Hoe liefde mensen uiteen kan drijven

Recensie door Adri Altink

Zelden zal drift in woorden zo verbeeld zijn als in Een glas woede van Raduan Nassar. In een kolkende gedachtestroom wordt de lezer 44 pagina’s lang meegezogen in de woede tussen twee geliefden. Je krijgt de kans niet om op adem te komen, want de tekst bestaat maar uit één zin, waarin de woorden kolkend over je heen komen.
Het is een korte novelle die in Nederlandse vertaling tegelijk met Bijbelse landbouw, ook van Nassar, wordt uitgegeven.

Een glas woede is een sensueel verhaal, ook in de razernij. Er zijn zeven hoofdstukjes, in chronologische volgorde van een nacht en een dag, verteld door de man: ‘De aankomst’, ‘In bed’, ‘Het opstaan’, ‘De douche’ en ‘Het ontbijt’ zijn de eerste vijf. Ze beslaan maar twee of drie pagina’s (‘In bed’ telt er vijf) en bestaan ook elk uit één zin. Dan volgt het lange ‘De uitbarsting’ waarna het slothoofdstuk weer ‘De aankomst’ heet, maar nu vanuit het perspectief van de vrouw. Centraal staat min of meer de vrijpartij uit de nacht, maar die wordt niet zelf beschreven. In ‘In bed’ krijgen we slechts de fantasie van de man te lezen die wacht tot de vrouw bij hem komt liggen. Hoe de nacht zal verlopen weet hij precies. Dan is de lezer duidelijk dat de man een narcist is en een macho, die graag de macht in handen heeft.

Bladsnijmieren
De uitbarsting komt als de man, de bewoner van het huis, ’s morgens op het moment dat zijn vriendin klaar staat om met de auto weg te rijden, ontdekt dat bladsnijmieren een gat in zijn ligusterhaag hebben gevreten. Hij ontsteekt in een drift waarmee hij eerst gif op het mierenspoor strooit en daarna zijn vriendin bestookt. Zo gaat hij tierend van de ‘godverdomde kutmieren’ naar zijn ‘zeikwijf’, waarbij het hele scala aan bejegeningen tegen elkaar wordt afgezet. Ondertussen staat zij daar maar tegen de klink van haar autoportier geleund. Maar onontkoombaar wordt ze in zijn razernij meegezogen. Als in het laatste hoofdstukje de vrouw aan het eind van de dag weer naar hetzelfde huis terugkeert vindt ze de man in foetushouding op bed, wachtend op haar. De titel is gelijk aan het eerste hoofdstuk waarin de man thuiskwam, waar zij wachtte. Beide keren: ‘De aankomst’.  Alsof hierna het ritueel weer kan worden herhaald.
Wat aanvankelijk een wilde richtingloze verkettering lijkt, blijkt bij aandachtige lezing een ritueel tussen de twee (‘de liturgie van een zwarte mis’, noemt de man het) waarin de eeuwige strijd tussen Thanatos en Eros wordt gevochten. Maar er is meer. Vertaler Harrie Lemmens schrijft in zijn Nawoord dat Een glas woede verwijst naar de dictatuur van de generaals in Brazilië (zij pleegden een staatsgreep in 1964). Aan de basis van het verhaal ligt volgens hem ‘het eeuwige conflict tussen orde en chaos. Of anders geformuleerd, tussen de macht van de traditie en de drang tot vrijheid.’

Eén roman
Dat korte, maar zeer lezenswaardige Nawoord van Lemmens, is toegevoegd aan de roman Bijbelse landbouw. Daar lezen we dat de christelijke ouders van Nassar uit Libanon emigreerden naar Brazilië, waar Raduan opgroeide als het zevende in een gezin van tien kinderen. Hij studeerde er rechten en filosofie en ging, na de nodige omzwervingen, de journalistiek in. Hij schreef enkele korte verhalen en maar één novelle (Een glas woede, gepubliceerd in 1978) en één roman (Bijbelse landbouw, gepubliceerd in 1975). Beide zijn nu tegelijk voor het eerst in Nederlandse vertaling uitgegeven door Prometheus. Waar Een glas woede gaat over de worsteling tussen aanpassing en verzet, en politiek is, speelt het conflict in Bijbelse landbouw volgens Lemmens op het terrein van de ethiek.

Wat tegen Een glas woede kan worden ingebracht is dat vooral het hoofdstuk ‘De uitbarsting’ wat geforceerd en geconstrueerd aandoet. Dat gevoel bekruipt je als je daarna Bijbelse landbouw leest. Die roman is een stuk soepeler van taal, poëtischer, nog sensueler en bedwelmender dan de novelle. Ook in deze roman bestaan alle hoofdstukken op één na, uit één zin. Dat heeft hetzelfde bedwelmende effect, maar toch krijgt de lezer meer ruimte om te ademhalen. Er zit meer rust in.

Kathedraal
De roman is in zekere zin een omkering van het verhaal van de verloren zoon uit het Oude Testament. Die zoon is André, jongen uit een gezin van zeven kinderen. Hij is de boerderij van zijn ouders ontvlucht en wordt door zijn oudste broer Pedro gevraagd terug te komen. Pedro is gestuurd door zijn vader die als een patriarch (een woord dat ook een keer valt, zoals André het gezin een paar keer ‘de Kathedraal’ noemt en de gesprekken van vader ‘preken’) zijn normen en waarden aan het gezin oplegt. Die zijn gegrondvest op de bijbel. Onderdeel van dat waardenpatroon is dat het ware geluk alleen te vinden is in het ondergeschikt maken van individuele wensen en behoeften aan de familieband. Het geluk kan alleen als hecht gezin worden bereikt: door ons terug te trekken ontsnappen we aan het gevaar van de hartstochten, maar niemand die bij zijn verstand is mag denken dat we de armen over elkaar moeten slaan, want het onkruid woekert op onvruchtbare grond: niemand bij ons thuis mag de armen over elkaar slaan zolang het land bestaat om te bebouwen, niemand bij ons thuis mag de armen over elkaar slaan zolang er muren zijn om op te trekken, en niemand bij ons thuis mag de armen over elkaar slaan zolang er een broer of een zuster bestaat om te helpen. En even verder maant de vader tot geduld, want de tijd weet wat goed is, de tijd is ruimhartig, de tijd is groot, de tijd is gul, de tijd is royaal, de tijd geeft in overvloed: hij sust onze benauwenis, vermindert de spanning van onze zorgen.

Dans
Trouw aan de (Bijbelse) traditie en geduld lijken de toverwoorden van de vader. André was als kind al anders. Hij trok zich terug in een eigen cocon in de natuur. Zijn vlucht is gevolgd nadat hij zich vergreep aan zijn zus Ana toen hij werd bedwelmd door een sensuele dans van haar.
Pedro krijgt te horen wat er is voorgevallen en hoe knellend het stempel van vader is. Toch gaat André mee. Zijn thuiskomst wordt gevierd met een groot feest, maar de lezer is intussen duidelijk dat vader en zoon elkaar niet zullen bereiken. Je weet donders goed dat je in dit huis op onze liefde kunt rekenen!, voegt de vader André toe. Die reageert met: anders dan men denkt brengt liefde mensen niet alleen dichter bij elkaar, ze drijft ze ook uiteen; en het zou heus geen onzin zijn als ik daaruit afleid dat de liefde in het gezin misschien niet zo geweldig is als men zich voorstelt.
In een geweldige apotheose wordt pagina’s lang, in letterlijke bewoordingen, de dans herhaald die André destijds verleidde. Maar nu met nog dramatischer gevolgen.

Bijbelse landbouw is een leesavontuur door de poëtische stijl van Nassar, de aangrijpende schets van menselijke onmacht, de talrijke intertekstuele verwijzingen –  vooral naar de Bijbel –, maar ook door de volstrekte afwezigheid van zwart/wit denken. Zeer aanbevolen!

 

Een glas woede
Raduan Nassar
Vertaling door: Harrie Lemmens
Verschenen bij: Prometheus
ISBN: 9789044634327
96 pagina's
Prijs: € 12,99
Bijbelse landbouw
Raduan Nassar
Vertaling door: Harrie Lemmens
Verschenen bij: Prometheus
ISBN: 9789044634341
192 pagina's
Prijs: € 19,99

Recent

19 juni 2018

De verdediging van een wingewest

Over 'Koloniale oorlogen in Indonesië' van Piet Hagen
18 juni 2018

Gezin gezien door de ogen van de jongste zoon

Over 'Daal neder, engel' van Thomas Wolfe
14 juni 2018

Scharrelen in de krabbenmand van de literatuur

Over 'Het wikkelhart' van Bertram Koeleman
13 juni 2018

Meer dan een terugblik op een schrijversleven

Over 'Dagelijks werk' van Renate Dorrestein
12 juni 2018

Soepele gedichten met goed gevonden zinswendingen

Over 'Dwaallichten' van Gerda Blees

Verwant