‘Mooie dingen, allemaal mooie dingen’

door Stefan Ruiters

Wat wil je na je eigen dood? Herinnerd worden of niet? Een plek op aarde, in het hiernamaals? Ik weet het niet. Voor het eerst in mijn leven moest ik dagenlang denken aan een dode in zijn graf. Menno Wigman stierf veel te vroeg en bij zijn teraardebestelling mochten intimi, vrienden en aanwezigen een schep zand op de kist gooien. De plof van het zand op de kist deed mij huiveren. Ik ben weggelopen, kon er niet aan meedoen. Een dode begraven. Het was voor mij de eerste keer op Zorgvlied, de beroemde begraafplaats langs de Amstel, net buiten Amsterdam. Het liefst blijf ik ver weg van afscheidsrituelen. De laatste jaren stierven nogal wat bekenden, mannen van rond de 50 jaar. Zelfmoord of het leven van de bohémien verhinderden het tweede deel van het leven. Een vriend vertelde me de namen van dichters, schrijvers, uitgevers, kunstenaars die er liggen. De begraafplaats bleef een begraafplaats. Doden blijven doden en komen tot ons in onze gedachten.

Menno heeft zijn plek zeer verdiend met schitterende gedichten. Vanaf zijn eerste bundel heb ik hem gelezen, hij droeg ook wel eens voor in onze winkel in de Hartenstraat begin 2000. Dat was na zijn tweede bundel, Zwart als kaviaar. Onlangs kocht ik bij de onvolprezen bibliofiele boekwinkel Minotaurus een prachtige uitgave van Wigmans poëzie. Drie gedichten zonder weerbeschrijving uitgegeven in 2016 door Hinderickx & Winderickx in een oplage van 65 genummerde exemplaren. Het is de opmaat tot zijn laatste dichtbundel Slordig met geluk. Een donkere bundel – ‘Waarom, mijn lichaam, was je mij zo weinig waard?’, maar aan het eind schreef hij toch een lichter gedicht die, zoals de dichter Pieter Boskma op Wigmans begrafenis memoreerde, wellicht de opmaat was geweest naar een minder duister levensgevoel:

Mooie dingen, allemaal mooie dingen: je hand die voor het eerst een kattenvacht streelt, je moeder die bezorgd je knie verbindt, zes moegedraafde paarden in de zon, het onweer waar augustus mee begon, Diana’s hand die naar je broek afgleed, haar lichaam waar je blind de weg in vond, de kleur van een kwatrijn van J.C. Bloem, Nick Cave die dwars door Paradiso zong, een woord als moerbei, huisraad, ravelijn, de vondst van een nog net niet schurftig rijm:- mooie dingen, allemaal mooie dingen, zoals de treinen waarop ik gezoend heb, het zachte golven van een dranklokaal, een meisjeskamer die naar adel geurt, het wonder dat geen dag zich ooit herhaalt, o mooie dingen en mijn mond benoemt het voor ik me met het domme zwart verzoend heb.

Het gedicht is getiteld Oneindig wakker. Laten wij leven om te blijven lezen, de poëzie verdient dat, wij verdienen de poëzie.

 


Stefan Ruiters  begon ooit zijn eigen tweedehands boekhandel, JOOT (Just Out Of Time). Eerst in de Amsterdamse binnenstad, vanaf 2014 als webshop. Boeken inkopen is voor hem een van de fascinerendste facetten van het boekenvak. Hij schrijft over dingen in de literatuur en de kunst die hem raken.

Recent

19 september 2018

Omdenken in optima forma

14 september 2018

Een meer van wanhoop

Literair Nederland - 10 jaar geleden

03 oktober 2008

Niet overtuigend maar wel sterk in het laatste deel
Recensie door Menno Hartman

Coen Peppelenbos debuteerde onlangs met de roman Victorie, een roman in drie delen. In het eerste deel wordt Merijn – broer van de hoofdpersoon – gevolgd nadat bekend is geworden dat de hoofdpersoon, Victor, dood is.

Het tweede deel van de roman gaat over Sarah. We volgen er de gedachten van een leraar Engels, die in zijn huis dit meisje vasthoudt, het vriendinnetje van Merijn en waarin duidelijk wordt dat deze Ten Haaf, Merijn gedood heeft door een grote steen naar hem te gooien, nadat hij hem met een camera had gezien.

Lees meer