18 oktober 2017

Waterscheerling – Rascha Peper

‘Een luchtig sprookje’

Recensie door Daan Pieters

Misschien hebt u dat ook wel, dat u na een zware roman of een ander veeleisend boek even iets lichters wilt lezen, zoals je de dag na een overdadig diner eigenlijk alleen maar trek hebt in een salade. In zo’n geval komt Waterscheerling, een postuum uitgegeven verhaal van de in 2013 overleden Rascha Peper, als geroepen. Echt nieuw is dit verhaal niet, want het verscheen al in de verhalenbundel Een Siciliaanse lekkernij (2014), maar het kan nog steeds bekoren.

Plaats van handeling van dit sprookje voor volwassenen is een Veluws dorp in de jaren vijftig. Het gezin van Wisselwachter Tienverloren woont daar in een huisje met een diepe, geheimzinnige waterput. Uit voorzorg heeft vader een eikenhouten deksel laten maken waarop een zware steen rust. Zijn eigenzinnige dochter Stella, een nakomertje dat niet veel gemeen lijkt te hebben met haar robuuste, blonde broers of plompe ouders, is van jongs af aan gefascineerd door de put, maar de kinderen krijgen vaak genoeg te horen dat ze uit de buurt moeten blijven.

Als de kinderen groter worden, schijnt het gevaar van de waterput te zijn geweken. Ook Stella is inmiddels geen klein meisje meer. Jongens interesseren haar weinig, maar ze brengt wel veel tijd door met Pirre, die astronomie studeert. Stella kan met haar complexloze natuur echter op weinig begrip rekenen van haar vader, zeker als hij haar in haar blootje aantreft in het bos: ‘De aanblik van haar naaktheid had de vader een schok gegeven. Niet alleen doordat ze daar zo uitdagend zat met haar zeventien jaren, maar ook omdat ze zo mooi en fragiel was, met haar witte billen op haar voeten en haar kleine meisjesborsten naar de zon geheven. Hij had zijn dochter al jaren niet meer naakt gezien en was haast pijnlijk getroffen door haar schoonheid. Niettemin had hij haar ’s avonds bars tot de orde geroepen over haar gedrag.’

En dan slaat het noodlot toe, de conflictueuze vader-dochterverhouding triggert Stella’s verdwijning: ‘Kort na haar achttiende verjaardag was Stella op een ochtend verdwenen. Het houten deksel en de steen lagen op de grond naast de put.’ Een grote verrassing is dat niet voor de lezer, want doordat de aandacht haast voortdurend op de waterput wordt gevestigd, weet die wel wat er gaat gebeuren. Hermans zei het al: er mag geen mus van het dak vallen, zonder dat het een gevolg heeft, en voor hem was er Tsjechov: ‘Als er in het derde bedrijf een geweer afgaat, tone men in het eerste een geweer.’ Alleen is het voor de verhaaltechniek dan wel beter om die mus niet al te nadrukkelijk naar beneden te laten donderen en bij voorkeur te laten opduiken op een moment dat de lezer eigenlijk al vergeten was dat het beestje op dat dak zat…

Stella blijft spoorloos. Pirre mist zijn geliefde en waagt zich in de waterput om haar te zoeken: ‘Afdalend hoorde hij zijn eigen gejaagde ademhaling en het doodse schuren van zijn rug en schouders langs de putwand; de doffe geluiden die zijn voeten maakten bij het stoten tegen de stenen leken direct door het binnenste der aarde verzwolgen te worden.’ Hij volgt haar met andere woorden naar de onderwereld, voor wie de parallel wil trekken met de mythe van Orpheus en Eurydice of het sprookje van vrouw Holle. Dat blijkt een onderwaterwereld te zijn: ‘Toen er een groepje blikkerende vissen uit de boom schoot, merkte hij dat het geen wind was die de takken beroerde, maar een stroming. Hij was onder water.’ Hoe de zoektocht naar Stella daar afloopt, zullen we niet onthullen, maar de hereniging met zijn geliefde is een groots moment: ‘Toen ze moe werd en uithijgde naast zijn struik, zag hij haar roze geworden wangen van opzij, haar ogen met door het water knipperende wimpers, haar blote armen met een armbandje van bloedkoralen om de rechterpols, de welving van haar borsten in het truitje, en hij rilde van begeerte.’ Daarna rest natuurlijk nog het lastigste deel van de reis: de terugkeer naar de bovenwereld…

Dit sprookje voor volwassenen moet het hebben van de stijl, waarmee Pepers voorliefde voor ongebruikelijke woorden en neologismen naar voren komt (najaden, koptelefoonvlechten, …). Uit een naschrift blijkt dat dit verhaal is geïnspireerd door een interview met filmmaker Alex van Warmderdam, die een scène in zijn hoofd had met een personage dat in het water valt en op de bodem een huisje in een onderwaterwereld aantreft. Die scène bleek te duur te zijn om te verfilmen. Dat technische of financiële beperkingen nooit een belemmering vormen, is natuurlijk een mooi voordeel voor schrijvers waar regisseurs alleen van kunnen dromen. En vandaar dit charmante, op één idee gebaseerde verhaal. Maar soms hoeft het echt niet meer te zijn.

 

 

Waterscheerling
Rascha Peper
Geïllustreerd door Sylvia Weve
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
ISBN: 9789021407487
80 pagina's
Prijs: € 15,00

Meer van Daan Pieters:

26 oktober 2017

Lastige vragen

Over 'Verbannen' van Çiler Ilhan
12 oktober 2017

Een antikrimi

Over 'De rechter en zijn beul' van Friedrich Dürrenmatt
3 oktober 2017

‘De korst van het denken lospeuteren’

Over 'De peer en ander proza' van Konrad Bayer

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

Over 'en toen aten we zeehond' van Nicoline Timmer
20 november 2017

Het leven ontwijken

Over 'Kraaien tellen' van Lucas de Waard
17 november 2017

Uitzichtloos leven in Unthank / Glasgow

Over 'Lanark' van Alasdair Gray
15 november 2017

Een portret in stukjes

Over 'Waarom ik mensen niet in mootjes hak' van Renske de Greef
14 november 2017

Diepe emoties in weloverwogen zinnen met originele beelden

Over 'Binnenplaats' van Joost Baars

Verwant

18 oktober 2017

Recensie door: Rosalien Koster

Over '‘We zijn allemaal moribundi’' van Rascha Peper
18 oktober 2017

Geraffineerde vertellingen 

Over 'Een Siciliaanse lekkernij' van Rascha Peper