25 maart 2015

Oogst week 13

Door Ingrid van der Graaf

Alfred Döblin (1878-1957) heeft zo’n twintig romans geschreven waaronder verschillende meesterwerken. Toch is hij de geschiedenis in gegaan als de schrijver van dat ene boek, Berlijn Alexanderplatz. Deze nieuwe, volledige Nederlandse vertaling door Hans Driessen is een eerbetoon aan een van de grootste Duitse schrijvers uit de twintigste eeuw. De Berlijnse arbeider Franz Biberkopf heeft vier jaar in de gevangenis gezeten voor de moord op zijn vrouw. Als hij in 1928 vrij komt is hij vastbesloten als fatsoenlijk mens door het leven te gaan. Maar dat lukt hem niet. De stad Berlijn is zijn geduchte tegenspeler, in reportagestijl opgetekend door Döblin. Opschriften van winkels, tramhaltes, krantenstukjes, liedjes, ambtelijke stukken zijn zonder overgang in het verhaal verwerkt. Rainer Werner Fassbinder maakte er in 1980 een meesterlijke tv-verfilming van. Maar zoals Pieter Steinz toen al zei: het boek is vele malen beter.
Uitgegeven bij Wereldbibliotheek, 544 blz, €49,95.

 

indexMartin Bons (1963) is journalist, wielerfanaat en docent aan de School voor Journalistiek en debuteerde in 2013 met De kunst van het dalen. De weg omhoog gaat over een opmerking uit zijn jeugd van een jongen uit 5 atheneum waardoor hij zich realiseert dat studeren belangrijk is. Zelf zit hij op de Mavo en komt uit een arbeidersmilieu waar er niets anders van je wordt verwacht dan te werken. Op zijn 23ste komt hij er eindelijk toe te gaan studeren. Sindsdien verkeert hij in twee werelden, aan de ene kant zijn afkomst uit een arbeidersgezin en aan de andere kant zijn leven als afgestudeerde aan de universiteit. Hij vraagt zich dan ook voortdurend af waar hij thuishoort. Tot hij op latere leeftijd de Alpe d’Huez ontdekt, daar voelt hij zich thuis. Inmiddels heeft hij de col zestig keer beklommen, maar nog nooit onder het uur gereden. Bons rust niet voordat hij dat één keer in zijn leven heeft gedaan. Tijdens zijn poging overziet hij wat er gebeurt op de weg omhoog, zowel op de Alpe d’Huez als op de maatschappelijke ladder. Uitgegeven bij Thomas Rap, 224 blz, € 16,90.

 

op-klompen-door-de-dessa-l-LQ-fHylke Speerstra (1936) is de bekendste levende schrijver die in het Fries publiceert en, naast Geert Mak, de chroniqueur van Friesland. Op klompen door de dessa laat hij de nog levende mannen vertellen wat de oorlog in Nederlands-Indie betekende voor hen die het vuile werk moesten doen. Een enkeling, vooral uit het hogere kader, vindt nog altijd dat het goed is geweest. Maar de meeste jongens hebben hun trauma’s nooit verwerkt. Letterlijk op klompen banjerden ze door de dessa –ze hadden geen idee wat hun te wachten stond: guerrilla, executies, oorlog dus, terwijl ze die in Nederland net achter de rug hadden. De mannen zijn ver in de tachtig en willen nu eindelijk hun hele verhaal kwijt. Hylke Speerstra geeft een stem aan mensen die anders misschien niet gehoord zouden worden. Speerstra kan goed luisteren en meesterlijk vertellen. Uitgegeven bij Atlas/Contact, 318 blz, € 21,99.

 

de-professor-en-de-hyena-m-LQ-fPoëzie waar je wakker van ligt. In zijn nieuwe dichtbundel schept Wouter Godijn (1955) een beestachtige wereld. Soms is een dier dood, soms zeer levend, soms is het bloederige drek, soms zo lief als moeder Teresa. In De professor en de hyena ben je niet op je gemak. Je hebt constant het gevoel dat je over je schouder moet kijken. Een teddybeer verandert in een hyena, en zelfs de tuin is niet veilig want daar zijn haaien. Wanneer Godijn uit zijn rol stapt en als auteur de pen opneemt lijkt het allemaal wel mee te vallen. Het was maar bedacht allemaal! Gek genoeg is ook dat bij Godijn geen echte geruststelling. Godijn schrijft romans – Hoe ik een beroemde Nederlander werd, haalde de shortlist van de AKO-literatuurprijs. Maar ook heeft hij zich ontwikkeld tot een van de belangrijkste en bijzondere hedendaagse dichters.  Uitgegeven bij Atlas/Contact, 64 blz, € 21,99.

 

Recent

27 maart 2017

Pulp of kunst

21 maart 2017

Intrigerende zwakheden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

02 april 2007

In Ik woonde in een grot wordt het leven een bedoeïenen gemeenschap in het Midden-Oosten op een zeer eigen wijze wordt belicht.

In Ik woonde in een grot wordt het leven een bedoeïenen gemeenschap in het Midden-Oosten op een zeer eigen wijze wordt belicht.

Een westerse vrouw, met Nederlandse wortels, wordt opgenomen in een subgemeenschap in het Islamitische Jordanië. Een verhaal dat een deel van het Midden-Oosten belicht op een manier die zeer welkom is in Nederland op dit moment. Niets van het nu heersende beeld van onderdrukte vrouwen in het Midden-Oosten. Maar een avontuurlijk levensverhaal over een vrouw die, door zichzelf te zijn en te blijven, met haar eigen karakter wordt opgenomen in de gemeenschap en daar een belangrijke rol speelt in de gezondheidsvoorziening.

Lees meer