19 februari 2015

Een avond bij Claire – Gajto Gazdanov

Treurnis, weemoed en melancholie in adembenemend proza

Recensie door Angèle van Baalen

Gajto Gazdanov was een van de bekendste Russische emigrantenschrijvers in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Een avond bij Claire verscheen in 1929 in Parijs, gevolgd door nog enkele romans en verhalen, waaronder de roman Het fantoom van Alexander Wolf. In 1992 verscheen Een avond bij Claire in een vertaling van Helen Saelman. Zij heeft die vertaling voor deze heruitgave volledig herzien.

De schrijver Gazdanov en het hoofdpersonage Kolja lijken in bepaalde opzichten op elkaar. Beiden kiezen op jonge leeftijd (Kolja was 16 jaar) in de Russische Revolutie de kant van de Witten. Van Kolja weten we dat hij dat niet uit overtuiging deed, want als zijn oom Vitali, een oud-officier, hem probeert tegen te houden door te zeggen dat de vrijwilligers (de Witten) de oorlog gaan verliezen, denkt hij: ‘De vraag of de vrijwilligers de oorlog zouden winnen of verliezen interesseerde mij niet zo. Ik wilde weten wat oorlog was, (…). Ik trad toe tot het Witte leger omdat ik me op het grondgebied daarvan bevond, omdat iedereen dat deed’.
Zoals de schrijver zelf belandt ook Kolja, gedwongen te vluchten omdat de communisten de oorlog gewonnen hebben, na lange omzwervingen in Parijs. Daar ziet hij Claire terug, op wie hij in het Rusland van voor de Revolutie hopeloos verliefd was en die hij uit het oog verloren was ten gevolge van een nogal onhandige toenaderingspoging en die hij ‘nergens en nooit had kunnen vergeten’.

Claire is inmiddels getrouwd met een rijke zakenman die vaak en langdurig op reis is, zoals ook het geval is op het moment dat het verhaal een aanvang neemt. Kolja bezoekt de zieke Claire iedere avond tot hij van haar ontvangt waarnaar hij tien jaar verlangd heeft, maar ‘toen ze ingeslapen was, draaide ik me met mijn gezicht naar de muur en werd bevangen door mijn oude droefheid.’ Treurnis, weemoed, melancholie voeren de boventoon in de roman. In die bewuste nacht, bij Claire, realiseert Kolja zich dat aan het weemoedig verlangen naar Claire nu een einde is gekomen en dat besef leidt tevens tot een keerpunt in het verhaal. Vanaf dat moment namelijk begint Kolja zich geleidelijk alles voor de geest te halen wat voorafging aan de avonden bij Claire. Hij voert ons mee naar zijn bepaald niet ongelukkige jeugd die echter wreed verstoord werd door de dood van zijn bijzondere vader, de man die hem leerde hoe hij in zijn dromen wereldreizen kon maken als commandant van een toverschip. Ook zijn leven als gymnasiumleerling passeert de revue. Het valt hem op dat hij meer dan anderen van zijn innerlijk leven houdt, dat zijn aandacht getrokken wordt door ‘kleinigheden waaraan ik eigenlijk geen belang had moeten hechten’, en dat belangrijke gebeurtenissen (lees veldslagen, doden en gewonden) ‘nauwelijks effect’ op hem hadden en voor hem pas veel later, in zijn herinnering, de betekenis krijgen die ze hadden moeten hebben toen ze plaatsvonden.

Deze roman laat een onuitwisbare indruk na, niet alleen door wat Kolja beschrijft, maar ook en misschien wel vooral door hóe hij het beschrijft. Adembenemend en in bijna poëtische bewoordingen weergegeven is de reis van de pantsertrein. Deze trein, waarmee  Kolja, zijn kameraden en de officieren naar het front vervoerd worden, brengt hem in contact met lieden van allerlei slag. (Later bij de aftocht van de Witten ‘trok de pantsertrein over de rails van de Taurus en de Krim, als een door honden opgejaagd en door jagers omsingeld wild dier.’) In geuren en kleuren schildert Kolja laffe officieren – van wie een zich tijdens een zwaar gevecht onder een hoop lijken verschool en pas op stond toen het gevecht was afgelopen – en heldhaftige soldaten. Zelfs dat hij als soldaat van het artilleriecommando naar een observatiepost wordt gestuurd die zich in een boomtop in een bos bevindt, en dat hij daar alleen gelaten wordt, wordt voorgesteld als iets moois, iets waar je bijna jaloers op zou kunnen zijn: ‘De bladeren ruisten in de wind, een sprinkhaan, die god mag weten waarvandaan gekomen was, tsjirpte beneden op de grond en verstomde toen plotseling, alsof iemand een hand voor zijn mond hield. Alles was zo mooi en transparant (…) dat ik vergat dat ik de mondingsvlammen en de bewegingen van de vijandelijke cavalerie in de gaten moest houden, (…) en vergat dat er in Rusland een burgeroorlog aan de gang was en dat ik aan die oorlog deelnam.’ Met dit soort opvallende vergelijkingen en beschrijvingen weet de schrijver de lezer steeds weer te verrassen!

Bijna een eeuw later is Gazdanov nog steeds in staat de lezer de werkelijkheid te doen vergeten met zijn fantastische (in de ware zin van het woord!) vertelling, fraai gekozen beelden en prachtige stijl.

Een avond bij Claire

Auteur: Gajto Gazdanov
Vertaald door: Helen Saelman
Verschenen bij: Uitgeverij Wereldbibliotheek
Aantal pagina’s: 176
Prijs: € 18,90

Een avond bij Claire
Gajto Gazdanov
ISBN: 9789028425446

Meer van Angèle van Baalen:

22 juni 2015

Hoe overleef ik mijn slaven?

Over 'Handboek slavenmanagement ' van Marcus Sidonius Falx
18 maart 2015

Schrijnende roman over het leven van contractkoelies

Over 'Njai Inem ' van Barney Agerbeek
21 oktober 2014

Betoverend mooi

Over 'De vrouw op de trap' van Bernhard Schlink

Recent

23 maart 2017

Mooie ontledingen van Alberts werk die aansluiten op zijn levensverhaal

Over 'Leven op de rand. Biografie A. Alberts' van Graa Boomsma
23 maart 2017

Erotiek en censuur in De Parelduiker

Over 'De parelduiker 2017/1 - Verboden' van Eindredactie: Hein Aalders
22 maart 2017

Klank en ritme geven sturing aan de gedichten

Over 'Haar vliegstro' van Peggy Verzett
21 maart 2017

Intrigerende zwakheden

Over 'De terranauten' van T. Coraghessan Boyle
20 maart 2017

De zee in Tilburg

Over 'Goudvissen en beton' van Maartje Wortel

Verwant

19 februari 2015

'Sombere poëzie van menselijke kadavers'

Over 'Nachtwegen ' van Gajto Gazdanov