9 februari 2017

De rode anjer – Elio Vittorini

Gepassioneerde discussies

Recensie door Lodewijk Brunt

De boezemvrienden Alessio Mainardi en Tarquinio Masséo leven in een eigen wereldje, zoals je wel vaker ziet bij scholieren van een jaar of zestien, zeventien. Ze fantaseren over het bestaan en richten hun omgeving in naar eigen maatstaven. Ze dopen de Piazza del Duomo om tot Parasang en gebruiken bijnamen voor klasgenoten en leerkrachten: zesjeskoningin, signora Formica, kikker, vroedvrouw. Het pension waar ze tijdens hun schooltijd wonen, is ‘protectoraat’, de gemeenschappelijke zitkamer ‘kamp’ en hun bedden ‘tent’. Hun universum is klein en overzichtelijk, gesitueerd in het centrum van het Siciliaanse stadje Siracusa, maar hun gesprekken gaan over wereldproblemen, literatuur en, onafwendbaar, de actuele politieke situatie in Italië. Mussolini is aan de macht, het fascisme drukt een zwaar stempel op het openbare leven, ook op ieders persoonlijke omstandigheden. Dit zijn de ingrediënten van Il garofano rosso uit 1948, door de Siciliaanse schrijver en criticus Elio Vittorini. Het werk is zojuist in een Nederlandse vertaling verschenen in de serie Cossee Century: De rode anjer. 

Feuilleton
Vittorini wordt in beschouwingen over de Italiaanse literatuur geprezen om zijn pogingen het ‘modernisme’ te verbreiden in de romankunst en poëzie, maar De rode anjer is een conventionele, burgerlijke roman over een korte episode uit het leven van Alessio Mainardi: een paar maanden op de middelbare school. En bepaald geen modernistisch meesterwerk. Het boek is samengesteld uit een reeks feuilletons die midden jaren 1930 werden afgedrukt en daar draagt het de sporen van. Sommige hoofdstukken worden verteld door de ik-figuur Alessio, andere bestaan uit fragmenten van dagboeken of brieven, soms geschreven door Alessio, soms door zijn vriend Tarquinio. Dat gaat ten koste van het ritme en de continuïteit.

Ondanks de aanbevelingen die de uitgever op het omslag heeft afgedrukt: simpelweg geniaal en alsof Pirandello en Garcia Lorca elkaar de hand hebben geschud, valt nauwelijks te begrijpen hoe de hoofdpersoon zich verhoudt tot het fascisme. In bepaalde hoofdstukken prijst Alessio het fascisme vol trots aan als ‘revolutionair’ en ‘anti-burgerlijk’, beter dan het communisme, op andere momenten dweept hij met communisten als Karl Liebknecht en Rosa Luxemburg en spreekt hij vol minachting over Giacomo Matteotti, de socialistische parlementariër die door Mussolini’s knokploegen in 1924 werd vermoord. Was het de bedoeling van de schrijver de ambivalentie van een jeugdige hemelbestormer te illustreren?

Misschien weerspiegelt De rode anjer eerder het politieke opportunisme van de schrijver zelf. Als actief lid van de fascistische partij had hij direct te maken met Mussolini’s censuur: sommige hoofdstukken werden verboden. Nadat hij uit de partij werd gesmeten omdat hij zich uitsprak tegen Franco en zijn rol in de Spaanse burgeroorlog, heeft hij de nodige verwarring gesticht over de precieze redenen van de censuur. Werd zijn werk gezien als pornografisch? Daar is in deze versie geen enkele grond voor. Als politiek incorrect? Dat zou kunnen, want tot op de dag van vandaag wordt er in Italië getwijfeld of de schrijver politiek gezien wel zuiver op de graad was.

Vrouwen
Aanleiding voldoende. De vrienden van Alessio, allemaal scholieren, discussiëren over de mogelijkheid tot invoering van een Wetboek van de Liefde, waarin de doodstraf staat op prostitutie en overspel. Voor jongens moet er een internaat komen waar ze zich door relaties met beschikbare vrouwen kunnen voorbereiden op het huwelijksleven. Een ‘hygiënische maatregel’, zoals wordt opgemerkt. De vrouwen in het internaat zijn geen courtisanes, want ze mogen zelf hun jongens uitkiezen. Op een bepaalde leeftijd heeft de man behoefte zich aan een vrouw te onderwerpen, en wie daar niet aan toegeeft zal daar later berouw van hebben. Is het Wetboek van de Liefde een stokpaardje van Vittorini of is dit een weergave van de gangbare fascistische beginselen? Hoe dan ook, de schrijver neemt er op geen enkele manier afstand van.

Vrouwen en prostitutie vormen de kern van De rode anjer. Alessio krijgt de bloem van Giovanna, het schoolmeisje op wie hij hopeloos verliefd is. Maar hij laat de anjer op zeker moment achter bij Zobeida, de hoer op wie zijn vriend Tarquinio verliefd is. Beide jonge vrouwen lopen in elkaar over, zoals de beide vrienden ook verwisselbaar lijken te zijn. Giovanna is voor Alessio onbenaderbaar, want ze heeft zich aan Tarquinio uitgeleverd. Alessio vindt troost bij Zobeida. Was jij ook maar Giovanna, zegt hij tegen haar. Kom we gaan!, zegt Tarquinio aan het slot van De rode anjer tegen Alessio. Je moet het niet erg vinden dat ik zo met Giovanna omga. Jij had tenslotte alleen met haar gekust. Heb jij die andere niet gehad?

Waarom de uitgever dit curieuze boek nu heeft laten vertalen, mogen we raden. Barbara Kleiner is gevraagd om in een nawoord een rechtvaardiging te schrijven; wat haar specifieke deskundigheid zou zijn wordt in het duister gelaten. Ze prijst de vitaliteit van de schrijver. Met een verbluffend gevoel voor intuïtie streefde Vittorini zijn leven lang (…) maar naar één ding: praktische en intellectuele vitaliteit. Wat dit veelzijdige leven en werk in wezen bindt, gaat ze verder, is die onmiskenbare, instinctieve hang naar vitaliteit. Veel dure woorden zonder betekenis. Wie mocht aarzelen over de kwaliteiten van De rode anjer wordt streng terechtgewezen. Het boek is volgens haar een uniek tijdsdocument voor een typisch Italiaanse variant van het fascisme: een links fascisme met sterk anarchistische trekken. En dus… dat maakt verdere rechtvaardiging overbodig. 

 

 

De rode anjer
Elio Vittorini
Vertaling door: Emilia Menkveld
Verschenen bij: Uitgeverij Cossee
ISBN: 9789059366930
224 pagina's
Prijs: € 22,99

Meer van Lodewijk Brunt:

12 juni 2017

‘Onkreukbaar, rechtschapen, moedig en integer’

Over 'De goede advocaat' van Britta Böhler
1 mei 2017

Een leven lang lezen en schrijven

Over 'Hoe verliefd is de lezer?' van Doeschka Meijsing
24 februari 2017

Een kort verhaal is als een schijnwerper

Over 'Halleluja' van Annelies Verbeke

Recent

23 juni 2017

Een disharmonisch tegengeluid

Over 'De wolkenmuzikant' van Ali Bader
22 juni 2017

Een lekker tussendoortje

Over 'De spionne' van Jean Echenoz
21 juni 2017

Van een fascinerende wispelturigheid

Over 'J.B.W.P.Het leven van Johan Polak' van Koen Hilberdink
20 juni 2017

Een mens van vlees en bloed

Over 'Chelsea Girls' van Eileen Myles
19 juni 2017

Stinkende lijven en slapeloze nachten

Over 'Tien dagen die de wereld deden wankelen' van John Reed

Verwant

9 februari 2017

'En allemaal hadden ze hetzelfde gezicht'

Over 'Mens of niet ' van Elio Vittorini