24 april 2013

Filter Vertaalprijs voor Aai Prins, vertaalster van Gogol

De Filter Vertaalprijs 2013 voor de meest bijzondere vertaling van het afgelopen jaar is tijdens de Internationale Literatuurdagen in Utrecht bekend gemaakt. Russisch vertaalster Aai Prins ontving de prijs voor haar (her)vertaling van de verhalen en novellen van Gogol. Deze vertaling verscheen als deel 1 van het Verzameld werk van Gogol bij uitgeverij Van Oorschot.

Prins heeft haar prijs onder meer te danken aan de hernoeming van Gogols beroemde verhaal ‘De mantel’ in ‘De jas’. Over deze vertaalkeuze is een interessant stuk te lezen in het laatste nummer van Filter (waarin ook het juryrapport van de vertaalprijs te lezen is). Volgens de auteur van dit stuk, Eric Metz, is het een goede keuze geweest om het verhaal ‘De jas’ te noemen: ‘dat is eigenlijk ook wat het Russische woord sjinélj betekent: een lange jas, of een uniformjas.’ In het interview in Casa Luna zei Prins dat vroeger Russische literatuur  meestal vertaald werd vanuit het Duits.
 

Uit het juryrapport: ‘De taal die Aai Prins heeft gevonden is rijk en levendig en veel sprankelender dan eerdere vertalingen, de formuleringen zijn korter en strakker, minder omslachtig, overbodige woordjes zijn weggelaten. De liefde voor het vertalen straalt er bovendien af. Aai Prins, woonachtig in St. Petersburg, de stad van haar schrijver, tilt het geheel, Gogol zelf, elk verhaal, elke figuur, elke scène, elke dialoog, in elke zin rechtstreeks naar het hier en nu.’

Luister hier naar het interview met Aai Prins in het programma ‘Casa Luna’.

 

Recent

22 september 2017

Modiano's spel met de lezer

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer