17 mei 2017

Flessen en kruiken

Door Martin Lok

Vorige week bezocht ik in Bologna het moderne kunstmuseum en bekeek er meer dan zeventig schilderijen en tekeningen van Giorgio Morandi. Op vrijwel alle schilderijen en tekeningen stond hetzelfde: een stuk of wat flessen en kruiken. Van een steeds grotere eenvoud.

Wat drijft een kunstenaar om voortdurend dezelfde flessen en kruiken te schilderen? En dan ook nog eens in hetzelfde kamertje, in de flat waar hij zijn hele leven zou wonen. Waarschijnlijk omdat herhaling meesterschap brengt, wat duidelijk in zijn schilderijen naar voren komt. Want in alle eenvoud bleek perfectie te gedijen, zonder dat het monotoon werd. Wat gezien Morandi’s geboorteplaats eigenlijk volstrekt logisch is, want waar anders dan in Bologna kun je leren wat de kracht van eenvoud is? Bologna excelleert in culinaire eenvoud, de eenvoud van simpele gerechten. Daar is deze stad groots in, van de lekkerste mortadella en salami tot de heerlijkste tagliatelle al ragu en tortellini in brodo. Je kunt het allemaal tot in de kleinste steegjes proeven, in de Italiaanse trattoria’s en ostaria’s. Het enige nadeel is dat je er al snel teveel van neemt en na een paar dagen begint te ontdekken dat Bologna niet voor niets La Grassa wordt genoemd, ‘De Vette’. Een combinatie van eenvoud en perfectie die ik uiterst smakelijk vind, zoals ik dat ook bij Morandi waardeer.

Toch was mijn favoriete restaurant in Bologna niet Bolognees maar Siciliaans. En dat was helemaal geen straf; ook Sicilianen kunnen prima koken, zij het dat eenvoud hier wordt vervangen door extravagantie. Zoals door Tomasi de Lampedusa onovertroffen is geboekstaafd in de Tijgerkat, waarin de Prins van Salina een feest geeft om zijn jaarlijkse verblijf op het platteland in te luiden. De Lampedusa’s beschrijving van de culinaire rijkdom van de Salina’s doet je  watertanden: ‘De goudbruine korst en de geur van suiker en kaneel die deze verspreidde, waren slechts voorboden van de heerlijkheden die van binnenuit tevoorschijn kwamen, toen het mes de korst doorstak: eerst kwam er een naar specerijen geurende damp van af, daarna kwamen kuikenlevers, hardgekookte eieren, plakken ham, kip en truffel in een overvloed van gloeiend hete, glinsterende maccheroni, waaraan het braadvocht van het vlees de geraffineerde kleur van gemzenbont gaf.

Ik heb eens geprobeerd zo’n maccheroni-timbaal als die van de Prins van Salina te maken. Het resultaat was prachtig, maar toen ik er het mes inzette, bleef het orgastische effect uit de Tijgerkat volledig achterwege. De literair-culinaire strapatsen van De Lampedusa waren voor mij te hoog gegrepen. De volgende keer maakte ik maar weer een eenvoudige pastaschotel. Die net als Morandi’s kunst prima beviel. Want ook in eenvoud schuilt perfectie.

 

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer