22 mei 2017

Vaan nu – Bertram Mourits e.a.

Herrijzende ster van Vaandrager en de tijd dat poëzie op straat lag

Recensie door Rob Molin

De naam Cornelis Bastiaan Vaandrager (1935-1992) wordt vaak in één adem genoemd met die van Hans Sleutelaar, Hans Verhagen en Jules Deelder. Zij zijn bekende performers of, specifieker, ‘aucteurs’ waarvan er anno 2017 zovelen rondgaan. Ze schrijven en treden op, begeven zich tussen lezers of tussen toehoorders die hun werk misschien niet eens meer hoeven te lezen.

Vaandrager en zijn kompanen, aucteurs- avant-la-lettre, verfoeiden de ivoren toren van de Tachtigers, de Vijftigers, van alle vorige generaties. Toen Vaandrager in de vroege jaren zestig begon te publiceren brak hij nog niet resoluut met die traditie. Toch schemert al – in zijn veelgeprezen roman Leve Joop Massaker (1960) ,en de poëziebundel Met andere ogen (1961) – zijn latere revolutionaire manier van kijken door. Uitgangspunt is daarbij dat de alledaagse realiteit, hoe lelijk ook, een voedingsbodem voor kunst vormt.

In de bundel met de onopgesmukte titel gedichten (1967) presenteert Vaandrager een kale en bovenal ongefilterde benoeming van de dingen. Kenmerkend is verder dat de openingscyclus ‘Het sexuele leven’ evenals de meeste andere afdelingen uit ultrakorte gedichten bestaat:

Kind: Wie was die meneer? / Moeder: die meneer kent mammie nog van vroeger, / toen mammie nog niet getrouwd was

Vaandrager was een smaakmaker. Hij wees Toon Hermans met zijn onemanshow de weg in het cabaret, stond aan het begin van de podiumliteratuur waarin Johnny van Doorn – alias Johnny The Selfkicker – en Bart Chabot zouden excelleren. Bovendien is hij een belangrijk vernieuwer van vooral de Nederlandse poëzie. Deze verdiensten rechtvaardigen de aan hem gewijde uitgave Vaan nu ten volle. Zij laat zien, zoals in het voorwoord is aangekondigd, wat Vaandrager ‘ons anno 2017 – 25 jaar na zijn overlijden – te zeggen heeft.’

Het boek bevat onder andere een informatief essay van Bertram Mourits over de literaire ontwikkelingsgang die Vaandrager vanaf 1960 doormaakte. Verder zijn er bijdragen van ruim twintig anderen hedendaagse auteurs, herinneringen en anekdotes alsmede poëzie die door de ‘Rotterdamse Reus’ beïnvloed of geïnspireerd is.

Een ontroerende notitie is van de hand van Mustafa Stitou: ‘Eind 1973 […] Wilhelmina Gasthuis, paviljoen 3 […] Als een mysticus met zonnebril rookte hij de ene na de andere joint.’ In genoemd jaar leidde Vaandrager na de voor hem roerige sixties een in drugszucht en zwerflust gedrenkt bestaan met opnames in psychiatrische instellingen als gevolg. Volgens Mourits had dit te maken met miskenning. Hij was niet zoals Sleutelaar, Verhagen en Jules Deelder doorgedrongen tot een groot publiek. Bovendien besteedde de literaire kritiek in die latere jaren minder aandacht aan zijn werk, dat door Vaandragers lichamelijk en geestelijk verval in frequentie en kwaliteit, tanende was.

Vaandrager stierf nog geen zestig jaar oud aan verwaarlozing en uitputting zoals Johnny van Doorn, René Stoute of Riekus Waskowsky. Ook zij gingen aan de literatuur al of niet door miskenning en in elk geval aan psychedelica ten gronde.
Na zijn dood kreeg Vaandrager een (her)waardering waarop Vaan nu met diverse bijdragen van jongeren en ouderen een kroon zet. Zoals in de introductie op het boek en in daaropvolgend inleidend essay wordt aangestipt, Vaandrager was de voorman van de ‘Bende van vier’. Zij fulmineerden in de gezaghebbende tijdschriften Gard Sivik en De Nieuwe Stijl tegen de Vijftigers en hun te beperkte binding met de realiteit. Niet minder dan een nieuwe generatie, die der Zestigers, schaarde zich rond de ‘Bende’. In de jaren van zijn revolutionaire gedichten – merkt de inleider van Vaan nu op – heeft Vaandrager ‘getracht de grenzen van wat literatuur is op te rekken en verbinding te zoeken met de (indertijd) opkomende pop- en mediacultuur.

Als schrijver en dichter droeg hij de geestesgesteldheid in zich van ons huidig multimediale tijdperk. Eveneens is er een relatie tussen het afbreken van autoriteit in de jaren zestig – waarin Vaandrager zich als betoger tegen de officiële literatuur thuis voelde – en het postmodernisme met zijn relativeren van verworvenheden. De ‘Bende van vier’ had immers (anders dan de ready made-cultuur van Barbarber rond Bernlef en Schippers eind jaren vijftig) de alledaagse realiteit tot poëzie verheven. De poëzie lag om zo te zeggen op straat, in materiaal dat slechts opgeraapt moest worden en slechts een geringe bewerking behoefde.

Een van de mooiste bijdragen aan Vaan nu is een interview van Bart Chabot met Herman Brood die herinneringen aan Vaandrager ophaalt. Het vraaggesprek is geschreven met dezelfde schijnbare onbewogenheid als werk van bewonderaars onder wie Ramona Maramis en Lilian Zielstra. Van de laatste is ‘boekhandel’, een tekst die in de lijn ligt van het geciteerde uit gedichten: Verkoopster: Is het een cadeau? / Klant: Ja, voor mezelf.

Vaan nu is en geslaagd eerbetoon en eerherstel voor een auteur die zijn sporen in de Nederlandse letteren overduidelijk heeft nagelaten.

 

 

Vaan nu
Bertram Mourits e.a.
C.B. Vaandrager met andere ogen
Verschenen bij: Studio Kers
ISBN: 9789491835049
128 pagina's
Prijs: € 18,95

Meer van Rob Molin:

12 april 2017

Zoon springt uit de schaduw van de vader

Over 'Campert & Campert' van Jan en Remco Campert
23 maart 2017

Mooie ontledingen van Alberts werk die aansluiten op zijn levensverhaal

Over 'Leven op de rand. Biografie A. Alberts' van Graa Boomsma
20 februari 2017

Ironie en hilariteit spatten van de bladzijden af

Over 'Wederzijds' van Kees 't Hart

Recent

22 augustus 2017

Variabele verhalen in prettige stijl geschreven

Over 'Astronaut' van Pieter Kranenborg
17 augustus 2017

Vergeefse strijd heeft een mooie bundel opgeleverd

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

Verwant

22 mei 2017

Recensie door:  Jaap M. Jansen

Over 'Recensie: Luisteren &cetera ' van Bertram Mourits e.a.