9 juni 2016

Louis Lehmann worden

Door Inge Meijer

Alles speelt zich af in het hoofd, is imaginair. Ook dat ik honderden vrienden heb die allemaal aan leuke projecten werken. In het echt moet ik opletten die imaginaire vrienden niet als echte vrienden te bejegenen. Laatst gebeurde het dat ik tijdens een jubileum in een van de bekendste boekhandels van Amsterdam verschillende imaginaire vrienden tegenkwam. Ik zag een schrijver, ik kende zijn blogs. Nadat ik eens op een van zijn blogs had gereageerd, werd hij volger van mijn twitteraccount en ik van zijn twittteraccount. Want zo gaat dat. De schrijver stond met een bier in zijn hand vlak bij me. Hij keek me even aan en toen schudden we handen (ik geloof dat ik mijn hand opdrong) en ik sprak vaag: ‘We kennen elkaar niet maar eigenlijk wel. Ja, gek hé, zei ik nog. We volgen elkaar op Twitter. ‘Ah’, glimlachte de schrijver en knikte en bleef knikken terwijl zijn glimlach verkrampte en ik me uit de voeten maakte zonder gezegd te hebben wie ik was.

En ik dacht: Kon ik maar een Louis Lehmann worden. De dichter en tekenaar die ook choreograaf en componist, zanger, danser, scheepsarcheoloog en musicus was en jurist en vertaler en prozaïst en collagist. De man die alles kon maar bovenal magistraal improviseren. Naar die man luisterde ik in de jaren negentig als hij zijn praatje over muziek of zangers of componisten hield bij de VPRO-radio. Met een stem die altijd wat haperend maar zo aandachtig klonk. Alsof het te bespreken onderwerp hem zojuist op een A4tje was toegeschoven en hij er kost wat kost wat van maken moest en er geen moment van stilte mocht vallen. Hoorbaar onderzocht hij zijn geest als zocht hij naar dat ene feitelijke gegeven tussen duizenden ongeordende informatie. Hij werkte zich al pratende naar de uitgang toe. Vond in zijn hoofd altijd wat hij zocht, ondanks het stamelen of het opnieuw beginnen van een zin nadat die in aanvang gesneuveld was. Altijd kwam het juiste boven.

Louis Lehmann overleed in 2012 op tweeënnegentig jarige leeftijd. In 2014 werd een dubbelnummer (4/5/) van De Parelduiker gewijd aan zijn leven en werk. Een prachtige editie. Daarin vertelt Wim Noordhoek de anekdote dat Lehmann, toen hij een psychiater consulteerde en die hem vroeg naar zijn ouders, er alleen maar vier lettergrepige woorden uit zijn mond kwamen. Nietsbetekenende vier lettergrepige woorden. Het werd een tic en ze kwamen op ongelegen momenten tijdens gesprekken zijn mond uit. Ten slotte tikte hij ze uit om ervan af te komen.

Het leek me een vergevingsgezinde man. Een man die van zijn eigen onaffe gedichten zegt: ‘Hee… heb ik dit geschreven. Merkwaardig.’, moet wel vergevingsgezind zijn. Als ik dan Lehmann ben geworden, dan zou ik zoiets gezegd kunnen hebben als: ‘Ik heb nooit kunnen inzien waarom de maan iets poëtisch zou zijn.’ (Want zulke dingen zei Lehmann.) En dan zou de schrijver zeggen: ‘Nee, nu je het zegt. Ik ook niet.’

 

Luister naar enkele van zijn radiomomenten op: www.louislehmann.nl/werk.

 

Recent

25 juli 2017

Een Limburgse Rémi

21 juli 2017

Vast in het ijs

19 juli 2017

Kijk, lees en geniet!

17 juli 2017

Terug naar vroeger

Literair Nederland - 10 jaar geleden

30 juli 2007

De twaalfjarige Alice Winston woont met haar ouders in een afgelegen huis in Desert Valley. Haar moeder is na de geboorte van Alice in bed gekorpen en komt er zelden meer uit. Haar vader probeert met veel pijn en moeite een paardenfokkerij draaiende te houden. Zus Nona, de lieveling van haar vader, is er een half jaar geleden vandoor gegaan met een rodeorijder.

Alice is een stil en teruggetrokken meisje, erg eenzaam ook, ze heeft geen vriendinnen. Ze mist haar zus verschrikkelijk.

"Ik wilde Valerie vertellen dat mijn zus ons niet belde, dat ze haast nooit schreef, dat ik me 's nachts in de stille donkere uren probeerde voor te stellen wat er in haar leven gebeurde, wat er zo opwindend en belangrijk was dat ze ons helemaal vergat en ons door het leven liet zwalken zonder haar."

Lees meer