10 juli 2008

Interview Arthur Japin

Vanaf Tweede Pinksterdag 2004 was de Libris-literatuurprijswinnaar 2004 Arthur Japin een week te gast in onze interviewrubriek. Arthur Japin is (over de hele wereld) bekend geworden met zijn roman De zwarte met het witte hart. Ietwat ondergewaardeerd zijn zijn verhalenbundels, vooral De vierde wand. Japin schrijft niet alleen proza: hij maakt poëzie, schrijft liedteksten (voor Astrid Seriese bijvoorbeeld), maakt scenario’s (o.a. Magonia voor de regisseur Ineke Smits), schrijft libretto’s, maakt verre reizen. Kortom van Een schitterend gebrek tot de Magonische verhalen: vraag wat je wilt.


Coen:
Dag Arthur,

Allereerst welkom op ons forum en nog van harte gefeliciteerd met de Libris-prijs. Ik heb misschien een wat rare vraag. Vorig jaar heb je met een aantal schrijvers (waaronder Michel Faber) opgesloten gezeten om The Global Novel te schrijven. Is dat al in het Nederlands vertaald?


BartTemme:
Beste Arthur,

Hoewel je pas vanaf morgen elke dag inlogt, wil ik toch alvast mijn vraag voor jou op dit forum plaatsen. Maar eerst wil ik je feliciteren met de Libris literatuurprijs 2004. Ik heb ontzettend genoten van Een schitterend gebrek.

Mijn vraag zal dan ook over dit boek gaan. Ik zou namelijk graag willen weten hoelang je met dit boek bezig ben geweest (research en schrijven). Heb je veel research moeten verrichten voor dit boek of had je de kennis al? Heb je bij voorbeeld de complete memoires van Casanova gelezen voordat je bent gaan schrijven?


Arthur Japin:
Beste Bart,

Lang, misschien wel 20 jaar geleden, vielen me de passages over Lucia op in Casanova’s memoires. Ik schreef toen niet of nauwelijks, maar het gegeven bleef rondzingen. Ken je dat fenomeen dat je ineens ergens een woord leest dat je nog nooit gelezen hebt en kort daarop hoor je het ineens door allerlei mensen gebruikt worden? Daar moet je het mee vergelijken: je bent op iets gestuit en ineens lijken allerlei zaken in je omgeving daar mee te maken te hebben. Zo verzamel je in de loop van de jaren als vanzelf de meest uiteenlopende gegevens die van doen hebben met het onderwerp dat je fascineert. Daarna, ik denk begin jaren ’90, heb ik eens een hoorspel geschreven waaraan hetzelfde verhaal ten grondslag lag. Dat zou je dus al een vingeroefening voor het boek kunnen noemen. Tenslotte, als het menens wordt en je zeker weet dat je er meer mee wilt, ga je serieus onderzoeken of er meer te vinden is. Dat was in Lucia’s geval aanzienlijk minder dan bij Kwasi en Kwame, de hoofdpersonen van De Zwarte met het Witte Hart. Zij waren hier op uitnodiging van de overheid die alles goed bijhield, maar Lucia is natuurlijk maar een voetnoot bij de geschiedenis. Er was het een en ander, maar niet genoeg voor een heel boek. Wat je dan doet (of in elk geval wat ik doe) is zorgen dat alle voorwaarden kloppen, d.w.z. dat alles in Lucia’s omgeving zoveel mogelijk klopt. Daarna is het een kwestie van verregaande inleving. Bij mijn eerste roman is me gebleken dat het zodoende ook heel goed mogelijk is om de waarheid te verzinnen. Er zijn talloze voorbeelden van dingen die ik toen, door me met Kwasi te identificeren, verzonnen heb, maar die later waren bleken te zijn geweest. Bij dat scheppen van de omgeving stuit je dan vaak weer op geweldige zaken waar je geen weet van had, maar die perfect in je verhaal passen: zoals die groep femmes savantes in Bologna, de lessen in anatomie in de oude Waag of de strenge vervolging van Joodse hoerenlopers. Kortom: twintig jaar alles in je opslaan dat met je verhaal te maken heeft, twee jaar gericht zoeken en een jaar of anderhalf alleen maar schrijven. Gelukkig weet je op het moment dat een verhaal je grijpt niet dat het zoveel jaar gaat duren. Zo’n moment had ik vorige week in Texas: je hoort iets over een historische figuur en je staat als aan de grond genageld. Je leest wat over hem en je kunt niet geloven dat niemand er eerder iets mee gedaan heeft. Nu stop ik, want anders wil je weten wat het is en dat vertel ik niet! Dat zie je over 20 jaar wel.

Groet, Arthur


Arthur Japin:
Beste Coen,

Het is in Griekenland verschenen bij Kastaniotis, mijn vaste Griekse uitgever, in een grieks dagblad en ik meen dat het nu tot de opening van de Spelen in Athene per hoofdstuk op een literaire site verschijnt, maar van de vertalingen heb ik niets gehoord. Die vertalingen bestaan wel, want die zijn, vrijwel simultaan gemaakt, in elf talen. Ik zeg er wel bij dat -waarschijnlijk door de haast – die vertalingen niet altijd even goed zijn. Ik denk dat ze nog wel te lezen zijn op www.globalnovel.com. Het is de bedoeling (in elk geval van Kastaniotis) dat het boek uiteindelijk in alle elf talen verschijnt, liefst in alle twaalf landen bij de uitgevers van alle 14 auteurs, maar mij lijkt dat wat optimistisch. In ieder geval was het voor mij de enige mogelijkheid eens in mijn leven officieel deel uit te maken van de Olympische Spelen.

Groet, Arthur


Bart Temme:
Arthur,

Bedankt voor je antwoord! Wel jammer dat je niet meer kunt vertellen over dat nieuwe verhaal. Spontaan komt er een nieuwe vraag bij mij op. Op dit forum heb ik de volgende vraag aan de leden gesteld: Wie is volgens jou de grootste schrijver (binnenland – buitenland)? Deze vraag zou ik jou ook graag willen voorleggen.


Coen:
Beste Arthur,

Dank voor je antwoord. De link doet het niet meer (ook niet meer op je eigen site maar via Google vond ik deze site waar ook jouw bijdragen op staan. Als geen enkele uitgever het wil uitgeven, weet ik nog wel een klein uitgevertje in het Noorden van het land.


Arthur Japin:
Ik ben zelf 1 meter 92, maar Joost Zwagerman en Adriaan van Dis zijn niet kleiner.


Coen:
Dag Arthur,

Even een vraag over het nominatiesysteem.  Al eerder (met De zwarte met het witte hart) was jij genomineerd voor een prijs. Ervaar je zo’n nominatieronde als iets stimulerends of als iets kwellends. Je ziet de laatste jaren steeds meer schrijvers die zich niet willen ‘lenen’ voor deze grote commerciële prijzen. Denk je dat die nominaties effect hebben op lezers, kopers, ook als de genomineerde niet wint?


Bernadet:
Dag Arthur,

De laatste tijd worden er weer pogingen gedaan om boekenprogramma’s te maken.

Als jij zo’n programma zou mogen maken wat zou er dan absoluut niet in mogen ontbreken en wat zou je echt NIET willen bespreken?


Arthur Japin:
Beste Bart, Nog even over dat nieuwe gegeven it Texas. Het heeft met de Indianen te maken enhet oude Westen, iets dat me nooit eerder aangetrokken heeft. Ik heb nog nooti een western uit kunnen kijken, maar als bij donderslag begon het voor me te leven. Overigens zijn de ware feiten hier zo enorm melodramatisch dat het mijns inziens alleen maar een opera kan worden. In een roman zou niemand de waarheid willen geloven. Maar ja, van De Zwarte met het Wite Hart dacht ik eerst ook dat het een opera moest worden. Dat gebeurt trouwens nu alsnog. Het libretto heb ik net af en de componist is bezig. Nu maar hopen dat ik nog eens een componist zo gek zal krijgen.

Groet, Arthur


ArthurJapin:
Beste Bernadet,

Ik heb het er vaak met vrienden (Oscar van den Boogaard, Mieke van der Weij) over gehad: hoe zou je zo’n programma nou pakkend kunnen maken? Vanouds heb ik nogal wat televisie- en camera ervaring (als acteur), ongetwijfeld meer dan andere Nederlandse schrijvers en ik kan vast zo’n programma leuk aan elkaar praten, maar inderdaad wat behandel je dan wel en wat niet? Wat niet is simpel: in elk geval GEEN recensies. Schrijvers die boeken van andere schrijvers bespreken belanden in een neerwaatrste spiraal waar ze zelden nog uitkomen. Dat dus niet; wat wel? Misschien wil ik in elk programma wel een portret van de partner van een schrijver laten zien. Zou dat niet aardig zijn? Het heeft niets met het werk van de schrijver te maken, maar hij gaat er wel door leven voor de lezers, zodat ze zijn boeken kopen. En dan kunnen de lezers die vervolgens zelf wel beoordelen, dat hoeven wij niet voor ze te doen. Ja, de partner van de schrijver: hoe hebben ze lief, hoe lijden zij onder die enorme ego’s en hoe houden zij vol? Hebben ze zelf ooit tot inspiratie gediend en hoe vinden ze het dat hun partner aan de haal gaat met de ideeen die zij onder het boodschappen doen hebben geopperd? Zijn ze jaloers op de personages in het hoofd van hun schrijvende vriend(in)? ach, ik bedenk maar wat terplekke. Misschien moet het ook wel intiemer: hoe zijn ze in bed, vastgeroest of inventief? In welke mate we de schrijver in actie tonen kunnen we af laten hangen van de zendgemachtigde die nu geinteresseerd raakt.


Arthur Japin:
Beste Coen,

Er bestaat geen enkel bezwaar tegen je te lenen voor grote commerciele prijzen, zolang je ze maar wint. Wie verliest en toch al die moeite heeft moeten doen en jaloezie heeft moeten verdragen is enigszins de pineut, dat is waar. Toch heeft zijn genomineerde boek ondertussen heel veel extra aandacht gekregen, dus zo erg is het nu ook weer niet.

Waar ik niet van houd, is dat spel met de geheimhouding. Dat is voor iedereen misschien leuk, maar voor de schrijvers absoluut niet. Er is werkelijk niets aan om naar zo’n uitreiking te gaan zonder zekerheid. Tot nog toe heb ik die bijna altijd vantevoren weten te krijgen. Ik vind het niet erg om voor het oog van de camera’s (een keer) te verliezen, maar dan wil ik het wel vantevoren weten. Ook zo’n uitreiking is toch gewoon werk en in die zin ben ik misschien nog erg een acteur die vantevoren wil weten welke reactie de regisseur van hem verwacht. Ik zit daar ook altijd nuchter, net als vroeger voor een optreden, en pas na afloop, als de camera’s weg zijn en het publiek tevreden naar huis, sta ik mezelf een glaasje toe. Mijn suggestie: vertel de uitslag aan alle genomineerden en dwing ze tot geheimhouding t.o.v. derden. Klaar, geen valse spanningen meer. en voor de kijker die daar plezier in schept (maar waarom zou hij?) blijft de uitslag tot op het laatste moment een verrassing.

Kortom: elke bekroning, ook een nominatie, is een eer en genomineerd zijn helpt soms meer dan winnen, zoals ik heb ervaren in ’97 bij de Generale Bank Prijs. Ik kreeg hem voor De Zwarte met het Witte Hart niet, maar de verkoop kwam opgang en is tot op de dag van vandaag niet gestopt.


Bernadet:
Beste Arthur,

Ja hoe houden die partners het vol! (grapje)

Dat zou wel een idee zijn. Zelf lees ik ook altijd graag over de schrijver zelf, heb er hele discussies over gehad in hoeverre je dat beinvloedt bij het lezen van zijn/haar boeken.

Mij beinvloedt het zowel positief als negatief.

Nog een vraag: Vorig jaar was The Big Read in Engeland. De Engelsen konden bepalen wat zij het beste boek ooit vonden. Hoe sta jij tegenover zo’n verkiezing? Positief omdat het lezen promoot of vind je dat het eigenlijk een verkapte commerciële actie is?


Coen:
Beste Arthur,

Zou jouw partner meewerken aan zo’n programma? Kan hij alvast niet deze vragen hier beantwoorden? :-)


Marjo:
Beste Arthur,

De boeken die je schrijft zijn gebaseerd op een feit uit de geschiedenis. Een waar feit uitgesponnen tot een roman. Het lijkt een populair genre te zijn geworden. Hoewel ik ze graag lees heb ik er toch ook een probleem mee. Als lezer weet je niet waar de grens tussen fictie en non-fictie ligt.

En ik zou dat graag willen weten. En waar de schrijver twijfelt. Een nawoord moet toch mogelijk zijn?

Hoe denk je daarover?


Arthur Japin:
Beste Coen,

Ik denk het wel. Hoe langer ik erover nadenk, hoe aantrekkelijker deze ingang tot de literatuur mij lijkt. Lezen zou plots heel populair kunnen worden op scholen.


Arthur Japin
: Beste Marjo,

Er zijn twee antwoorden mogelijk en daarmee ook twee houdingen waarmee je zo’n historische roman zou kunnen benaderen:

A: Alles is waar. Dat is zo. Voor mij zeker. Als ik niet zou geloven dat wat ik opshcrijf de volledige waarheid is zou ik het niet kunnen. Dat geldt ook voor alles wat ik uit mijn duim zuig. Op het moment dat ik dat doe, is het waar, want mijn karakter bedenkt het voor me. Als daar die uitgebreide voorbereiding en inleving aan vooraf is gegaan, die ik vandaag elders op dit forum heb beschreven, dan hoeft er geen twijfel te bestaan, bij de lezer, noch bij mij.

B: Alles is verzonnen. Dat mag je van mij ook geloven, zelfs bij alles wat waar gebeurd is. Dan lees je het verhaal puur als een roman en net als bij andere romans schort je dan je ongeloof over bepaalde zaken eventjes op. Als het een goed boek is, blijft het overeind en blijft het je boeien. Vaak geldt overigens juist voor de meest waanzinnige details dat ze waar zijn. Het leven biedt je feiten die je niet zou durven gebruiken in een verhaal dat fantasie is.

Dit alles heb ik ook moeten ontdekken. De Zwarte met het witte hart ben ik tweemaal begonnen. Eerst in een overmoedige bui na wat onderzoek. Binnen enkele weken begon ik me echter te schamen. Ik dacht: dit zijn echte mensen en wie ben ik om te zeggen wat ze dachten of waar ze zich bevonden als ik daar niet helemaal zeker van ben. Toen ben ik meer onderzoek gaan doen met het idee het verhaal dan maar te vertellen door me enkel aan de feiten te houden. Daar gingen jaren overheen. Toen ik eindelijk weer ging zitten (met al die kennis in mijn kop over Kwasi en Kwame) gebeurde er iets wonderlijks. Wanneer ik bij een hiaat in hun geschiedenis aankwam en ik me afvroeg wat daar nu toch gebeurd kon zijn, gaf een stem eenvoudigweg antwoord. Ik weet heel goed dat dat mijn eigen stem was, samengesteld uit mijn begrip van zaken en mijn kennis van KWasi en KWame’s karakters en levensloop, maar toch was het bijna iets buiten mezelf. Iets waarop ik kon vertrouwen, een onnavolgbaar mechanisme, dat me toch in de loop der jaren merkwaardig heeft geholpen de waarheid te voorspellen. Dat gaf me de moed hun verhaal toch als roman te vertellen, vooral omdat ik IN hun hoofden wilde kunnen kijken om werkelijk te kunnen begrijpen wat ze doorstaan moesten hebben.

Tenslotte nog een derde antwoord, misschien het enig juiste, antwoord C: Ik wil eigenlijk niet dat je iets over de geschiedenis te weten komt, maar ik wil dat de lezer iets over mij ontdekt naar aanleiding van de geschiedenis die ik vertel. En dat gebeurt. Onherroepelijk. Zonder dat je het ooit zult merken of zult kunnen aanwijzen.

Groet,

Arthur


Arthur Japin:
Beste Bernadet,

Ik heb niets tegen commerciele acties, verkapt of niet, want ik moet ook eten. Maar zulke verkiezingen, zoals we nu de Grootste Nederlander aller tijden krijgen met daarbij DJ Tiesto en Fanny Blankers Coen als concurrenten van Erasmus, daar word ik toch niet gelukkiger van. Als je van de kandidaten stelt dat ze tenminste 100 jaar dood moeten zijn, dan zou de uitkomst in elk geval iets vertellen over de huidige stand van zaken: wie worden er nog gelezen (Niemand) en wie niet (alle dode schrijvers). Maar als iedereen die vandaag de dag de pen ter hand neemt in aanmerking mag komen krijg je, gezien de -zeer tijdelijke – invloed van de media een totaal vertekend beeld. Om te zien welke hedendaagse schrijver populair is bij lezers hebben we in november de NS Publieksprijs (STEM OP MIJ!) Ook daar is het gezelschap heel uiteenlopend, maar in elk geval een weerslag van wat er dit jaar het meest gelezen is. Dus: The big read: als spelletje aardig, maar meer niet.

Groet, Arthur


Bernadet:
Beste Arthur,

Wat ik me vaak afvraag is hoe het komt dat bepaalde boeken enorm gepushed worden terwijl andere, soms betere, boeken totaal die aandacht niet krijgen. Af en toe vind je ineens juweeltjes die totaal geen publiciteit hebben gekregen.

Moet je als schrijver zelf je boek promoten en overal je gezicht laten zien om naamsbekendheid te krijgen en/of je boeken te verkopen of is dat afhankelijk van de uitgever?

Bernadet


Arthur Japin:
Beste Bernadet,

Daarbij spelen heel veel factoren een rol. Ten eerste heeft een grote uitgeverij veel meer geld voor promotie dan een kleine. Vervolgens kan er in een schrijver die beter verkoopt meer worden geinvesteerd (omdat zich dat terug verdient) Dan zijn er bepaalde schrijvers die direct zullen worden besproken in een krant en andere die minder nieuwswaarde hebben komen dan later of zelfs helemaal niet aan de beurt. Het aanbod is ook zo groot. Zelf hoef je als schrijver niet veel te doen, al is het verstandiger interviews te geven dan je te verschuilen. Een wasmiddel dat onderop de schap staat wordt minder goed verkocht, maar daarom kan het nog wel schoon wassen.

Blijf dus vooral juweeltjes zelf ontdekken, want ook de mooiste boeken kunnen onontdekt en ondergewaardeerd blijven of na korte tijd alweer zijn vergeten.

Groet, Arthur


Bart Temme:
Beste Arthur,

Voor welk boekenweekthema zou jij graag het geschenk willen schrijven en waarom?


Coen:
ik gok erop dat Arthur ‘liefde’ antwoordt. Overigens hoeft de schrijver van het geschenk zich niet houden aan het thema.


Bernadet:
Ik snap wel dat in schrijvers die beter verkopen meer wordt geinvesteerd en ook dat de ene schrijver een grotere nieuwswaarde heeft dan de andere maar mij gaat het er meer om hoe dat gaat voordat je nieuwswaarde hebt. Sommige debutanten worden gepromoot als DE ontdekking. (Wat bij mij af en toe overkomt als iets door je strot geduwd krijgen.)

Hoe doe je dat als schrijver om onder de aandacht te komen. Het begint natuurlijk al bij de uitgever, maar je moet toch erg overtuigt zijn van je eigen werk wil je het al naar een uitgever sturen. En hoe krijg je het dan voor elkaar dat ze het inderdaad willen pushen. (ik snap ook wel dat heel slecht werk niet gepushed wordt) het zal toch ook aan de schrijver zelf liggen, die zal toch niet achterover gaan hangen en hopen dat de uitgever er wat in ziet. Kortom, hoe breng je je eigen werk onder de aandacht? Je zal zelf toch ook moeten lobbyen?


Arthur Japin:
Ja, liefde, zou een hele mooie zijn, maar dat is vast al eens een thema geweest. En inderdaad hoef je je niet aan het thema te houden. Overigens heb ik een perfect project in de kast, mocht het verzoek ooit tot me komen. Je weet het tenslotte nooit. Het is iets dat heel veel mensen aan zal spreken, precies 90 pagina’s hoeft te beslaan en mijn vingers jeuken om er aan te beginnen, maar ik ben geduldig. Zoals je begrijpt zwijg ik ook hierover.

Groet, Arthur

Beste Bernadet,

Hoe je je als schrijver die net begint moet opstellen, daar kan ik je niets zinnigs over zeggen. Ik heb zelf nooit werk hoeven promoten om aan de bak te komen. Wel moet je geloof hebben in wat he doet, maar dat moet je ook elke ochtend opnieuw opbrengen als je gaat zitten, in het begin en later ook tot de laoude Westen, iets dat me nooit eerder aangetrokken heeft. Ik heb nog nooti een western uit kunnen kijken, maar als bij donderslag begon het voor me te leven. Overigens zijn de ware feiten hier zo enorm melodramatisch dat het mijns inziens alleen maar een opera kan worden. In een roman zou niemand de waarheid willen geloven. Maar ja, van De Zwarte met het Wite Hart dacht ik eerst ook dat het een opera moest worden. Dat gebeurt trouwens nu alsnog. Het libretto heb ik net af en de componist is bezig. Nu maar hopen dat ik nog eens een componist zo gek zal krijgen.

Groet, Arthur

Arthur Japin: Goedemorgen Coen,

Magonia, het fictieve land in de wolken, staat voor mij symbool voor het scheppen van een eigen, nieuwe werkelijkheid. Iedereen die het dagelijks leven niet goed verdraagt en niet bij de pakken neerzit, maar iets onderneemt (fysiek of spiritueel) om errs bespreken belanden in een neerwaatrste spiraal waar ze zelden nog uitkomen. Dat dus niet; wat wel? Misschien wil ik in elk programma wel een portret van de partner van een schrijver laten zien. Zou dat niet aardig zijn? Het heeft niets met het werk van de schrijver te maken, maar hij gaat er wel door leven voor de lezers, zodat ze zijn boeken kopen. En dan kunnen de lezers die vervolgens zelf wel beoordelen, dat hoeven wij niet voor ze te doen. Ja, de partner van de schrijver: hoe hebben ze lief, hoe lijden zij onder die enorme ego’s en hoe houden zij vol? Hebben ze zelf ooit tot inspiratie gediend en hoe vinden ze het dat hun partner aan de haal gaat met de ideeen die zij onder het boodschappen doen hebben geopperd? Zijn ze jaloers op de personages in het hoofd van hun schrijvende vriend(in)? ach, ik bedenk maar wat terplekke. Misschien moet het ook wel intiemer: hoe zijn ze zoals ze is en niet zoals ze zichzelf ‘leest’ uit de -geschokte- blikken van anderen.)

Groet, Arthur

Jeroen van Kan: Beste Arthur,

Welke functie heeft het schrijven voor jou? Aan welke prsoonlijke behoefte komt het schrijven tegemoet? Wat is de verborgen persoonlijke agenda van het schrijven? Of moet je daar niet over nadenken?

Arthur Japin: Beste Jeroen,

Nee daar moet je nooit bij nadenken. Zeker niet wanneer je aan het schrijven bent. Zolang je schrijft moet je nergens over nadenken. Maar als iemand je er op een onbewaakt moment naar vraagt kan het wel even: Ik ben geisoleerd opgegroeid en mis in gesprekken en in gezelschappen iedere impuls om mensen mee te delen wat ik heb meegemaakt of wat er in mij omgaat. Ik kan heel goed luisteren, maar zelf eens een duit in het zakje doen komt in een normaal gesprek (dus anders dan een interview of optreden) niet bij me op. Daar moet ik me dan echt toe zetten. Wanneer ik schrijf vertel ik natuurlijk voortdurend over mezelf en mijn drijfveren (meestal vermomd als die van een ander, maar toch). Kennelijk is dat mijn manier om me kenbaar te maken. Maar het is nooit het doel.

Groet, Arthur

Coen: Dag Arthur,

Goed dat je me op een denkfout betrapt, maar ik ga er toch nog even op door. Aan het einde van het boek vertrekt Lucia naar Amerika, met de man bij wie ze zijn kan wie ze is. Dat betekent toch dat ze daarvoor haar sluier wel degelijk als schild heeft gedragen. Of houdt ze op dat moment op Magoniër te zijn?n vandaag niet gestopt.


Bernadet:
Beste Arthur,

Ja hoe houden die partners het vol! (grapje)

Dat zou wel een idee zijn. Zelf lees ik ook altijd graag over de schrijver zelf, heb er hele discussies over gehad in hoeverre je dat beinvloedt bij het lezen van zijn/haar boeken.

Mij beinvloedt het zowel positief als negatief.

Nog een vraag: Vorig jaar was The Big Read in Engeland. De Engelsen konden bepalen wat zij het beste boek ooit vonden. Hoe sta jij tegenover zo’n verkiezing? Positief omdat het lezen promoot of vind je dat het eigenlijk een verkapte commerciële actie is?


Coen:
Beste Arthur,

Zou jouw partner meewerken aan zo’n programma? Kan hij alvast niet deze vragen hier beantwoorden? :-)


Marjo:
Beste Arthur,

De boeken die je schrijft zijn gebaseerd op een feit uit de geschiedenis. Een waar feit uitgesponnen tot een roman. Het lijkt een populair genre te zijn geworden. Hoewel ik ze graag lees heb ik er toch ook een probleem mee. Als lezer weet je niet waar de grens tussen fictie en non-fictie ligt.

En ik zou dat graag willen weten. En waar de schrijver twijfelt. Een nawoord moet toch mogelijk zijn?

Hoe denk je daarover?


Arthur Japin:
Beste Coen,

Ik denk het wel. Hoe langer ik erover nadenk, hoe aantrekkelijker deze ingang tot de literatuur mij lijkt. Lezen zou plots heel populair kunnen worden op scholen.


jft de schade beperkt, als dat publiek gebeurt is het onherroepelijk.

Ik ben bang dat mijn antwoord je alleen verder zal verwarren, maar zo is het.

Groet, Arthur

Arthur Japin: Daarbij spelen een aantal factoren, maar ik denk dat de belangrijkste is dat er van de lezer wordt gevraagd een hele rare sprong te maken, namelijk IN het hoofd van een op zich al uitzonderlijke geest: die van de beroemde Italiaanse filmregisseur. Als je zijn werk kent is dat nog wel te doen, maar veel mensen kennen de films van de regisseur die voor Snaporaz model heeft getaan natuurlijk niet of niet meer. Binnen dat hoofd gebeuren, zoals in die films, groteske dingen. Gelukkig heeft het heel erg veel mensen niet weerhouden er van te genieten. Er zijn dus genoeg mensen die een beetje moeite willen doen. Voor de anderen moet Een Schitterend Gebrek, dat veel toegankelijker is, een verademing zijn.

Dag Marjo!

Emma: Beste Arthur,Wat ik me eigenlijk altijd afvraag is hoe een schrijver met een boek begint. Dat is voor iedereen anders natuurlijk, maar hoe is dat bij u? Leest u eerst iets anders en komt u dan op het idee of begint u gewoon te schrijven en ziet u wel waar het eindigt? En zoekt u ook dingen op in historische boeken of andere dingen?Groetjes Emma

Terug naar boven

Arthur Japin: Over films gesproken: mag ik deze plek gebruiken om hier als primeur bekend te maken dat Frans Weisz en ik, samen met de producent Sherman de Jesus zojuist voor onze speelfilm BOY ECURY de ‘Columbine Award 2004 for best feature film’ hebben gewonnen op het Moondance Festival in Colorado?

Emma: Namens mijn vader Emmanuel Naaijkens en namens mij gefeliciteerd :)

Coen: Gefeliciteerd! Dit wordt een echt prijzenjaar voor je. Voor mensen die meer willen weten: http://www.moondancefilmfestival.com/04-Winners.html

ArthurJapin: Beste Emma,

Voor mij begint alles met een bliksemschicht. Je hoort, ziet of bedenkt iets en er is geen twijfel aan mogelijk: dit is zo intrigerend, gek, anders, ongehoord dat je er iets mee moet; Je staat als aan de grond genageld. Het gebeurt niet vaak, misschien maar een paar keer in je leven, maar twee weken terug had ik toevallig het geluk dat het me weer overkwam: je wilt meer weten; meer begrijpen. En als het dan iets is waar niemand ooit eerder aan gedacht heeft of iets mee gedaan heeft, dan moet je wel: zelf na gaan denken; vorm geven; ordenen; onderzoeken. Het lijkt een opgave, maar omdat je zo geintrigeerd bent is het alleen maar een groot plezier.

Ik zoek wel veel op en lees veel over het onderwerp, maar de nadruk moet liggen bij je eigen beleven en begrip van een karakter of een situatie. Ik maak zelf nooit een schema en zie dus wel waar ik uitkom, waarbij ik wel moet zeggen dat een historisch gegeven je natuurlijk toch altijd in een bepaalde richting dwint, namelijk in die waarin alles is voorgevallen.

Groet, Arthur

Eke: Beste Arthur,

Dit is wel een heel flauwe vraag misschien, maar hij speelt wel binnen een wereldje van lezers. Die vraag is namelijk: hoe spreek je nou toch Japin uit: op de manier van Jamin of op z’n Frans? Ik ken mensen die van jou persoonlijk gehoord hadden dat het het eerste was en andere die dat zelfde zeggen over het tweede. Is het soms een ver doorgevoerde mystificatie? Noem je je bijvoorbeeld als privepersoon anders dan als schrijver? Licht voor mij alsjeblieft de sluier op.

Rati: “een mening wil ik wel geven, maar een oordeel nooit”. Een uitspraak die alleen maar bewondering kan wekken. Wordt wel vaak andersom toegepast, en is soms wel moeilijk, moet ik toegeven. Ik hoop dat het jou over het algemeen lukt.

Groetjes. Rati.

Wouter:

Bernadet


Arthur Japin:
Beste Bernadet,

Daarbij spelen heel veel factoren een rol. Ten eerste heeft een grote uitgeverij veel meer geld voor promotie dan een kleine. Vervolgens kan er in een schrijver die beter verkoopt meer worden geinvesteerd (omdat zich dat terug verdient) Dan zijn er bepaalde schrijvers die direct zullen worden besproken in een krant en andere die minder nieuwswaarde hebben komen dan later of zelfs helemaal niet aan de beurt. Het aanbod is ook zo groot. Zelf hoef je als schrijver niet veel te doen, al is het verstandiger interviews te geven dan je te verschuilen. Een wasmiddel dat onderop de schap staat wordt minder goed verkocht, maar daarom kan het nog wel verga wordt het ook vaak weer iets heel nieuws: Gapien, Dzjeepen, je kunt het zo gek niet bedenken. Maar van oorsprong is het een oude franse naam en thuis zeiden wij het altijd op zijn frans, dus zo ben ik het gewend. Het is een oude Hugenoten naam en er hoorde altijd een schitterend, 3 Musketier achtig verhaal bij …. totdat De Zwarte met het Witte Hart een paar jaar geleden uitkwam in Frankrijk en ik een brief kreeg van een ver en onbekend familielid die me zei dat de Japins afstammen van een troep rondtrekkende toneelspelers. ‘O’, riep iedereen in mijn omgeving, ‘maar dat zou een hoop verklaren!’ en dat doet het ook; naast mijn hang naar het toneel en het dramatische ook een aantal oude toneel teksten van 18e en 19e eeuwse Japins, waarvan ik er 1 heb gebruikt in Een Schitterend Gebrek.

Groet, Arthur

Arthur Japin Beste Rati,

Dank je wel. Ja, het is een constant monitoren van je gevoelens. Herken je dat?

Groet, Arthur

Arthur Japin: Beste Wouter,

Het beeld dat je schetst van een seksbeluste en onstuimige man is vooral een beeld dat later is ontstaan, al geven de memoires er aanleiding toe. Hij was in de 70 als hij zijn memoires schrijft en vaak zijn die aantoonbaar verzonnen of fout. Ik geef hem daarin groot gelijk: wat heeft een mens in hemelsnaam aan de waarheid?  Maar goed, hij vertelt dan dat hij in dat lange leven 121 vrouwen heeft gehad. Nu komt het misschien doordat ik uit de vrije jaren zeventig kom, maar dat lijkt mij -voor een heel leven – eerder getuigen van bovenmenselijke beheersing dan van onstuimigheid. Waar het hem bij die contacten soms meer nog d een hele mooie zijn, maar dat is vast al eens een thema geweest. En inderdaad hoef je je niet aan het thema te houden. Overigens heb ik een perfect project in de kast, mocht het verzoek ooit tot me komen. Je weet het tenslotte nooit. Het is iets dat heel veel mensen aan zal spreken, precies 90 pagina’s hoeft te beslaan en mijn vingers jeuken om er aan te beginnen, maar ik ben geduldig. Zoals je begrijpt zwijg ik ook hierover.

Groet, Arthur

Beste Bernadet,

Hoe je je als schrijver die net begint moet opstellen, daar kan ik je niets zinnigs over zeggen. Ik heb zelf nooit werk hoeven promoten om aan de bak te komen. Wel moet je geloof hebben in wat he doet, maar dat moet je ook elke ochtend opnieuw opbreat vind jij van Chatwins – bijna tegengestelde – gebruik van (grofweg) hetzelfde materiaal?

Groet,

Katelijn

Arthur Japin: Beste Katelijn,

Ik moet je eerlijk bekennen dat ik het geloof ik nooit gelezen heb, dus ik kan er weinig over zeggen. Wel weet ik dat Werner Herzog de film naar dat boek deels bij Fort Elmina in Ghana heeft opgenomen, het fort dat in mijn eigen romaar hopen dat ik nog eens een componist zo gek zal krijgen.

Groet, Arthur


ArthurJapin:
Beste Bernadet,

Ik heb het er vaak met vrienden (Oscar van den Boogaard, Mieke van der Weij) over gehad: hoe zou je zo’n programma nou pakkend kunnen maken? Vanouds heb ik nogal wat televisie- en camera ervaring (als acteur), ongetwijfeld meer dan andere Nederlandse schrijvers en ik kan vast zo’n programma leuk aan elkaar praten, maar inderdaad wat behandel je dan wel en wat niet? Wat niet is simpel: in elk geval GEEN recensies. Schrijvers die boeken van andere schrijvers bespreken belanden in een neerwaatrste spiraal waar ze zelden nog uitkomen. Dat dus niet; wat wel? Misschien wil ik in elk prograk, maar wat op realiteit berust. Of is dat het geheim van de schrijver? Leuk trouwens, dit virtuele contact.

groet, Eke

Emma: Beste Arthur,Heeft u als schrijver ook veel boeken of geeft u niet zoveel om de boeken van de ‘concurrentie’? Groetjes Emma

Arthur Japin: Beste Eke,

Die vraag wordt me veel gesteld. Op deze site ook al eens, dus voor het uitgebreide antwoord verwijs ik je naar wat ik hier schreef aan Marjo op 31 -5-2004. Daarnaast kan ik je vertellen dat de brieven van Kwame inderdaad van mij zijn. Veel mensen denken dat ze echt zijn en dus geen fictie en daarom mocht de roman in 1998 niet meedingen naar de LIBRIS prijs. Hoe dan ook, er bestaat een logboek van Fort Elmina waarin alles van dag tot dag keurig is bijgehouden. Ook Kwame’s zelfmoord staat daar in vermeld, zoals in de roman opgenomen. Ik wist dus wel ongeveer wat wanneer plaatsvond. Maar de stem is (een van) de mijne.

Groet, Arthur

Arthur Japin: Beste Emma,

Ik KOM OM in de boeken! Heel veel jaren heb ik boeken verzameld. Als ik er een zag kon ik het bijna niet laten liggen. Maar op een gegeven moment was er een omslag – waarschijnlijk toen ik zelf met het boekenvak te maken kreeg. Mijn huis was vol en de boeken bleven maar komen. (ik koop nooit meer iets, maar krijg alles) Als ik nu een boek zie is het eerste wat ik denk: waar moet ik dat laten! Bovendien woon ik samen met twee mensen die ook in de uitgeverij werken. Als we geen strict beleid toepassen zouden er zeker honderd boeken per week binnen komen. Dat hebben we weten terug te brengen tot drie of vier. Maar dan nog. Ik ben verhuisd en woon heel groot, maar hiervoor nooit groot genoeg. Dit moet aangepakt worden, want mijn schrikbeeld is zo’n huis waar de boeken je al tegemoet komen als je de voordeur opendoet en dan vervolgens manshoog en twee rijen dik in de gang en op alle kamers dozen. Het lijkt leuk, maar in zo’n huis wordt alleen nog maar gedacht (en geniesd) en niet meer geleefd. Nee, nee, nee, dat mag niet gebeuren!

Groet, Arthur

Emma: Hm, ik zou anders ook wel in zo’n huis vol met boeken willen wonen:) Is trouwens hier ook wel, alleen staat bij ons alles grotendeels in kasten. En er schijnt een soort van systeem in de boeken te zitten volgens mijn vader, maar ik ben altijd nog lang bezig met zoeken naar een boek. Ik heb trouwens een keer iemand zo ver gekregen om de boeken in de voorkamer te tellen. Is hij nog best lang mee bezig geweest…Groetjes Emma

BartTemme: Beste Arthur,

Ben je nooit bang dat je uitgeschreven raakt of dat je maar niet op een nieuw onderwerp voor je boek komt?

Groet,

Bart

Giny: Beste Arthur, aan mijn kat heb ik uit Parijs een kaartje gestuurd met de groet:’un petit chat pour een kleine kat’. Kan jij me zeggen waarom Coen niet enthousiast reageert op zulke woordspelingen?

Giny: Beste Arthur, om iets direct goed te doen is moeilijk. Voor ‘kat’ moet je lezen ‘schat’. Dat was de bedoeling.

Coen: Dag Giny, dit is misschien wel allemaal erg particulier voor dit forum. Ben bang dat niet veel mensen weten waar dit over gaat. Coen

Rati: Beste Arthur

“constant monitoren van je gevoelens”, ik zou het zo niet kunnen formuleren, maar herken het zeker. Oordelen is vaak veroordelen!

Anderzijds kan het categoriek uitspreken van een oordeel (binnenskamers dan) soms heel lollig zijn. Ik heb zo eens (zeg maar) uren doorgedramd over een bepaald (goed aangeschreven) boek waarvan ik de eerste bladzijde aan het lezen was. Ik bleef maar beweren hoe slecht die was en telkens die pagina voorlezen. Was wel hilarisch (ja ik weet zelf wel dat je een boek daarop niet kunt beoordelen).

Groetjes. Rati

Arthur Japin: Beste Giny,

Daar heb je me! Nu is er toch een vraag waar ik het antwoord op schuldig moet blijven! Maar het gaat er natuurlijk niet om hoe Coen hierop reageert, alleen de reactie van je kat is in dit geval belangrijk. En ik twijfel er niet aan of die houdt nu nog meer van je.

Groet, Arthur

Arthur Japin: Beste Bart,

Vroeger zeiden mensen altijd tegen me: jij moet gaan schrijven! echt heel vaak. Dan antwoordde ik: nee, dat kan niet, want ik heb geen fantasie; ik zou niet weten waar ik het vandaan zou moeten halen.

Toen kwamen de prinsjes van ashanti op mijn weg en moest ik wel met schrijven beginnen (omdat ik een brandende noodzaak voelde hun verhaal te vertellen) Door het gewoon te doen is de motor, die fantasie voor mij is, op gang gekomen. Nu heb ik TEVEEL verhalen om te vertellen. Ik kom tijd tekort. Nee, ik denk niet dat het ooit stopt en gebeurt dat wel: so what? Ik heb al zoveel gedaan in mijn leven, er is vast nog meer wat ik leuk vind. We moeten niet bang zijn voor verandering.

Groet, Arthur


Coen: Dag Arthur,

Aansluitend op de vraag van Bart: vroeger schreef je meer korte verhalen (en zoals ik hier al vaker op de site heb geschreven: ik vind De vierde wand nog steeds 1 van je beste boeken), maar nu meer romans. Is dat een bewuste omslag of zoek je, vind je, meer onderwerpen die de langere adem van een roman nodig hebben?

Coen

Arthur Japin: Beste Coen,

er is 1 groot probleem met korte verhalen: niemand wil ze lezen. Nu ja, laten ik zo zeggen: de groep liefhebbers is select. Dat stimuleert niet. Daarnaast is het zo dat, wanneer een idee zich aandient, je ongeveer weet welke vorm en welk formaat nodig zal zijn om het te vertellen. De laatste jaren dienen zich vooral grote projekten aan en geen stof voor korte verhalen. Ik weet niet of dat komt omdat ik in mijn hoofd vantevoren de selectie maak of dat het toeval is. Ik heb nog een aantal verhalen liggen, maar te weinig voor een bundel. Misschien groeit dat nog aan en komt er over een paar jaar weer een uit.

Groet, Arthur


Bernadet:
Beste Arthur,

De personages in Een schitterend gebrek en De zwarte met het witte hart zijn figuren die vroeger leefden. Heb je nooit de neiging om in te haken op iets wat nu gebeurd of te schrijven over een persoon die nu leeft?

Groet

bernadet

Arthur Japin: Beste Bernadet,

In feite gaan al die boeken natuurlijk over mij en ik leef nu. De Droom van de Leeuw gaat over iets dat 20 jaar geleden gebeurde en mijn volgende roman speelt in het heden. Maar ik wil niet iets schrijven over nieuwsfeiten en conflicten die nu spelen. Dat is de dood in de pot. Het gebeurt wel eens en de voorbeelden daarvan zijn gruwelijk saai en leiden eerder af van wat van belang is omdat alles wordt gekleurd door de kant die de schrijver kiest. Er is afstand nodig om de geschiedenis te kunnen begrijpen. En als je begrijpt wat er 100 jaar geleden gebeurt is en wat voor effect dat op onze tijd heeft, dan leer je daar meer van dan door nog eens olie op de golven van de actualiteit te gooien. Altijd geldt dat alleen de menselijke zaken van belang zijn, en niet de politieke. De politiek is van voorbijgaande aard, het humane is bljvend en daarin weinig veranderlijk. Zo is het mogelijk iets van groot belang te zeggen voor de dag en de mensen van vandaag binnen een verhaal dat in het verleden speelt.

Groet, Arthur

Annette: Dat lijkt mij in elk geval een erg leuk idee. Kan je dat niet aan de VPRO voorleggen, ik kijk alvast naar je. Onlangs was er een dergelijk programma waar zowel de schrijver als de partner aanwezig waren, ik zag een deel van Van der Heijden. Die opzet vond ik minder geslaagd omdat de schrijver toch iets te veel aanwezig was. Een partner die zijn/haar hart kan luchten lijkt me interessanter. Vooral omdat de meeste schrijvers die enigszins bekend zijn hun levens al tientallen keren uit de doeken hebben gedaan. Je zou ook kunnen denken aan een themaprogramma waarbij een aantal schrijvers met verschillende ideeen met elkaar kunnen brainstormen. Ik denk maar fijn met je mee hoor. Want ook ik mis een goed boekenprogramma op tv. Alhoewel RAM niet onderschat moet worden. Op het moment het enige programma met echt interesse in cultuur lijkt het.

Vriendelijke groet,

Annette van den Bosch.

Annette: Beste Arthur,

Bij mijn vorige reactie deed ik iets fout in het reactieknopje, die hoorde onder het tv programma waar je aan wilde werken.

Ik heb drie vragen.

1. Heb je er wel eens over gedacht om gedichten te schrijven. Vooral in de drZwarte … schrijf je behoorlijk poëtisch.

2. Wat doe je het liefst als je niet schrijft? (behalve vrijen met je partner)

3. Wat zijn jouw favoriete schrijvers? en wat trekt je in die schrijvers vooral aan?

Hartelijk bedankt alvast voor het antwoorden, leuk dat je aan dit forum meewerkt.

Vriendelijke groet,

Annette van den Bosch.


Bernadet:
Beste Arthur,

Ben ik vol enthousaisme aan het vertellen dat je vragen aan jou kan stellen en wat krijg ik als antwoord?

” van wie was die uitspraak….dat een schrijver gelézen moet worden, níet gehoord.”

Wat vind jij van die uitspraak? Ben je het daar mee eens? Of vind je dat een schrijver ook gehoord moet worden? Misschien een beetje rare vraag zo op dit forum bedenk ik me nu

Bernadet: “Het gebeurt wel eens en de voorbeelden daarvan zijn gruwelijk saai en leiden eerder af van wat van belang is omdat alles wordt gekleurd door de kant die de schrijver kiest.”

Ik vind dit nogal een behoorlijk pittige uitspraak. Renate Dorrestein heeft boeken geschreven naar aanleiding van actuele gebeurtenissen. Nu ben  ik niet gek op haar boeken maar saai kan je ze niet noemen. Ook het boek naar aanleiding van de moord op Fortuin is evenmin saai te noemen.

Ik denk dat in deze boeken wel degelijk aangegeven wordt wat van belang is, ook al zal de schrijver zeker een eigen mening hebben. Maar jij schrijft ook dat de jouw boeken in feite over jou gaan. Jij kiest dan toch ook? Dus wat is er mis mee als een schrijver een kant kiest?

Waarom vind je het saai? Welke voobeelden bedoel je?

Een hoop vragen dus.

Arthur Japin: Ja, dat ben ik met je eens, over RAM, maar ik begreep dat dat ook gaat stoppen, klopt dat?

Arthur Japin: Beste Anette,

1. JA, ik schrijf er wel eens een, maar ik ben teveel een verteller, ik WIL altijd een verhaal kwijt en dat maakt het soms wat expliciet (vind ik zelf). Gelukkig zijn er mensen die me er af en toe aanzetten, zodat ik langzaam maar zeker een kleine verzameling opbouw.

2. Ik heb het liefste lief (in welke zin dan ook) daarna schrijf ik graag en verder…. ach er is zoveel: reizen misschien?

3. Ik heb een brede smaak in alles, dus ook in literatuur en ik ben niet eenkennig, dus het is onmogelijk mijn favorieten te noemen. Dat kan de ene dag de een zijn en de volgende dag een ander.

Groet, Arthur


Arthur Japin:
Beste Bernadet,

Nu ja, ten eerste LEES je me op dit moment. Maar ik hoop ook dat je aan mij als mens de vragen stelt en niet als schrijver, want schrijverschap is maar een klein deel van wie ik ben. Verder zijn er schrijvers die je beter niet kunt horen, zoals dat ook voor sommige mensen geldt, en schrijvers naar wie het goed luisteren is. Ik denk dat iedereen zelf uit kan maken wie in welke categorie valt. Maar ik ga er van uit dat iedereen die me iets vraagt graag een antwoord zou hebben, dus maak ik me verder geen zorgen.

Groet, Arthur


Arthur Japin:
Beste Bernadet,

Gelukkig is er voor ieder wat wils. Het gaat mij er om dat een boek geen oordeel velt of richting geeft. Mij verveelt het wanneer een schrijver me iets laat zien en er dan nog eens naar wijst om mij te laten voelen hoe erg het allemaal is. Ik weet het de eerste keer al, en hoef geen uitleg. Die uitleg verveelt me en heeft een averechts uitwerking.  Dat gevaar -weet ik uit eigen ervaring – is het grootst bij actuele zaken. Je kunt geen afstand nemen. En afstand is noodzakelijk om een kunstwerk te maken. Dat is alles.

Groet, Arthur

Annette: Dat heb ik ook begrepen van een van de makers. Hijzelf vond dat bijzonder jammer. Ik zou het ook betreuren, vandaar dat ik overal waar mogelijk Ram aanhaal ;-)

Vriendelijks

1. Leuk om mijn vermoeden bevestigd te zien dat je gedichten schrijft. Daar ben ik erg benieuwd naar, tegen de tijd dat ze uitkomen wil ik daar graag eens met je over praten. Vooral over het verschil van schrijven van gedichten en verhalen/romans. Zoals je al zegt je wil graag een verhaal kwijt, maar dat kan je natuurlijk ook in een gedicht. Zij het beperkter. Ik geloof dat jij een goede dichter zou zijn omdat het verhaal er zit en omdat je een breed woordenspectrum beheerst. Het hoeft alleen samengebald te worden en dat kan dus een soort explosieve bal worden. Dat lijkt me machtig om te zien/lezen/horen. Nou ja, ik draaf door. Ik merk het wel tegen die tijd.

2. Ja, tuurlijk is de liefde het hoogste en relaties het interessants, vandaar dat ik dat trachtte uit te sluiten. Reizen waarheen trekken je voornamelijk en waarom? Wat trekt je in Afrika bijvoorbeeld?

3. Wat lees je op dit moment en wat is het laatste dat je las waarvan je dacht Wauww dat is krachtig, vreselijk, overweldigend? (waarbij ik dus graag een intensieve ervaring hoor) Het mag zowel proza, poëzie, muziek of film zijn als het dat gemakkelijker maakt.

Terwijl ik dit schrijf denk ik, god wat matig ik me eigenlijk aan om je al die vragen te stellen terwijl we elkaar niet eens kennen. Dus als je niet wil antwoorden is dat natuurlijk ook prima.

Bernadet: Ik ben eigenlijk heel benieuwd of je Lelieblank, Scharlakenrood hebt gelezen van Michel Faber.

Toen ik dat las moest ik namelijk aan Een schitterend gebrek denken. Er waren wel enige overeenkomsten ondanks dat het op een ander geven gebaseerd is.

Als je het gelezen hebt, wat vond je ervan?

Groet Bernadet

en…. alvast bedankt voor al je antwoorden die je gegeven hebt.

Bernadet: beste Anette,

Kunnen we niet een of andere actie opstarten dat RAM moet blijven?

Eerst wordt het programma van Hanneke Groenteman weggegooid en nu zou RAM weer weggaan.

Kunnen we nu eens duidelijk maken dat wij WEL graag zulk soort programma’s willen?

Bernadet

Bernadet: Beste Arthur

Op een vraag van Marjo geef je het volgende antwoord:

antwoord C: Ik wil eigenlijk niet dat je iets over de geschiedenis te weten komt, maar ik wil dat de lezer iets over mij ontdekt naar aanleiding van de geschiedenis die ik vertel. En dat gebeurt. Onherroepelijk. Zonder dat je het ooit zult merken of zult kunnen aanwijzen.

Ik snap dit antwoord niet goed. Zoals ik het lees schrijf je dat de lezers iets over jou ontdekken maar dat ze dit niet zullen merken of aan kunnen wijzen.

Dan ontdekken ze toch niets?

Je merkt, ik snap het dus niet. Zou je kunnen uitleggen wat je hiermee bedoelt?

Arthur Japin: Beste Coen,

nog even ter aanvulling op je vraag over The Global Novel. Ik hoor net dat die behalve in Griekenland in elk geval ook is verschenen bij Einaudi in Italie en bij Can Yanyinlari in Turkije.

Groet, Arthur


Arthur Japin:
Het aantrekkelijkste van reizen is natuurlijk dat je niet in Nederland hoeft te zijn. Alles waar men zich hier zo enorm over op kan winden bestaat anderhalf uur verderop al niet meer. Veel kan me aantrekken, maar ik de tijd dat ik het niet erg vond om ontberingen te doorstaan is voorbij. Een land moet een rijke en goed toegankelijke, alom aanwezige cultuur hebben, lekker eten en een aangename temperatuur (waarom ik dan nog wel eens in Afrika kom is als je het zo beschouwd een raadsel; maar goed: de relatie met mijn eerste roman maakt dat weer anders en aantrekkelijk) Ik ben dus gek op Italie en voor de Verenigde Staten mag je me midden in de nacht waker maken. Ik houd nu eenmaal van mensen die dromen tegen beter weten in. Ook alle andere landen komen in aanmerking, mits ik er eerste klas heen mag vliegen.

Ik heb niet zo vaak dat ik denk: waaauw! maar laatst gebeurde me dat, geheel onverwacht. k houd niet van thrillers en wil er toch een schrijven (omdat ik een – waar gebeurd – gegeven heb dat me intrigeert en zich hiervoor leent) . Toen zei iemand met The Woman in White van Wilkie Collins te lezen. Het is een 19e eeuwse thriller van een vriend van Dickens. Verbijsterend! Ik KON het niet neerleggen. Ik kan me niet herinneren dat eerder zo sterk te hebben gehad. Heel knap.

En verder raad ik iederen altijd The Giving Tree van Shel Silverstein aan, een kinderboek van nog geen 50 zinnen, waarin alles staat wat ik ooit wil zeggen.

Groet, Arthur

Arthur Japin: beste Bernadet,

Helaas, niet gelezen. Wel Michel uitgebreid meegemaakt in Athene voor ons Global Novel project (zie elders op deze site) Het klikte, maar ik heb alleen ooit een kort kerstverhaal van hem gelezen. Dat vond ik aardig, mar voor meer ontbrak me de tijd.

Groet, Arthur


Annette:
Ah, dan neem ik aan dat je in Italië vooral voor Toscane en Umbrië kiest? Qua klimaat, eten en cultuur bijeen?

De VS ken ik helaas nog niet. Eens (vanwege een tussenstop in Miami) een middag langs die prachtige kusthuizen gelopen, dat was een fantastische ervaring. Ben wel benieuwd naar New Yorkse musea en sfeer. Hou je dan ook van de NY trilogie van Auster vraag ik me af? (ben fan van al Austers werk, vooral de laatste is schitterend, evenals de NY trilogie, mocht je die niet kennen dan zijn het aanraders).

De boeken die je noemt ken ik van titel, maar niet van inhoud. Ik ga ze zeker opzoeken en lezen, alleen al om te weten waarom jij ze aanbeveelt.

Heb je toevallig de Meteoren van Michel Fournier wel eens gelezen? Op de een of andere manier doet de Zwarte…me daar heel erg aan denken. Terwijl het totaal verschillende boeken zijn in heel andere stijl geschreven. Misschien door de persoonlijke zoektocht die er in zit en de bezieling waarmee ze geschreven zijn allebei. Mocht je het gelezen hebben dan ben ik benieuwd naar jouw oordeel daarover.

Vriendelijks,

Annette.

rati: Dag Arthur,

Ik lees hier over reizen en het woord Griekenland is al enkele keren gevallen. Vandaar mijn vraag: heb je een band met Griekenland? Zo ja, welke? Zo niet, jammer.

Groetjes. Rati.

Bernadet: The woman in white! Dat is inderdaad een van de mooiste boeken die ik gelezen heb.

Echt schitterend! Ik heb het toevallig deze week ook aan mensen van de leeskring aangeraden.

Ik denk dat je dan Lelieblank ook erg mooi zult vinden. Het heeft niet zo’n mooie verstilde inhoud maar de sfeer is ook Victoriaans. (hoewel het woordgebruik soms bepaald niet Victoriaans is).

Groet

Bernadet

Nog een vraag, heb je voor “Een schitterend gebrek” AL de memoires gelezen van Casanova?

Dat is namelijk nogal wat.

Groet bernadet


Bernadet:
Het aantrekkelijkste van reizen is natuurlijk dat je niet in Nederland hoeft te zijn.

Vind je Nederland dan geen prettig land? Het verbaast mij vaak dat schrijvers wegtrekken uit Nederland zoals Gerard Reve, W.F. Hermans, Hella Haasse, Harry Mullisch, Arnon Grunberg. Wat is dat toch dat schrijvers zich niet kunnen vinden in Nederland? Het kan niet zijn omdat je hier niet gewaardeerd wordt dat je deze opmerking maakt.

(en nu stop ik met vragen hoor)

Bernadet

ArthurJapin: Beste Rati,

Ik houd van Athene, als een van de weinigen. Ik vind het een prettige stad. Op de eilanden (tenminste de paar die ik bezocht heb) heb ik me minder vermaakt. Ik houd van 1 dag strand maar dan weer een tijdje niet. Natuurlijk geniet ik van de cultuur. Vroeger heb ik Grieks gehad op school, maar ik ben het meeste weer vergeten. Op een dag, ja, op een dag pak ik het weer op en ga een tijd naar Griekenland.

Groeten, Arthur

ArthurJapin: Beste Anette,

Dat heb je helemaal goed en vlak ook de Veneto en de Marchen niet uit! Lazio ook trouwens, en wat dacht je van Sorrento en…. als er maar niet die door en door rotte regering zat, dan zou ik er graag wonen.

Auster was net hier en mijn partner heeft een tijd met hem opgetrokken, helaas was ik in Texas, dus heb ik hem gemist. Ik ken Brooklyn een beetje, dus alles wat daar speelt, zoals zijn boeken, doen het goed bij mij.

Nu moet je er ook heen, hoor!

De Meteoren van Tournier vind ik een geweldig boek. Zijn andere boeken trouwens ook. Ik was dan ook zeer vereerd toen een Franse krant mij -net als jij  met hem (en een andere literaire heldin van me: Marguerite Yourcenar) vergeleek.

Groeten, Arthur

Arthur Japin: Ja, wie mijn boeken heeft gelezen weet alles van me, alleen zal iemand die mij niet kent niet weten hoe of waar hij/zij het zal moeten plaatsen. Dat is niet van belang. Het gaat om het boek.

Ja, alle delen, maar niet allemaal achter elkaar, dan wordt het teveel van het goede. Als je met zo iemand bezig bent is dat helemaal geen opgave, want je wilt zo graag meer te weten komen.

Ik heb niets tegen Nederland, maar ik voel me er niet bijzonder mee verbonden. Ik woon er omdat mijn geliefde hier werkt, maar denk niet dat ik blijf zodra daar verandering in komt. Het land heeft vele voordelen, maar is eenvoudig te klein om je geest in vrij te kunnen houden. Overigens bedoelde ik de opmerking niet TEGEN Nederland, het is gewoon gezond om je te verplaatsen omdat het de lokale belangen in het juiste perspectief plaatst en je bewust maakt van de grote lijnen in de wereld en de zaken die werkelijk van belang zijn. Dat zijn de zaken waar het om gaat als je schrijft en niet om Balkenende, geweld in de trein of Patty’s Posse. Nogmaals honderd kilometer verderop (van waar ik zit) bestaat dit alles niet. Dat is gewoon goed om te weten.

Groet, Arthur

Annette: Beste A,

Tjee, dat je partner met Auster heeft opgetrokken, ik ben jaloers. Mijn doelstelling is om hem voor mijn vijftigste verjaardag te interviewen, liefst in Amerika …Maar voor die tijd wil ik zijn boeken beter gelezen hebben en moet mijn Engels op peil zijn (mijn partner wil voor zijn 50e de marathon van NY lopen, dus dan willen we dat combineren). Het lijkt ver weg maar het is over iets meer dan een jaar.

En wat een idioot toeval dat een Franse krant dezelfde associatie bleek te hebben als ik zeg. Ik zit met open mond te typen nu. Ik ben wel blij dat jij zelf dat ook onderschrijft, want ik vroeg me eigenlijk af hoe ik bij dat idee kwam. Het leek me een beetje raar van mijzelf.

Misschien kom ik je nog wel eens om steun voor een kontaktmogelijkheid met Auster vragen dan als dat mag. Ik zet hier meteen mijn website en emailadres onder, je weet nooit.

Vriendelijke groeten,

Annette van den Bosch

Zeist

annettevandenbosch@tiscali.nl

www.annettevandenbosch.nl

Annette: Bernadette, ga je dat ook rondkringen ? Ik bedoel dan hou ik me weer aanbevolen.

Vriendelijks,

A.

PS ik moet nog verder schrijven voor Meander, heb al twee stukjes af

Annette7: Heb je toevallig ook iets met Vlaanderen? Daar ben ik ook dol op, vooral op de taal, de mensen, het Bourgondische en gemakkelijke. Hoewel dat lastiger schijnt te zijn als je er echt woont omdat je niet zo gemakkelijk snel iets voor elkaar krijgt. We zouden graag eens een tijdje in Vlaanderen wonen, gewoon om te merken hoe het echte leven daar is. O ja, dat is dus eigenlijk mijn vraag. Doe je ook een beetje aan ‘hoppen’ van het ene land naar het andere om daar eens een poosje te werken en dan weer elders? Of zit je partner redelijk ‘vast’ in Nederland?

Annette7: Heb je ook met een schuin oog naar Don Giovanni van Mozart gekeken bij het schrijven? Die maakt er zo’n prettige man van vind ik. Daar moet ik altijd vreselijk om lachen, maar dat komt ook door de opname die we er van hebben en die ik eens op tv zag. Werkelijk schitterend.

Annette7: Lijkt me prima om Ram te promoten, ik zette het al onder aan interview met Remco Ekkers (in Meander) dat dat het enige programma is waarin het de moeite waard is om te verschijnen en ik noem het her en der, waar tv-programma’s over literatuur ter sprake komen. Ik zag juist een stukje van die vreselijke sportprogrammaman die nu een boekenprogramma doet. Vergeet zijn naam altijd. Daarin gaat het dan over een geurtest en laten ze Wolkers een stuk uit Turks Fruit voorlezen. Zinloos. Fijn om Wolkers te zien, maar die man hoeft niet zijn hele leven in TF te verblijven, hij heeft zoveel ander moois te bieden.


Bernadet:
Hoi Anette,

Ik had het boek van de bibliotheek dus er valt niet veel te kringen.

Ik ben wel van plan het aan te schaffen want het is opnieuw uitgegeven.

Groetjes

Bernadet.

Emma: Hoi Arthur,Ik las gisteren in de Wereld van Sofie (van Jostein Gaarder) en daarin stond dat je inzicht krijgt in de schrijver als je zijn boek leest. U heeft al ergens geschreven dat je alles over u leest als je een van uw boeken leest. Maar merkt u dat ook bij boeken van andere schrijvers die u kent? Groetjes Emma

Arthur Japin: Beste Anette,

Nee, ik kom tussendoor altijd weer een tijd thuis, ook omdat ik op mijn vaste plek toch het beste werk. en Vlaanderen heeft veel aangenaams. Ik oktober doe ik een weeklang een toernee in Gent en omstreken.

Groet, Arthur

Beste Emma,

Ik denk eigenlijk dat het er niet omgaat dat je een exact beeld hebt van hoe de schrijver werkelijk is, maar van hoe hij zou kunnen zijn volgens jou. Dat is voor iedereen anders. En dat is genoeg. Onze indruk van iemand met wie we een gesprek hebben hoeft tenslotte ook niet te kloppen met de werkelijkheid zoals die persoon hem zelf beleeft, maar alleen met onze eigen werkelijkheid. Een boek geeft je een aantal ‘clues’ over de persoon van de auteur. De uitdaging voor de lezer is (of kan zijn) daaruit een mens van vlees en bloed te scheppen.

Groet, Arthur

Arthur Japin: Even een mededeling aan iedereen die tot nog toe zo goed is geweest mij vragen te stellen. De afspraak was dat ik deze ‘rubriek’ een weeklang zou doen. Dat betekent dat ik vanavond mijn laatste vragen ga beantwoorden. Wie nog iets van me wil weten -en dat mag vanalles zijn- moet dus voor die tijd zijn vraag stellen. Of anders later zijn/haar geluk proberen op mijn website: http://www.arthurjapin.nl/ Tot aan vandaag heb ik daarop nog nooit een vraag beantwoord, maar debateren anderen met elkaar, maar door jullie enthosuiasme van de afgelopen week heb ik de smaak te pakken en zal ik me eens meer met mijn eigen site gaan bemoeien.

Iedereen in elk geval alvast hartelijk bedankt!

Arthur

Coen: Dag Arthur,

Lijkt me een goed plan. Ik zou ook de mogelijkheid geven om in het Engels vragen te stellen. Ik raad je alleen aan om een FAQ-lijstje te maken. De vraag over de uitspraak van je naam hoor ik zo’n beetje bij elk interview.

Coen

Coen: Dag Arthur,

Een week lang hebben de leden van literair Nederland vragen aan je kunnen stellen via dit forum. We sluiten nu de vragenreeks af. Kun je vertellen hoe je het ervaren hebt en of deze vragen veel verschillen van de vragen die je bij een gewoon interview krijgt van toehoorders?

Arthur Japin: Ik heb het ervaren als een vrij intiem gebeuren. Ik hoop dat dat terecht was. Sommige vragen komen ook in een zaal wel aan de orde, andere -vooral wanneer er twee of drie keer heen en weer gemaild wordt- zijn meer zoals die in een gesprek. Dat is dus zeker anders. Ik ben blij dat ik het heb mogen doen. Groeten aan iedereen!

Arthur

Gjkleinrensink: Ik heb te weinig van Japin gelezen om vragen te kunnen stellen, maar ik heb deze vraag en antwoord-week met genoegen gevolgd. Alle lof voor de initiatiefnemer en waardering voor de manier waarop de vragen beantwoord werden.

Gerrit jan Kleinrensink

Coen: Dag Arthur,

Namens de redactie en de lezers van Literair Nederland dank voor je tijd en de bereidwilligheid om op alle vragen in te gaan. De antwoorden waren verrassend, intiem en uitdagend. We zullen je site http://www.arthurjapin.nl in de gaten houden.

Groet,

Coen

Recent

16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer