaar zal het nog moeilijk zijn om afscheid te nemen van dit charmante personage…’

10262268_876973195665988_1249653356046690675_nPogingen iets van het leven te maken is een boeiende titel. Wie maakt zich op 83 jarige leeftijd nog druk over de vraag of hij iets van het leven kan maken? Hendrik Groen wel. En ook de eerste dagboeknotitie laat zien dat we hier niet met een doorsnee bejaarde te maken hebben (met dank aan recensieweb) Ik hou ook het komend jaar niet van bejaarden. Dat geschuifel achter die rollators, dat misplaatste ongeduld, dat eeuwige klagen, die koekjes bij de thee, dat zuchten en steunen. Ik ben zelf 831/4 jaar.

Tot slot viel mijn oog op Een dwaze maagd van Ida Simons. Een in de jaren 60 onder pseudoniem verschenen boek over een jong meisje dat in de jaren 20 het joodse familieleven in Antwerpen, Den Haag en Berlijn beschrijft. Het boek is veelgeprezen onder andere door Maarten ’t Hart. Een lofzang en een mooie beschrijving: Wat is het een prachtig boek, die korte roman ‘Een dwaze maagd’. Voluit autobiografisch, ongetwijfeld. De lotgevallen van een Joods-Belgische familie, gezien door de ogen van een argeloos meisje, een dwaze maagd, die maar één doel voor ogen heeft: pianiste worden. De vader en moeder van de dwaze maagd verkeren als kat en hond met elkaar en daarom reist de moeder regelmatig met haar dochter af naar Antwerpen om daar bij familie te logeren. Van Antwerpen, en de grote Joodse gemeenschap daar, krijgen we een prachtig humoristisch beeld. Het boek heeft een lichte toon, Ida Simons vertelt snel, want ze heeft zoveel te vertellen, en soms zou je wensen dat ze even de pas zou inhouden en ons wat gedetailleerder, à la Adri van der Heijden, het wel en wee zou beschrijven van die Elsschot-achtige zakenwereld waarin de dwaze maagd terechtkomt. (Maarten ’t Hart, NRC, 16-07-2007)

 

Recent

25 mei 2017

De andere kant van het land van beloften

Over 'Amerika, of de verdwenen jongen' van Franz Kafka
24 mei 2017

Het extreemrechtse drama

Over 'Ik had me de wereld anders voorgesteld' van Anil Ramdas
23 mei 2017

De man die niet kon liefhebben

Over 'Een onberispelijke man' van Jane Gardam
22 mei 2017

Herrijzende ster van Vaandrager en de tijd dat poëzie op straat lag

Over 'Vaan nu' van Bertram Mourits e.a.