1 juni 2017

Rendición – Ray Loriga

Hoe een Spaanse schrijver generatie X overleefde en zijn tweede adem kreeg

Recensie door Daan Pieters

Ook literatuur is onderhevig aan trends en modeverschijnselen. Wie de jaren negentig actief meemaakte, herinnert zich misschien nog Generation X, het gehypete literaire subgenre dat werd geïntroduceerd door auteurs als Douglas Coupland en Brett Easton Ellis. Het draaide rond nihilistische jongeren die elke vorm van engagement resoluut afwezen en hun heil zochten in seks, drugs en rock-‘n-roll. De vonk sloeg over naar het Nederlandse taalgebied, waar het fenomeen al gauw Generatie Nix werd genoemd. Dat gebeurde met wisselend succes. De vaak nogal lauwe ontvangst door de literaire kritiek blijkt achteraf gezien niet geheel onterecht: slechts weinig van de boeken die toen verschenen, werden door de tand des tijds gespaard. Toch hadden ze de verdienste dat ze ook een publiek leken te bereiken dat tegenwoordig grotendeels lijkt te hebben afgehaakt en genoeg heeft aan Netflix en sociale media.

Naarmate Generation X zich leek uit te breiden over heel Europa, werden zelfs een aantal Spaanse auteurs opgepikt en in het Nederlands vertaald. Zo verscheen naast Madrileense roulette van José Angel Mañas in 1993 ook Het ergste van alles van Ray Loriga. De kritieken waren niet denderend. Afgezien van de thematiek en de toon (die zelfs ‘narcistisch’ werd genoemd) had dat wellicht te maken met het sterk lokale en spreektalige karakter van die romans. In Spanje was Generation X een bij uitstek Madrileens fenomeen, met veel plaatselijke uitdrukkingen en verwijzingen naar het uitgaansleven van de Spaanse hoofdstad. Voor wie Madrid toen goed kende, was het een feest van herkenning om Mañas en Loriga te lezen. Helaas waren de romans daardoor ook erg moeilijk te vertalen. Vergelijk het met Irvine Welsh’ verfilmde boek Trainspotting, dat in vertaling ook niet echt aansloeg omdat het sappige, vaak fonetisch gespelde Schotse slang in het Nederlands noodgedwongen een soort Randstadtaaltje werd.

Toen in 1995 een nieuwe roman van Loriga in het Nederlands verscheen, was de hype alweer bijna overgewaaid. De recensies waren bovendien vaak vernietigend: ‘Ray Loriga zet in Helden puberale klaagzang voort’, kopte de Volkskrant. Geen wonder dat er sindsdien niets meer van hem werd gepubliceerd in het Nederlands. De negatieve kritiek was weliswaar deels terecht, maar in de ‘brij van anekdoten, gewauwel over popmuziek en quasi-filosofisch gemijmer over het bestaan in een moderne samenleving’ gaf Loriga toch hier en daar nog de indruk dat hij meer in zijn mars had. En kijk: na nog een aantal weinig opzienbarende romans waarmee de schrijver vooral liet blijken dat hij zijn draai nog niet had kunnen vinden, berichtte de Spaanse krant El País in april dat Loriga de Premio Alfaguara had gewonnen voor Rendición, zijn nieuwste boek.

Volkomen onverwachts sleepte de auteur dus nog een vrij belangrijke literaire prijs in de wacht. Rendición (wat zoveel betekent als overgave, of zelfs onderwerping) blijkt dan ook een aangename verrassing te zijn: de inmiddels vijftig jaar oude Loriga heeft de puberale weltschmerz van zich afgeschud en schreef een meeslepende, donkere dystopie. Vooral de sterke plot zijn we niet van de Spanjaard gewend. Het boek speelt zich af in een niet nader gespecificeerde plaats en tijd. Er woedt al jaren een burgeroorlog. Een ouder stel, van wie de zonen bij het leger zijn ingelijfd, heeft een mysterieuze jongen opgevangen. Er heerst schaarste, water is duur en moeilijk te krijgen. Als de vijand nadert, wordt het dorp geëvacueerd. Alle huizen worden platgebrand en iedereen vertrekt naar de ‘transparante stad’, waar enkel doorzichtige bouwmaterialen worden gebruikt en geen privacy bestaat.

De vergelijking met Orwells 1984 is snel gemaakt, maar in Rendición is iets anders aan de hand: er is geen big brother of zichtbare staat. Het volk organiseert en beslist alles zelf, iedereen krijgt wat hij nodig heeft en niemand voelt de behoefte om zich te verzetten. Als de hoofdpersoon zich steeds meer gaat verwonderen over zijn onvermogen om zich ongelukkig te voelen en merkt dat hij vreemd genoeg niet in staat is om zich af te zetten tegen de algemene tevredenheid, gaat hij op onderzoek uit.

Knap is vooral hoe Loriga de spanningsboog van het boek langzaam opbouwt door met mondjesmaat informatie vrij te geven en niet meer te onthullen dan nodig, zodat de lezer wordt gestimuleerd om na te denken over de ware toedracht van het verhaal. De auteur gebruikt daarvoor een filmische, onopgesmukte stijl. De roman roept vooral nieuwe vragen op en wemelt van de losse eindjes, maar dat is duidelijk de bedoeling.

Zou Loriga nog een tweede kans krijgen in het Nederlands? Hopelijk wel, maar er zijn niet veel schrijvers die ooit zo’n herkansing kregen.

 

 

Rendición
Ray Loriga
Rendición is (nog) niet in Nederlandse vertaling verkrijgbaar

Meer van Daan Pieters:

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
14 juli 2017

Het barre landschap van de menselijke geest

Over 'Beest' van Paul Kingsnorth
27 juni 2017

‘We hebben gedaan wat we konden’

Over 'Het onhandige kind' van Alexandre Seurat

Recent

22 augustus 2017

Variabele verhalen in prettige stijl geschreven

Over 'Astronaut' van Pieter Kranenborg
17 augustus 2017

Vergeefse strijd heeft een mooie bundel opgeleverd

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

Verwant