16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

Zomercolumn Adri Altink

Laat ik mijn keuze aan boeken voor de zomer beperken tot het onderwerp van mijn vaste columns. Ik denk dan het eerst aan Exit West van Mohsin Hamid, dat een paar maanden geleden in het Nederlands verscheen. Een indrukwekkend verhaal over twee geliefden die hun land in het Midden-Oosten ontvluchten voor het oorlogsgeweld. Maar de roman is zoveel meer dan een liefdesverhaal in tijden van oorlog. Hamid laat je nadenken over de pijn van vluchtelingen die zich altijd afgesneden zullen voelen van hun wortels, maar ook over wat migratie – niet alleen een vlucht – met mensen doet. In één van de interviews ter gelegenheid van de verschijning van de Nederlandse vertaling zei Hamid: ‘Als je migratie metaforisch beschouwt, dan is oud worden ook een vorm van migratie, of trouwen, naar de universiteit vertrekken, een lange reis maken. Migratie is gedwongen verandering, het dwingt je jezelf opnieuw uit te vinden’. Exit West gaat daarom over veel meer dan vluchten. Het gaat over ieder van ons en juist daarom leef je zo mee met de verliefden Al Said en Nadia.

Op 9 augustus verscheen er van mijn hand een recensie over Een afgedane zaak van de Tsjechische schrijver Patrik Ouředník. Hij was me volkomen onbekend, maar deze roman liet me meteen naar de bibliotheek hollen om twee eerdere boeken van hem mee te pikken: Europeana en Het geschikte moment 1855. In die laatste roman lezen we het relaas van een stel idealisten die de absolute vrijheid wil praktiseren in een kolonie in Brazilië. Op de heenreis gaat het echter al flink mis. Ouředník laat je af en toe in lachen uitbarsten, maar stelt ondertussen essentiële kwesties aan de orde. Wat is vrijheid? Welke hoop mogen we hebben?
Bij Het geschikte moment moest ik af en toe denken aan een ander prachtig boek over migratie: De onervaren van Joke van Leeuwen uit 2015. Het is gesitueerd in 1847, dus acht jaar vóór het jaar waarin Ouředník zijn roman plaatste. In dat boek steken kansarme Nederlanders uit een christelijk dorp de zee over om daar hun ideale bestaansvorm te realiseren. Een boek over dromen, eigenbelang en (wan)hoop.

Tenslotte nog het prachtige De familie Mann. Geschiedenis van een gezin door Tilmann Lahme. De dit jaar verschenen biografie van het gezin van schrijver Thomas Mann, die begint op het moment dat Thomas Mann zelf bijna 50 is en alle kinderen al geboren zijn. In mijn bescheiden kennis van die familie was het vooral een gezin dat rollebollend met elkaar door het leven ging, gebukt onder een autoritaire vader aan wiens ambities alles ondergeschikt was. Dat beeld heb ik grondig bij moeten stellen. Moeder Katia  is in dit boek een krachtige vrouw die het gezin door de moeilijke jaren van oorlog, nazisme, aanvaarding van homofilie en zelfmoord leidt. Maar het is – en daarom hoort het in dit migratievakantiepakket thuis – evenzeer een boek over de worstelingen tussen ouders en kinderen als het aankomt op keuzes onder een regiem dat je niet kunt accepteren: hoe besluit je te vluchten uit een land dat je liefhebt?

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer