12 juli 2017

Ik heet Lucy Barton – Elizabeth Strout

Het geluid van een brekend hart

Recensie door Martin Lok

Net als bij geliefden kan de liefde tussen een ouder en kind pijnlijk zijn. Onbeschrijfelijk pijnlijk, alhoewel dat dan wel weer de mooiste verhalen kan opleveren. Zoals bij graaf Ugolino, wiens kinderen zo van hem hielden dat ze hun eigen lichaam als voedsel aan hun vader aanboden toen hij tot de hongerdood was veroordeeld. Een verhaal dat Jean-Baptiste Carpeaux tot een prachtige witmarmeren beeldengroep inspireerde. Zijn uitbeelding van een vertwijfelde Ugolino met vier zonen aan zijn voeten is te bewonderen in het Metropolitan Museum of Art in New York en speelt een belangrijke rol Elizabeth Strout’s roman Ik heet Lucy Barton. Een boek waarin de pijnlijke liefde tussen de hoofdpersoon Lucy Barton en haar ouders centraal staat. Liefde die vergezeld gaat van onbegrip en pijn, maar die er zeker is. Zo ziet Lucy in als ze na vele keren achteloos langs Ugolino gelopen te zijn de beeldengroep een keer goed bekijkt en beseft dat kinderen altijd alles zullen doen om de nood van hun ouders te ledigen. Alles. Zoals ook zijzelf uiteindelijk had gedaan.

Lucy was altijd een buitenbeentje geweest. Ze was anders dan haar ouders en haar oudere broer en zus en anders dan alle andere mensen in het boerendorp Amgash in Illinois. Haar familie was een van de armste uit het dorp en haar jeugd niet echt een gelukkige. Ze bracht haar dagen vaak in eenzaamheid en koude door, die ze ontvluchtte door na de lessen langer op school te blijven, waar de kachel brandde en het warm was. Ze deed er haar huiswerk, las er boeken en haalde door al dat werken louter tienen. Het bracht haar een studiebeurs en een nieuw leven in Chicago en uiteindelijk New York.

De keerzijde van haar succes en vertrek uit Amgash was dat er geen verbondenheid meer was tussen Lucy en haar ouders, broer en zus. Haar leven was een ander leven, en ook als ze even terug is in Amgash blijkt steeds weer snel dat er voor haar eigenlijk geen plaats meer is. Haar leven is te onbekend, te verwarrend en misschien ook wel te pijnlijk voor haar ouders. Lucie weet dat ze haar eigen leven op moet bouwen en familiebanden verwateren langzaam. Lucie ziet haar ouders, broer en zus niet meer, totdat ze herstellende is van een eenvoudige operatie en haar moeder haar vijf dagen in New York komt opzoeken. Vijf dagen waarin haar moeder niet van haar zijde wijkt en ze in haar verhalen over dorpsgenoten Lucy weer deelgenoot maakt van het leven in Amgash. Verhalen die moeder en dochter helpen hun broze relatie onder de loep te nemen, waarbij steeds pijn opsteekt en liefde onbespreekbaar blijft. Moeder en dochter spelen zo een vijf dagen lang een kat en muis spel dat door Strout treffend wordt beschreven. Soms met harde woorden: ‘Grote genade, Lucy Barton. Ik ben niet helemaal hierheen gekomen met het vliegtuig om me door jou te laten vertellen dat wij uitschot zijn.’ Om later plaats te maken voor broze woorden van de onzekerheid: “‘Mam! Hou je van me, hou je van me, hou je van me?’”. Als haar moeder weigert te antwoorden sluit Lucy haar ogen. “‘Hou je van mij als ik mijn ogen dicht heb?” “Als je je ogen dicht hebt,” antwoordde ze. Toen stopte we met dit spelletje, maar ik was zo gelukkig…’

Vooral de gedachten van Lucy zijn door Strout mooi verwoord en vatten de verbondenheid én kwetsbaarheid van haar en haar geboortegrond samen: ‘Ik heb heel wat mensen gekend, ook uit het Middenwesten, die tegen me zeggen dat je maïs niet kunt horen groeien, maar ze hebben het mis. Je kunt mijn hart niet horen breken – ik weet dat dit gedeelte klopt – maar voor mij zijn die geluiden onlosmakelijk met elkaar verbonden, dat van groeiende maïs en dat van mijn hart dat breekt.’

In dergelijke passages toont Elizabeth Strout zich een ware literaire Carpeaux. Haar taal heeft hier en daar dezelfde zachtheid en doorschijnendheid als de witmarmeren beelden van Carpeaux, maar ze vertelt er een even pijnlijk verhaal mee als de beeldhouwer in zijn Ugolino-groep. En ze doet dat op een vergelijkbaar hoog niveau. Ook al lijkt de roman door de toegankelijkheid een niemendalletje, waar je als je niet oppast snel en achteloos doorheen leest. Maar er komt een moment dat je het, net zoals Lucy bij Ugolini was overkomen, opnieuw een keer leest en tot het besef komt dat je door dit boek wat meer begrijpt van het leven.

 

Ik heet Lucy Barton
Elizabeth Strout
Vertaling door: Barbara de Lange
Verschenen bij: Atlas Contact, Uitgeverij
ISBN: 9789025447076
176 pagina's
Prijs: € 12,50

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *





 

Meer van Martin Lok:

30 mei 2017

Kunst als antwoord op existentiële vragen

Over 'Zout in de wond' van Jurriaan Benschop
26 oktober 2016

Een knap romandebuut

Over 'Drie dagen' van Nina Roos
14 juni 2016

'Bloed gaat nooit teloor'

Over 'De hartslag van Moskou' van Jiří Weil

Recent

25 juli 2017

Een Limburgse Rémi

Over 'De dagen' van Frans Budé
21 juli 2017

Vast in het ijs

Over 'Dwars door het ijs' van Cormac James
19 juli 2017

Kijk, lees en geniet!

Over 'Wonderwezens' van Ingrid Biesheuvel, John Rabou
17 juli 2017

Terug naar vroeger

Over 'Hier kom ik weg' van Annette Maas
14 juli 2017

Het barre landschap van de menselijke geest

Over 'Beest' van Paul Kingsnorth

Verwant

12 juli 2017

Recensie door: Carolien van Welij

Over 'Everything you always wanted to know about jewishness (but were afraid to ask)' van Elizabeth Strout