30 oktober 2014

Jack London piraat minnaar schrijver en genie – Hans Dütting

Biografie over ‘ongepolijste’ schrijver

 

Er zijn verschillende biografieën verschenen over de Amerikaanse schrijver Jack London (1876-1916); hieraan heeft onze landgenoot Hans Dütting (1947) er in 2014 eentje toegevoegd onder de simpele titel: Jack London.

Dütting heeft meerdere biografieën geschreven, o.a. over Jan Cremer; hij was tot zijn pensionering als medewerker verbonden aan het Letterkundig Museum in Den Haag. De werkwijze van de biograaf is als volgt. Hij opent met een chronologie van het leven van Jack London. Op zich niets bijzonders, dat doen wel meer biografen. Maar Dütting doet dat heel strikt – jaartalsgewijs – bovendien vermeldt hij per jaartal diverse belangrijke gebeurtenissen.

Voorbeelden: 1882: Jack London bezoekt de lagere school. De schrijver Robert Louis Stevenson publiceert Treasure Island. 1890: Jack maakt zijn school af en gaat werken in een conservenfabriek waar zalm wordt ingeblikt. Vincent van Gogh pleegt zelfmoord. 1896: Jack verlaat de middelbare school en wordt toegelaten tot de universiteit van Californie. Theodor Herzl publiceert zijn boek Der Judenstat, de aanzet tot het georganiseerde Zionisme.

De vroege jeugd van Jack verloopt – evenals de rest van zijn korte leven – stormachtig en avontuurlijk. Essentieel, al in zijn lagere schooltijd, is dat hij wordt gegrepen door de literatuur, mede onder invloed van de bibliothecaresse en dichteres Ina Coolbrith. Zijn hartstocht voor boeken laat hem nooit meer los. En vanaf zijn middelbare schooltijd (1895 in Oakland, Californië) publiceert hij korte verhalen en artikelen, al verloopt dat proces aanvankelijk moeizaam en zonder noemenswaardige inkomsten. Hij heeft dan al (in 1893) een carrière als matroos achter de rug aan boord van een schoener, die via o.a. Hawaï de Beringzee bezoekt. Terug in Californië werkt hij in een jutefabriek. Hij krijgt in een wedstrijd voor jonge schrijvers de eerste prijs (25 dollar) voor zijn verhaal ‘Story of a Tyfoon off the Cost of Japan’.

In 1896, dus op 20-jarige leeftijd, sluit hij zich aan bij de Socialist Labor Party. Voor deze partij stelt hij zich tweemaal kandidaat voor het burgemeesterschap van Oakland, doch beide keren tevergeefs.

Het jaar daarop verlaat hij de universiteit en besluit hij zich volledig aan de literatuur te wijden. In hetzelfde jaar wordt bekend, dat er in Klondike, in het uiterste noorden van Canada, goud is gevonden en dus vertrekt de avontuurlijke London naar Klondike. Maar veel goud vindt hij daar niet en terug in Oakland verkoopt hij zijn schamele hoeveelheid goud voor 4 dollar 50! In deze periode doet hij in gesprekken in kroegen inspiratie op voor zijn bestseller The Call of the Wild. Het boek werd aanvankelijk – in 1903 – als feuilleton in de Saterday Evening Post gepubliceerd. Toen het in boekvorm verscheen verkocht London de rechten – uit geldnood – voor 2000 dollar aan de uitgever. Daarna werden er miljoenen exemplaren van verkocht! Het boek is altijd in druk gebleven. Het werd een klassieker, die tot op de huidige dag op Amerikaanse middelbare scholen verplichte literatuur is. Er verschenen meer dan 60 vertalingen. In het Nederlands onder de titel: Als de natuur roept.

Het succes van het boek kan worden verklaard door een ongewone opzet: de goudkoorts wordt gezien door de ogen van Buck, een sledehond. De goudzoekers in dat onherbergzame gebied kregen te maken met een verschrikkelijk klimaat, waarin sledehonden uiterst waardevol waren. De gokverslaafde baas van Buck verkoopt de hond aan weinig zachtzinnige hondentrainers, die hem met knuppels africhten om hem daarna naar het koude noorden te sturen. Hier komt de sledehond in opstand en weigert verdere diensten. Een goudzoeker ontfermt zich over hem; de instincten van zijn voorouders worden geleidelijk, tijdens lange tochten door het woud, sterker en wanneer zijn baas door Indianen is vermoord, geeft hij toe aan een lokroep: hij sluit zich aan bij een troep wolven. Maar toch: een keer per jaar keert hij terug naar de plaatst waar zijn baas werd vermoord. En nog eenmaal huilt hij daar heel hard als eerbetoon aan een goede baas. Het gigantische succes van Call of the Wild vestigde Londons naam als schrijver.

Hij heeft er zijn leven ook alleszins naar ingericht: hij werd een uitermate productieve auteur, die in tijdschriften en boeken – 50 stuks maar liefst, terwijl de auteur maar 40 jaar oud werd – zijn mening weergaf over uiteenlopende onderwerpen als inkomensproblemen, carrièremogelijkheden, onderwijs, cultuur/religie/moraal van andere volken, liefdadigheid, huwelijksproblemen en echtscheiding. Dit laatste aspect kende de auteur uit persoonlijk ervaring: nadat hij op 24-jarige leeftijd trouwde met Elisabeth Maddern (‘Bess’) bij wie hij al gauw twee dochters kreeg, werd hij drie jaar later weer verliefd op zijn vroegere vriendin Charmian Kittredge, scheidde van zijn vrouw en trouwde met zijn vriendin, die tot zijn dood bij hem bleef. Van de talloze boeken die London schreef mogen er enkele niet onbesproken blijven. Met The Sea-Wolff (1904) sloot hij zich aan bij een aantal schrijvers van zeeverhalen als Edgar Allan Poe en Herman Melville.

In 1908 schreef de oude socialist in hem het boek The Iron Heel, een vernietigende aanklacht tegen het kapitalisme van zijn tijd en tevens een belangrijke bijdrage aan de ophanden zijnde economische revolutie. De kringen, die in hem – terecht-  het grote literaire talent van Californië zagen deden zijn  socialistische theorieën graag af als een gril van voorbijgaande aard. Maar dat deed niets af aan het feit dat hij – in het kader van de klassenstrijd – ook waarschuwde voor de gevaren van het fascisme. Het begin van de 20ste eeuw liet dat in zekere zin al zien.

In het voorjaar van 1913 was Jack London de bekendste en best betaalde schrijver ter wereld maar in weerwil van zijn verbluffende literaire productie kende de schrijver periodes van zwaarmoedigheid. Hij twijfelde dan aan zijn werk, aan het socialisme, aan de ranch die hij had laten bouwen, aan zijn vrienden, aan zijn met verve verdedigde recht op zelfmoord etc. Tijdens deze depressies, die hij voor iedereen verborgen probeerde te houden, dronk hij enorm veel, schold hij met dikke tong en zocht hij ruzie. Maar hij zou zichzelf niet zijn geweest als hij dit niet zou hebben opgeschreven en dat leverde de autobiografisch roman John Barleycorn op. Het werd een klassieker over het alcoholisme, zelfs zodanig dat het een van de leidende factoren werd waardoor in 1919 in de VS het algehele alcoholverbod tot stand kwam, de zogenaamde drooglegging.

In zijn laatste roman The Star Rover (1915) beschrijft London de ervaring van iemand die in een beruchte eigentijdse gevangenis was gemarteld. Er werd een beeld geschetst van het verschrikkelijke leven, zoals ooit beleefd door een ex-gevangene, die daarbij hallucinaties kreeg over dramatische episodes uit een verre geschiedenis. Deze verschillende periodes van het verleden boden de schrijver de gelegenheid om kritiek uit te oefenen op leven en moraal van de eigentijdse maatschappij.

Jack London overleed op 22 november 1916. Zijn dood schokte de VS én Europa. Omdat bewezen werd, dat hij kort vóór zijn overlijden morfine had gebruikt houden veel van zijn biografen het op een zelfmoord door een overdosis. Maar de betrouwbaarsten onder hen, waaronder één van zijn dochters achtten dat onwaarschijnlijk. Hij zat namelijk tot zéér kort voor zijn dood vol enthousiaste plannen voor nieuwe boeken, reizen en het kopen van uitbreidingsgrond voor zijn ranch. Men houdt het meer op uremie als doodsoorzaak, een gevolg van nierfalen. Biograaf Hans Dütting sluit zich hierbij aan. Hij concludeerde in zijn biografie terecht, dat toen later geraffineerder en meer gepolijste schrijftechnieken in zwang kwamen er voor een ‘ongepolijste’ schrijver als Jack London altijd een plaats zal blijven bestaan; zijn werk blijft springlevend.

 

Jack London piraat minnaar schrijver en genie
Hans Dütting
Verschenen bij: Aspekt B.V., Uitgeverij
ISBN: 9789461533715
312 pagina's
Prijs: € 24,95

Meer van :

20 oktober 2017

Soepel een licht vallende poëzie

Over 'Wax Hollandais' van Abdelkader Benali
18 oktober 2017

‘Een luchtig sprookje’

Over 'Waterscheerling' van Rascha Peper
17 oktober 2017

Van poldercrimineel tot godfather in Frankrijk

Over 'Ondijk/Punt' van Barry Smit

Recent

16 oktober 2017

Nooit meer los van Indië

Over 'De Tanimbar-legende' van Aya Zikken
13 oktober 2017

Leven zonder moeder

Over 'Het intieme vreemde' van Jente Jong
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
11 oktober 2017

De stijl tekent de man

Over 'Mijn grote appartement' van Christian Oster
10 oktober 2017

Eindeloos gepieker

Over 'Parttime astronaut' van Renée van Marissing

Verwant