31 maart 2014

De illusie van alleenzijn – Simon Van Booy

Raamwerk van verbondenheid

Recensie door Carolien van Welij

Alles en iedereen is met elkaar verbonden in deze tweede roman van Simon van Booy. Van Booy (1975), opgegroeid in Wales en nu wonend in New York, schreef eerder twee verhalenbundels. In De illusie van alleenzijn – het eerste boek van hem dat in het Nederlands werd vertaald – slaagt hij erin de kracht van beide genres samen te brengen. De verhalen van zes verschillende personages, uit verschillende tijden en werelddelen, smelten op subtiele wijze samen tot een ontroerende roman.

De Amerikaanse soldaat John Bray die in 1944 met zijn B-24 bommenwerper uit de lucht wordt geschoten boven Frans grondgebied. De blinde jonge museumcurator Amelia die voor het MoMa in New York tentoonstellingen ‘voelbaar’ maakt voor blinden. Een schooljongen die een foto van een vrouw vindt in het geraamte van een neergestort vliegtuig. Meneer Hugo met zijn mismaakte gezicht en een onbekend verleden, maar waarvan flarden bovenkomen tijdens zijn nachtmerries. De bejaardenverzorger Martin die tijdens de Tweede Wereldoorlog in Parijs werd geadopteerd door een bakker en zijn vrouw. Het eenzame buurjongetje Danny uit Manchester dat het schopt tot succesvolle Hollywoord-regisseur.

Het fundament van deze roman is een gebeurtenis tijdens de Tweede Wereloorlog. De neergeschoten Amerikaanse piloot John bereikt tijdens zijn overlevingstocht over het Franse land een veld vol met lijken van Duitse soldaten. John gaat liggen en doet alsof hij dood is. Maar er blijkt nog iemand te leven: een Duitse soldaat die hij onder schot zet. Na enkele uren trekt John het pistool uit de mond van de vijandelijke soldaat. De twee soldaten delen een maaltijd en lopen in tegengestelde richting weg.

Alle andere personages blijken met deze twee soldaten verbonden te zijn. Opvallend is dat geen van deze personages de status van hoofdpersoon heeft. Iedereen is gelijk, iedereen is net zoveel waard. Van Booy laat zien dat er geen hoofdpersonen in het leven bestaan.
De personages hebben veel weg van elkaar, ondanks dat ze van verschillende generaties zijn en heel verschillende achtergronden hebben. Ze zijn allemaal gevoelig, eenzaam, en op zoek naar iets (een verleden) of iemand (een vader, een geliefde). Ze denken allemaal na over het leven, over de dood, over liefde en over angst. Het is niet zo dat Van Booy zich beperkt tot een bepaald type karakters. Hij laat daarentegen zien dat alle mensen op de eenzame momenten in essentie op elkaar lijken.

De illusie van alleenzijn is gebouwd op een raamwerk van verbondenheid. Niet alleen de personages zijn op alle mogelijke manieren met elkaar verbonden. Ook één fysieke plek is verbonden met alle eerdere geschiedenissen: ‘Het tapijt in de kantine waar de oude man stierf was ooit een ondiep woud’. Zelfs de lezer heeft een directe link met het verhaal als meneer Hugo denkt: ‘Maar kijk, hier ben ik, tussen deze pagina en jouw ogen. Deel van andermans geschiedenis’.

Door die verbondenheid kunnen kleine gebaren grote gevolgen hebben. ‘Toeval’ noemen we die situaties in het dagelijks leven. Ook al komen in de werkelijkheid soms de onwaarschijnlijkste toevalligheden voor, in fictie kunnen die een verhaal juist ongeloofwaardig maken.
Van Booy balanceert op het randje, maar hij komt ermee weg. Hoe? Enerzijds door die verbondenheid tot motto te maken van zijn roman. Anderzijds door niet iedere toevalligheid te benadrukken, aan te wijzen of uit te leggen. Maar vooral door zijn poëtische, melancholische, spaarzame stijl van schrijven.

Van Booy maakt mooie observaties. Als hij schrijft ‘De schoolgang ruikt naar melk en jassen’ loop je zelf weer als klein kind door de school. De verhouding tussen de bejaarden in een verzorgingstehuis typeert hij met de woorden: ‘De frequentie waarmee een bewoner gasten ontvangt is een maatstaf voor zijn status’. En een verhuizing is ‘Een stoet van stoelen, bedden en dozen.’
Soms geeft hij een expliciete levenswijsheid via een personage mee, zoals Martin die denkt: ‘dat wat mensen aanzien voor hun leven alleen maar de omstandigheden ervan zijn’. Of Amelia: ‘Elke dag is een meesterwerk, ook al word je erdoor vermorzeld’.

In deze roman is veel leed. Van de grote gruwelen uit de Tweede Wereldoorlog tot de tirannie op school ervaren door een kind. Maar de mooie taal van Van Booy maakt de zwarte kanten van het leven behapbaar. En hij brengt die in verband met de eigen angsten waar ieder mens mee moet leven. ‘Volgens mij zouden de mensen gelukkiger zijn als ze vaker dingen aan elkaar bekenden. In zekere zin zitten we allemaal gevangen in een of andere herinnering, of in angst of teleurstelling; we worden allemaal getekend door iets wat we niet kunnen veranderen’.

Iedereen staat er alleen voor, maar juist dáárin schuilt de verbondenheid. Deze roman laat zien dat in de aanvaarding van de moeilijkheden van het leven, juist troost, hoop en verwachting gehaald kunnen worden.
Als meneer Hugo zijn buurjongen leert lezen en schrijven probeert hij aan de jongen ook over te brengen ‘dat er vaak iets verandert in het leven van mensen door gebogen lijnen die langzaam van papier, zand of steen worden gelezen’. Het zou zomaar eens kunnen dat Van Booy daarin slaagt met deze roman.

De illusie van alleenzijn
Simon Van Booy
Vertaling door: Jan Fastenau
Verschenen bij: Uitgeverij Querido
ISBN: 9789021447254
200 pagina's
Prijs: € 19,99

Meer van Carolien van Welij:

16 december 2015

Boeken met potloodstreepjes

17 juni 2013

Vruchtbare twijfel

Over 'Mijn leven is mooier dan literatuur ' van Jannah Loontjens
19 april 2013

'Liever banaliseren dan verhevigen'

Over 'Ik ben vaak heel kort dom ' van Esther Gerritsen

Recent

22 augustus 2017

Variabele verhalen in prettige stijl geschreven

Over 'Astronaut' van Pieter Kranenborg
17 augustus 2017

Vergeefse strijd heeft een mooie bundel opgeleverd

Over 'De wereld onleesbaar' van Jeroen van Kan
16 augustus 2017

Ideale bestaansvorm

Verwant

31 maart 2014

De suggestie van de fotografie

Over 'De vele levens van Amory Clay' van Simon Van Booy
31 maart 2014

Filmische speurtocht naar bron van agressie

Over 'Vertedering ' van Simon Van Booy