15 maart 2009

De Maatschappij der Nederlandse Letterkunde deelt prijzen uit

Prijs voor Meesterschap voor Gerrit Kouwenaar
Van der Hoogt-prijs voor Ester Naomi Perquin
Kruyskamp-prijs voor Frans Debrabandere
Wijnaendts Francken-prijs voor Arnold Heumakers

De Maatschappij der Nederlandse Letterkunde heeft de volgende prijzen toegekend:

1) de prijs voor Meesterschap 2009 aan Gerrit Kouwenaar
Deze in 1920 ingestelde prijs wordt eenmaal in de vijf jaar toegekend, afwisselend in een van de categorieën 1) schone letteren 2) Nederlandse taal- en letterkunde en 3) geschied- en oudheidkunde, zodat de toekenning in elk van deze categorieën eenmaal in de 15 jaar plaatsvindt. De prijs bestaat uit een gouden penning.

Uit het juryrapport:
Zonder overdrijving kan gesteld worden dat Kouwenaar al heel lang algemeen als onze grootste levende dichter wordt beschouwd. Men kan dat opmaken uit de prijzen die hem al eerder ten deel zijn gevallen, uit de grote hoeveelheid kritieken en studies die in de loop der jaren aan zijn poëzie zijn gewijd en uit de invloed die hij onmiskenbaar op het werk van jongere collega’s heeft uitgeoefend. Zijn gedichten maken een letterlijk volmaakte indruk. Kouwenaar is aan ieder gedicht blijven werken totdat het aan zijn hoge norm voldeed.
De jury bestond uit Kester Freriks, Micha Hamel, Ingrid Hoogervorst en Rudi van der Paardt (voorzitter).

Eerdere laureaten van de prijs voor Meesterschap zijn onder meer Hugo Claus, Ida Gerhardt, S. Vestdijk, Henriette Roland Holst en P.C. Boutens.

2) de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 2009 aan Ester Naomi Perquin
Deze in 1925 ingestelde prijs is in de taal van het reglement een ‘prijs van aanmoediging’, tegenwoordig ook wel ‘stimuleringsprijs’ genoemd. Hij wordt ieder jaar uitgereikt, afwisselend in de categorieën poëzie en proza, aan een schrijver van wie in de voorgaande jaren haar/zijn eerste of eerste twee publicaties zijn verschenen. Ester Naomi Perquin heeft twee bundels gepubliceerd: Servetten halfstok en Namens de ander (Van Oorschot, 2007 en 2009). De prijs bestaat uit een penning en 7.500 euro.

Uit het juryrapport:
De poëzie in Servetten halfstok en Namens de ander valt op door het schijnbaar gewone taalgebruik en de alledaagse, herkenbare situaties, die van een bedrieglijke eenvoud zijn, maar waarin de hele wereld doorklinkt. Perquin stelt vragen aan het leven, probeert greep te krijgen op de wereld en haar verwondering echoot in elk gedicht. De toon, helderheid en aandacht voor het gewone krijgt in een bijna achteloze vorm gestalte en onder de lichtheid klinkt steeds een droeve, melancholieke ondertoon.
De jury bestond uit Kester Freriks, Micha Hamel, Ingrid Hoogervorst en Rudi van der Paardt (voorzitter).

Eerdere laureaten van de Van der Hoogt-prijs zijn onder meer Thomas Möhlmann, Micha Hamel, Geert Buelens, René Puthaar, Erik Menkveld, Piet Gerbrandy, Peter Ghyssaert, Anna Enquist, Eva Gerlach, H.C. ten Berge, Christine D’haen, Leo Vroman, Ida G.M. Gerhardt, M. Vasalis, H. Marsman en J. Slauerhoff.

3) de Kruyskamp-prijs 2009 aan dr. Frans Debrabandere voor zijn Oost-Vlaams en Zeeuws-Vlaams etymologisch woordenboek (L.J. Veen, Amsterdam 2005).
Deze in 1994 ingestelde prijs wordt eenmaal in de drie jaar uitgereikt voor een werk op het gebied van de Nederlandse lexicografie, lexicologie of de editie van oude Nederlandse teksten, en bestaat uit een oorkonde en 2.500 euro.

Uit het juryrapport:
Het knappe van het te bekronen boek is dat het niet alleen een groter lekenpubliek goed leesbare en heldere informatie verstrekt, maar dat het ook de wetenschappelijke precisie en grondigheid vertoont die nodig zijn voor de betrouwbaarheidsgarantie van die informatie. Debrabandere slaagt er op voorbeeldige wijze in om op onderhoudende wijze aan te geven waar woorden taalkundig gesproken vandaan komen, waarbij hij in voorkomende gevallen ook nieuwe inzichten verstrekt door bestaande etymologische verklaringen expliciet te corrigeren.
De jury bestond uit J.G. Kruyt, H.J. Verkuyl en F. Willaert.

Eerdere laureaten van de Kruyskamp-prijs zijn onder meer Marc De Coster, Willem Wilmink, W.P. Gerritsen en Frans Claes.

4) de Dr. Wijnaendts Francken-prijs 2009 aan Arnold Heumakers voor zijn boek De schaduw van de Vooruitgang (Querido 2003)
Deze in 1934 ingestelde prijs wordt eenmaal in de drie jaar uitgereikt voor een werk dat zich beurtelings beweegt op het gebied van a) essays en literaire kritiek b) cultuurgeschiedenis, en bestaat uit een oorkonde en 2.500 euro.

Uit het juryrapport:
Heumakers’ essays in De schaduw van de Vooruitgang, net als die in Schoten in de concertzaal en De fatale cirkel, munten uit door een open betoogtrant. Heumakers is een utilitair ingestelde essayist die ervoor zorgt dat zijn lezers met hem mee kunnen denken. Zijn grote nieuwsgierigheid, zijn onafhankelijke inzicht en zijn geloof in de betekenis van literatuur en ideeën zijn een verrijking voor de Nederlandse literatuur en essayistiek.
De jury bestond uit Wim van Anrooij (voorzitter), Yra van Dijk, Yasco Horsman, Ileen Montijn en Carel Peeters.

Eerdere laureaten van de dr. Wijnaendts Francken-prijs zijn onder meer Frank Westerman, Carel Peeters, Jeroen Brouwers, Paul Rodenko, Karel van het Reve, H.A. Gomperts en Annie Romein-Verschoor.

De juryrapporten zijn vanaf 13 maart 2009 integraal beschikbaar op http://maatschappijdernederlandseletterkunde.nl, waar ook een overzicht is te vinden van alle prijzen die de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde sinds 1921 heeft toegekend.

De prijzen worden uitgereikt tijdens het openbare gedeelte van de jaarvergadering van de MNL op zaterdag 6 juni 2009 om 15.30 uur in het Academiegebouw, Rapenburg 73 te Leiden.

(Bron: persbericht Maatschappij der Nederlandse Letterkunde)

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

7 augustus 2017

Een kanjer

4 augustus 2017

Wondranden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer