7 december 2012

Een decennium lang Het liegend konijn

Recensie door Ingrid van der Graaf

 

Het liegend konijn is een tijdschrift voor hedendaagse poëzie met tweemaal per jaar een uitgave waarin enkel en alleen niet eerder gepubliceerde poëzie wordt opgenomen.  Geen recensies of beschouwingen ontnemen het zicht op het werk van de dichter, aan de lezer de taak zelf te oordelen. Het blad heeft een oplage van 1.500 exemplaren en telt 400 abonnees en kent sinds 2007 de tweejaarlijkse Debuutprijs Het liegend konijn toe.

Poëzie zien als kind van deze tijd, als de spiegel van onze samenleving, zo waardeert de enige redacteur van het blad, Jozef Deleu het dichterschap:  ‘Dichters als gangmakers voor wat er te gebeuren staat met mens en wereld’.

Struinend door de twee edities van Het liegend konijn van dit jaar is het een proeven, ruiken en opnemen. Er komt een grote verscheidenheid aan dichtkunst in voor. Dichters van uiteenlopende leeftijden, jonge debutanten, oude getrouwen en  enkele senioren leverden ‘niet eerder gepubliceerd’ werk. Uit de 67 dichters die in deze twee edities publiceerden, wordt hier de jongste dichter, Arno Van Vlierberghe (1990) en Nederlands grootste, de in Amerika woonachtige Leo Vroman (1915) belicht. Interessant is te zien hoe deze twee generatie dichters zich verhouden tot de toekomst:

Ideaal (Leo Vroman)

‘Engel, als ik zo dromen kon
en voor ons beiden
de wolken zien glijden
langs het plafond,

Uit een bloemig vloerkleed groeiden
de bedoelde planten
en bloeiden langs de kanten
de bedoelde bloemen,

Werden de kamerwanden
welig wuivend lover
van ons tweeën  en van  de
rest bleef niets dan liefde over.’

In dit gedicht is de wereld klein, en wordt het leven teruggebracht tot de essentie van het leven zoals de dichter die beleeft. Dat na het heengaan, het sterven, ‘niets dan liefde’ is wat overblijft en waaruit,  een overgave spreekt die vredig stemt. Een kleine, overzichtelijke wereld: ‘Uit een bloemig vloerkleed groeiden / de bedoelde planten.’ Wat zoveel betekenen kan als: het leven heeft zijn belofte waargemaakt.

De jonge dichter Arno van Vlierberghe dicht over een wereld die zich naar alle kanten uitstrekt en waarin het leven an sich een soort dreigement inhoudt waaraan niet te ontkomen is. Een gedichten‘epos’, al is er over heldendaden niets te melden. Een reeks gedichten over het verleden, hoe het was en dan, wat het gaat worden. Door zich het verleden te herinneren wordt de deur naar de toekomst geforceerd. Het is een gedichtenreeks waarvan de laatste strofe eindigt met: ‘En je moet je wijfje nog gaan vinden.’ Dat na alle gebeurtenissen en indrukken die een heel leven omvatten, het grote werk, het echte leven nog moet beginnen, is duidelijk. Hieronder het eerste gedicht uit de reeks: We waren allemaal even lelijk

‘Toen we nog naar verjaardagsfeestjes gingen,
de Opel kadet net gestolen dus te voet
hand in hand, de kleine klamme in grote klamme hand,
door de slapende stad.

Siliconen hielden toen de dieven buiten,
de kinderen binnen en
o wee als Arno aan de ramen van
dit alles prutst, dan wordt er gestorven
op vreselijke plekken
Toen leerden we plastic kaas te smaken,
roze puree te witten. Het kauwen werd
ons opgelegd.’

Waar in het gedicht van Vroman de belofte van de toekomst lijkt te zijn ingelost, heeft Van Vlierberghe de belofte die het leven inhoudt net ontwaard.

Bij deze tiende jaargang komt Deleu eindelijk met de waarheid op de proppen omtrent de naamgeving van het tijdschrift. De naam is niet, zoals abusievelijk wordt aangenomen, geïnspireerd op het verhaal over een konijn van Paul van Ostaijen welke bij elke editie op de achterkant werd afgedrukt. Het begon in 1990 in Boedapest in een restaurant waar Deleu de tafel deelde met neerlandici uit Midden-Europa en waar, vermoedelijk ter ontspanning, de vreemdste verhalen werden opgedist. Waarop Deleu reageerde met de uitdrukking ‘jullie liegen als een konijn’. Waarna er een Internationaal Genootschap voor Taalvernuftelingen onder de naam Het liegend konijn werd opgericht. Het genootschap hield niet lang stand maar de naam leefde voort, en Deleu richtte aldus in 2003 het literair tijdschrift Het liegend konijn op. Daarna kwam pas het verhaaltje van Van Ostaijen ‘over het konijn dat de lach zocht’ in beeld en werd sinds het eerste nummer, als zijnde zeer toepasselijk, op de achterflap afgedrukt.

Drie dichters ontvingen inmiddels de Debuutprijs Het liegend konijn. Ester Naomi Perquin won in 2007 voor het eerst deze prijs. In 2009 was het Ruth Lasters die de prijs won en in 2011 Lieke Marsman. Alle drie de laureaten schreven werk voor de tweede editie van Het liegend konijn.

Verdere dichters die, verdeeld over beide edities, met een enkel of meerdere gedichten in Het liegend konijn zijn opgenomen, zijn onder meer: Huub Beurskens, Wim Brands, Y.M. Dangre, Maarten Das, Ellen Deckwitz, Piet Gerbrandy, Eva Gerlach, Peter Ghyssaert, Peter Holvoet-Hanssen, Tjitske Jansen, Wiel Kusters, Hanz Mirck, Froukje van der Ploeg Daniël Vis, Judith van der Wel, Anneke Brassinga, Paul Demets, Kees Engelhart, Anna Enquist, Edwin Fagel, Ingmar Heytze, Maarten Inghels, Sylvie Marie, Erik Menkveld, Erwin Mortier, Erik Spinoy, Peter Swanborn en Eriek Verpale. 

Met deze tiende jaargang van Het liegend konijn is Jozef Deleu hoogst waarschijnlijk de langst zittende eenmans redactie van een literair tijdschrift. Wekelijks krijgt hij honderden gedichten toegezonden. Die hij zuiver op taalgevoel en herkenbaar aanwezig talent, selecteert. De gedichten die uiteindelijk geplaatst worden zijn van een kwaliteit die het dichtersgilde eer aan doet maar vooral ook het kritisch oog van Deleu kenmerkt.

‘Dichters als gangmakers voor wat er te gebeuren staat met mens en wereld.’ Een mooie gedachte die onverhuld de wens in zich draagt dat men meer gedichten moet gaan lezen wil men bij de ‘dichterlijke’ tijd blijven. Met Het liegend konijn in de hand zien we het volgend decennium met vertrouwen tegemoet.

 

Het liegend konijn

Onder redactie van Josef Deleu
10e jaargang nr. 1 april 2012,
Blz.: 264
Prijs: 20,-
nr. 2 oktober 2012
Blz.: 272
Prijs: 20,-
Uitgeverij van Halewyck, Leuven & Van Gennep, Amsterdam

www.hetliegendkonijn.be

 

Meer van Ingrid van der Graaf:

29 mei 2017

Grasduinen in het poëzielandschap van Jozef Deleu

Over 'Het liegend konijn jaargang 15, nr. 1' van Onder redactie van Jozef Deleu
25 april 2017

Tijdschrift voor vertalers met verrassende opbrengst

Over 'Tijdschrift PLUK - De oogst van nieuwe vertalers' van Onder redactie van o.a. Anne Folkertsma, Betty Klaasse, Barbara de Lange, Anne Lopes Michielsen, Lisa Thunnissen
10 april 2017

De Duivelsverzen als vertrekpunt

Over 'Altijd Augustus' van Maria Barnas

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

Over 'Herinneringen in aluminiumfolie' van Jamal Ouariachi
9 augustus 2017

Wachten op Godot aan de Moldau

Over 'Een afgedane zaak' van Patrik Ouredník
7 augustus 2017

Een kanjer

Over 'De tandeloze tijd 6 : Kwaadschiks' van A.F.Th. van der Heijden
4 augustus 2017

Wondranden

Over 'Een tuin in de winter' van Anna Enquist
2 augustus 2017

Jannie Regnerus gebruikt geen woord te veel

Over 'Nachtschrijver' van Jannie Regnerus