16 maart 2012

De bibliotheek van Kees Fens nu online in DBNL

Door Ingrid van der Graaf

Tijdens de Boekenweek presenteert de DBNL een inventarisatie van de bibliotheek van literatuurcriticus en schrijver Kees Fens (1929-2008). Tussen 2009 en 2011 is er gewerkt aan de beschrijving van de volledige boekencollectie die Fens aan het einde van zijn leven in zijn bezit had. Sinds vandaag is onder redactie van Alice Doek de bibliotheek van Kees Fens online te bezichtigen in de DBNL.

De Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren  is een initiatief van de Stichting DBNL die in 1999 werd opgericht door de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. De site bevat literaire teksten, secundaire literatuur, biografieën, portretten en hyperlinks als ook een groot aantal studies en primaire  bronnen op het gebied van de Nederlands(talig)e cultuurgeschiedenis. DBNL is een populaire internetvoorziening voor zowel professionals als liefhebbers van de Nederlandse taal- en literatuur.

Kees Fens (1929-2008) werd in de Nederlandse pers ‘de meest belangrijke literaire criticus van de twintigste eeuw’ genoemd. Zijn carrière begon in 1956, toen hij Nederlandstalige literatuur recenseerde en essays schreef voor verschillende dag- en weekbladen, waaronder De Linie, De Tijd, De Standaard en Ons Erfdeel. Daarnaast was Fens bijna veertig jaar verbonden aan de Volkskrant.

In 1962 richtte Fens samen met J.J. Oversteegen en H.U. Jessurun d’Oliveira het tijdschrift Merlyn (1962-1966) op. In navolging van het Angelsaksische new criticism introduceerden zij de close reading in Nederland, waarmee zij het fundament legden voor de moderne literatuurkritiek. Tussen 1982 en 1994 was Fens als hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. In 1995 werd hij aan diezelfde universiteit benoemd tot bijzonder hoogleraar literatuurkritiek – een leerstoel die hij tot 2000 bekleedde. In 1990 ontving Fens de P.C. Hooftprijs voor zijn essayistiek, en daarnaast werden hem nog vele andere literaire prijzen toegekend. In 2004 werd hij bekroond met een eredoctoraat van de Universiteit van Amsterdam.

Met zijn omvattende kennis en grote belezenheid staat Kees Fens in een lange traditie van gezaghebbende literatuurcritici, die loopt via onder anderen Conrad Busken Huet en Menno ter Braak. Na Fens’ dood is de collectie uiteengevallen. De Universiteit van
Amsterdam nam het initiatief om deze collectie virtueel bijeen te houden. Vijf studenten Nederlandse letterkunde brachten in samenwerking met de bibliotheek van de UvA de uitgebreide bibliotheek in Fens’ huis aan de Keizersgracht systematisch in kaart en fotografeerden de boekenkasten in hun oorspronkelijke staat. In 2011 is deze catalogus – inclusief beeldmateriaal – door Uta Janssens, de weduwe van Kees Fens, aangeboden aan de DBNL.

Met dit overzicht is een unieke verzameling Nederlandse en Europese literatuur beschreven. Wat had de belangrijkste criticus van na de Tweede Wereldoorlog zoal onder handbereik?  Vele naslagwerken waaronder het opmerkelijke, Officiële gids der Nederlandsche Bell-telephoon maatschappij (1891 waarin Hilversum slechts vier aansluitingen telt) oneindig veel publicaties van Gerrit Achterberg en libretto’s van Richard Wagner maken onder meer deel uit van zijn boekenkast. De bibliotheek op de Keizersgracht was voornamelijk een werkbibliotheek met verschillende zwaartepunten. Fens bewaarde daar de boeken die hem dierbaar waren en boeken die misschien van nut konden zijn voor publicaties, die hij vooral in de latere jaren steeds meer toespitste op de thema’s die hem na aan het hart lagen, zoals de Europese cultuur, geschiedenis en literatuur, het christelijk erfgoed, kunst en architectuur, poëzie en biografie. De online catalogus geeft een blik op een bijzondere collectie erfgoed en is een eerbetoon aan de verzamelaar ervan.

Momenteel werkt Wiel Kusters, hoogleraar Algemene en Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Maastricht, aan een biografie over Kees Fens. Daarbij put hij onder andere uit de documenten die tijdens de inventarisatie zijn opgedoken.

Foto: Johannes Abeling

http://www.dbnl.org/tekst/doek005bibl01_01/

 

Recent

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer