14 oktober 2016

Onthullingen

Laatst vertelde een bekend schrijver op de radio dat zijn nieuwste boek ontstaan was uit verveling tijdens de zomervakantie. Hij had al zijn boeken uit, e-reader kapot. Toen herinnerde hij zich een anekdote over een filmactrice. Hij wilde eens kijken of hij daar geen verhaaltje van kon maken. En dat kon hij. De schrijver die altijd met uitgebreide schema’s werkte had binnen ‘No time’ 90 bladzijden geschreven. En het was goed ook, vond zijn vrouw. Het boek in kwestie lag in al zijn nieuwigheid op me te wachten, in zijn aantrekkelijke oranje cover waarop een vitale naakte vrouw in het luchtledige zweefde. Al luisterend naar hoe het in zijn werk was gegaan met dit boek, werd ik een soort ontluistering van de dingen gewaar. Een boek bevat geheimen waarvan zelfs de schrijver niet altijd weet hoe ze erin zijn gekomen.

Of dat niet genoeg was, werd vorige week de identiteit onthuld achter schrijver Elena Ferrante. Twintig jaar geheimhouding naar de knoppen. Ik heb de boeken gelezen en houd van de visie die ze haar personages heeft meegegeven. Of de schrijver het allemaal zelf beleefd of verzonnen heeft, het maakte me niet uit. Nu is dat opeens een ding geworden: mag een schrijver zich een cultuur toe-eigenen waar ze zelf geen deel van uitmaakt? Dat Ferrante een pseudoniem was, maakte de mythe compleet. Als lezer hoefde je nergens rekening mee te houden, er was alleen het verhaal dat voor je lag. Alleen voor jou.

Net als Frida Vogels, van De harde kern en later haar Dagboeken, die zich ook nooit inliet met de media. Toen Vogels in 1994 de Libris Literatuurprijs kreeg, kwam ze die niet zelf in ontvangst nemen. Als Ferrante de Nobelprijs voor de literatuur had gewonnen, zou ze die ook niet zelf in ontvangst hebben genomen. Daar ben ik van overtuigd. Ze leefde, net als Vogels in de beschutting van haar werk. En dat werd hogelijk gewaardeerd want het siert de schrijver die zich niet op zijn kunsten laat voorstaan. En wat het mooie is, een schrijver die niet bekend is in de media is helemaal voor jou alleen, je hoeft haar met niemand te delen. Nou ja, zo voelde dat dan.

Nu vroeg iemand me laatst of ik het was die wekelijks deze stukjes schrijft. Ze keek me daarbij, met grote, licht bollende ogen, verwachtingsvol aan. Het intimideerde me nogal. Alleen al omdat zij dacht dat ik het zou  kunnen zijn: een stukjesschrijver. Ik heb wel iets beters te doen, dacht ik. Maar zei niets omdat ik het ergens wel grappig vond. Maar ook ergerde het me dat ze niet kon bedenken dat ik echt wel wat anders te doen heb dan stukjes, die columns genoemd worden, te schrijven. Al was ik het wel  zou ik het niet zeggen.

Waar ik nu vurig op hoop, is dat nooit, maar dan ook nooit iemand het in zijn hoofd zal halen te onderzoeken wie het meisje is, dat Campert eens ‘op een tramhalte zag’.

 

 

Recent

21 juli 2017

Vast in het ijs

19 juli 2017

Kijk, lees en geniet!

17 juli 2017

Terug naar vroeger

10 juli 2017

Ongewone intensiteit

Literair Nederland - 10 jaar geleden

23 juli 2007

Waar heb ik die naam eerder gehoord?

Waar heb ik die naam eerder gehoord?

De debutant Het aantal debuten dat wordt uitgegeven, groeit als kool. Dit blijkt ook uit het bericht, dat vorige maand in Boekblad stond: ‘Literair agent Sebes kent succesvol eerste half jaar’. Wie geregeld een boekwinkel bezoekt, ziet op de presentatietafels vaak boeken van debutanten liggen. Eén ding hebben deze debutanten gemeen. Ze hebben allemaal hetzelfde lastige proces doorgemaakt: het vinden van een uitgeverij en alles wat daar bij komt kijken.

Lees meer