4 oktober 2016

Eilanden

Door Stefan Ruiters

img_1439Op de achtergrond klinkt Radio 4. Op de trap naar boven heb ik de biografie van Peggy Guggenheim neergelegd om straks in te beginnen. Eigenlijk ligt Grunbergs een na laatste boek Het bestand, van vorig jaar, nog opengeklapt op mijn nachtkastje. Met de rug naar boven. Daaronder Dick Hillenius De vreemde eilandbewoner (2e herziene druk, 1976) en ernaast ligt Boudewijn Büchs Eenzaam (5e druk, 1993) uit zijn reeks over Eilanden. Biologisch, evolutionair, literair, geografisch en historisch: de beschrijvingen van eilanden en hun bewoners (mens, dier, plant, steen) hebben me altijd geboeid. Ik herinneren me dat ik, tijdens verjaardagen van mijn vader of moeder, aan de eettafel zat met een atlas waarin, onder de nationale vlag, een geografische samenvatting van het specifieke land werd gegeven: bodemsoort, bevolkingsaantal, steden boven de miljoen inwoners, industrie en dergelijke. Zou er intussen al een eilandenatlas zijn gemaakt?

Is een persoon niet ook een eiland? Zijn we niet allemaal losse eilandjes die langs elkaar heen bewegen en allemaal anders denken? Op zoek naar elkaar (althans, sommige idealistische welwillende in de ‘beweging’ Ieder1). Zo iemand als de Amerikaanse Peggy Guggenheim (1898-1979). De fameuze kunstmecenas van het modernisme die menig kunstenaar om haar vingers wond en een kunstverzameling bezat waar je alleen maar jaloers op kunt zijn. Zij was eigenlijk een en al ego. Met een ongelooflijke eigenwijsheid. Een eigenschap van een eiland, lijkt me. Gesloten wanneer het haar uitkomt en open, ook als het haar uitkomt. Opportunistisch dus. Hoe groter je ego, des te omvangrijker het eiland dat je bent.

En een boekenverzamelaar dan. Is die niet ook bezig zich een eiland van papier te creëren? Dat lijkt me wel. Je kunt je in je verzameling verstoppen, dagenlang, wekenlang. Schrijvers sluiten zich op temidden van hun boeken. Het eiland dat zij ook zijn, moeten zijn om te kunnen schrijven, vormen ze met kaften, letters, kleur en allerlei soorten papier tot hun eigen unieke stukje . En voegen daar hun eigen bergje of delta van papier aan toe: een roman, een essay of een dichtbundel. Als we maar genoeg schrijven en lezen, dan bewegen de eilanden die we allemaal afzonderlijk zijn, misschien wel een beetje naar elkaar toe.

 

 

 

 

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer