1 juni 2016

Onderweg

Door Els van Swol

In de Oude kerk in Amsterdam is nog tot 28 augustus de tentoonstelling Once in a lifetime te zien. Ik was bij de pers-presentatie waarbij de curator een kleine groep recensenten in vogelvlucht rondleidde. Bij elk werk rond het thema ‘leven en vergankelijkheid’ gaf ze een korte omschrijving.

Bij het ene werk wees ze op de overeenkomst met een mini-uitvoering van de toren van de Oude Kerk, bij het volgende keek ze naar boven, naar de gelijkenis van de eendensnavels met – zoals ze het noemde – de ‘toeters’ op het grafmonument van Van der Hulst. En bij twee vitrines met zeepjes wees ze naar beneden, naar de zerkenvloer, die er niet zo afgesleten en glanzend als de hotelzeepjes uit zagen.

Er werden aantekeningen gemaakt, vragen gesteld, en ondertussen vroeg ik me af of het de kunstenaars waren die de overeenkomsten hadden gezocht, of dat ze de curator waren opgevallen, of dat wij die er zelf in mochten leggen. Dat eerste kon lang niet in alle gevallen, want het werk van Borremans komt bijvoorbeeld uit het S.M.A.K. in Gent. Het laatste zou mooi zijn: de dialoog met de kunst aangaan.

Op The twilight of our heart van het kunstenaarsduo Muntean/Rosenblum, is  een desolate snelweg te zien met aan de horizon, onder een opentrekkend wolkendek, de skyline van een grote stad. De eenzaamheid als in Jack Kerouacs Onderweg spat ervan af. De curator omschreef de stijl van Muntean/Rosenblum als ‘pathetisch.’ Het boekje bij de tentoonstelling legt uit: pathos is het Griekse woord voor lijden of emotie. Een vergelijking met iets uit de omgeving in de kerk bleef uit. In plaats daarvan vermeldde ze dat tijdens de opening op deze plaats een ‘motet’ zal klinken van de renaissance-componist Cristóbal de Morales. Een motet is een compositie door meerdere zangers uitgevoerd, verklaarde het boekje.
Het komt mooi uit dat in de week na de opening van deze tentoonstelling het bekende vocaal ensemble Weser Renaissance door het hele land sacrale muziek van De Morales zingt, gewijd aan Maria. En ja, het klopt: zijn muziek was volgens de website van de organisator van dit kleine tournee ‘tijdens zijn leven al beroemd om de unieke muzikale expressie’ ervan. Over pathos gesproken.

Ik kijk nog eens naar The twilight of our heart en dan naar Lives were changed, ook van Muntean/Rosenblum. Hierop komt de jongerencultuur tevoorschijn die past in de sfeer die Kerouac al eind jaren vijftig van de vorige eeuw beschreef: een disco met dansende jongeren. En dan valt me op wat ik mis: op beide kunstwerken gaat geen van de afgebeelde personen een gesprek aan met een ander.
Toch was ik getuige van een gesprek. Niet tussen die schilderijen en iets anders aan de muur of op de grond, zoals de curator voorstond, maar tussen mij, dat schilderij en de muziek van De Morales. En ik besefte dat het dáár om gaat: je moet zelf een kunstwerk ‘af’ maken. Dan gaat kunst leven én kan het soms zelfs  je leven veranderen. Lives were changed, inderdaad. De titel zegt het al.

 

Recent

27 maart 2017

Pulp of kunst

Literair Nederland - 10 jaar geleden

02 april 2007

In Ik woonde in een grot wordt het leven een bedoeïenen gemeenschap in het Midden-Oosten op een zeer eigen wijze wordt belicht.

In Ik woonde in een grot wordt het leven een bedoeïenen gemeenschap in het Midden-Oosten op een zeer eigen wijze wordt belicht.

Een westerse vrouw, met Nederlandse wortels, wordt opgenomen in een subgemeenschap in het Islamitische Jordanië. Een verhaal dat een deel van het Midden-Oosten belicht op een manier die zeer welkom is in Nederland op dit moment. Niets van het nu heersende beeld van onderdrukte vrouwen in het Midden-Oosten. Maar een avontuurlijk levensverhaal over een vrouw die, door zichzelf te zijn en te blijven, met haar eigen karakter wordt opgenomen in de gemeenschap en daar een belangrijke rol speelt in de gezondheidsvoorziening.

Lees meer