6 januari 2017

Petrus – Fik Meijer

De wonderlijke kerk van Sint Petrus

Recensie door Rob Molin

Na de recentelijk verschenen monografieën over Paulus en Jezus schreef Fik Meijer met Petrus, leerling, leraar, mythe het sluitstuk van wat een triptiek mag heten. Centraal in dit boek staat de apostel Simon Petrus. Door Jezus, zo vermelden de evangeliën, was hij boven de andere leerlingen gesteld. Hij noemde hem ‘kephas’, de ‘rots’ waarop Zijn Kerk zou worden gebouwd.

Uit vele historische geschriften heeft Meijer rijkelijk kunnen putten voor zijn portret van Petrus als een van de drie grondleggers van het vroegste christendom. Vooral in latere bronnen zijn waarheid en feitelijkheid echter ver te zoeken of volstrekt afwezig. De belangrijkste apostel van Jezus en eerste bisschop van Rome was een visser uit Galilea, zo veel is zeker. Verder staat vast dat hij na de kruisiging van de verlosser leiding gaf aan een christengemeente in Jeruzalem en voor de oprichting van gemeenten in Israël en daarbuiten ijverde. Die taak volbracht Paulus, de ‘reizende’ verkondiger van Jezus’ boodschap.

Petrus in Rome
Fik Meijer wijdt het overgrote deel van Petrus aan de jaren dat de eenvoudige en onzekere visser zou hebben geleid in Rome. Zo werd na zijn dood gaandeweg realiteit voor de katholieke goegemeente, dat hij in Rome was gemarteld en begraven. Meijer spreekt daar zijn twijfel over uit door middel van het vraagteken in de titel van het hoofdstuk ‘Petrus in Rome?’ In voorafgaande kortere kapittels baseert hij zich niet op de latere, fantaserende christelijke scribenten maar op de schrijvers van de Evangeliën en de Handelingen der Apostelen. Vóór zijn vermeende komst naar Rome gaf Petrus zich volgens die geschriften niet dadelijk gewonnen als onvoorwaardelijk trouw volgeling van Jezus. In de eeuwige stad zelf daarentegen treedt hij op als krachtdadig verdediger van de nieuwe leer.

Meijer haalt uit zijn onuitputtelijke Fundgrube pregnante passages boven zonder steeds tussenbeide te komen en op overdrijving en fantasie te attenderen. Op cruciale momenten ook becommentarieert hij de weergave van het glorieuze beeld dat door de eeuwen heen van Petrus vrijwel alom geaccepteerd is. De (na)verteller is op een aangename manier aanwezig, ook door zelden te spreken in de ik-vorm wanneer hij in de tekst van zijn bronnen ingrijpt.

Jezus werd verlosser gemaakt
Al in het begin van zijn boek laat Meijer doorschemeren dat evengoed een van de vele andere rondtrekkende verlossers en predikers rond het jaar 0 aan de wieg van een nieuwe religie gestaan zou kunnen hebben. Die zijn in vergetelheid geraakt omdat Jezus in tegenstelling tot de meeste boetepredikers volgelingen had, apostelen die zijn boodschap na zijn dood uitdroegen. De evangelisten, vervolgt Meijer in zijn duiding van de historie, ‘maakten’ Jezus. Zij hebben hun uiterste best gedaan hem als dé verlosser voor te stellen, met name door ‘de verschijning’ (aan Petrus) na zijn kruisiging zó te beschrijven dat hij werkelijk verrezen was.

In Petrus passeren diverse tijdperken en culturen uit zo’n twintig eeuwen. Dit op basis van de Evangeliën en de Handelingen der Apostelen tot en met geschriften over en gebeurtenissen rond Petrus in de 21ste eeuw. Petrus wordt in een tijdsgewricht geplaatst en zo is het boek over hem ook het verhaal over christendom versus jodendom, Romeinse godenwereld, Renaissance of Verlichting. Het verhaal over een religie die op weerstand stuitte en ten slotte overwon en de hele wereld beheerste.

Eén God in drie personen
Zelfs Paulus, Farizeeër en vervolger van de ‘aanhangers van de Weg’ zoals de christenen aanvankelijk genoemd werden, heeft tot de felste vervolgers behoord. Petrus, predikend in eigen land na de dood van Jezus, belandde geregeld in de gevangenis. Maar hij kon doorgaan met zijn missie omdat hij niets verkondigde wat indruiste tegen de Wet van Mozes, wijst Meijer aan als oorzaak van Petrus’ succes.
Aan het eind van de 1ste eeuw na Christus was, om nog een andere bevinding van Meijer te noemen inzake de nog zwakke hegemonie van het christendom, het aantal christenen in Rome sterk toegenomen. In Jeruzalem daarentegen leken de dagen van de gemeenschap door de oppressie van de traditionele godsdienst geteld. De christenen zwermden uit en vonden in Rome een nieuw Jeruzalem dat echter de directe verbondenheid met Jezus miste. Bij uitstek Petrus kwam in aanmerking om aan te tonen dat er via de apostelen van Jezus een directe lijn naar de grote stad in Italië liep. Geleidelijk ontstond het beeld dat Petrus naar het polytheïstisch Rome was gegaan om het geloof in één God in drie personen te verkondigen, stelt Meijer vast.

In het slot van het hoofdstuk ‘Petrus in Rome?’ laat hij zien dat fantasie en veronderstelling in een geloofswaarheid geculmineerd zijn. Zo verkondigt Pius XII in 1950 dat de tombe van Petrus was gevonden onder de Sint Pieterskerk, even later gevolgd door de ‘wetenschappelijke’ bevestiging van de bij de opgravingen betrokken archeologen. Natuurlijk. Het Vaticaan was er veel aan gelegen dat het gebeente van de eerste plaatsvervanger van Jezus in Rome lag, het machtige middelpunt van de christelijke wereldgodsdienst.

Onderhoudend vertelde monografie
Aan het eind van Petrus, komt Meijer als criticaster volledig tevoorschijn. Hij reist naar Israël en Rome om dicht bij Petrus te zijn. Aan het meer van Galilea probeert hij zich voor te stellen hoe deze daar gevist heeft. Op de Via Appia betreedt hij het kerkje Domine Qua Vadis. Petrus is op deze plek Jezus tegengekomen die zich in Rome opnieuw wilde laten kruisigen. Met eenzelfde scepsis als waarmee hij het kerkje betrad, daalt Meijer af in de catacomben tot bij het graf van Petrus. Gelovige toeristen omringen hem en weten: de Kerk van Rome is gesticht door de apostel Petrus, en in Rome is hij gemarteld, gestorven en begraven.
Lezers daarentegen zullen bij het sluiten van het boek in elk geval geloven in het wonder van de verspreiding van het ‘verzonnen’ christendom dat door de tijden heen tot in iedere vezel van de samenleving is doorgedrongen.

De zoektocht van Fik Meijer naar wie Petrus is (geweest), heeft geresulteerd in een onderhoudend vertelde (mooi geïllustreerde) monografie, een schat aan informatie over het ontstaan en de verbreiding van het wonderlijke roomse geloof.

 

 

 

Petrus
Fik Meijer
leerling, leraar, mythe
Verschenen bij: Singel Uitgeverijen
ISBN: 9789025304652
230 pagina's
Prijs: € 19,99

Meer van Rob Molin:

16 december 2016

Geen alledaags bestaan

Over 'Een varend eiland' van J. Slauerhoff

Recent

24 januari 2017

Eendimensionaal verhaal in fraaie beelden

Over 'De man van nu' van Hanco Kolk, Kim Duchateau
23 januari 2017

Het verlangen elders te zijn

Over 'Stromen die de zee niet vinden' van Rob Verschuren
20 januari 2017

Openhartig over lotsbestemming

Over 'Het visioen aan de binnenbaai' van Oek de Jong
19 januari 2017

Lawaaidichter en lawaaimakers

Over 'Radeloos en betoverd' van Pat Donnez
18 januari 2017

Streng en gewichtig

Over 'We hadden liefde, we hadden wapens' van Christine Otten