23 april 2013

Daarheen en weer terug – David Smalhout

Gesignaleerd door de redactie

David Smalhout overleeft Auschwitz en keert na de oorlog weer terug bij zijn vroegere baas in de houthandel. Zijn baas vraagt hem wat hij daar allemaal heeft meegemaakt. Voor Smalhout was het teveel om te vertellen, maar hij beloofde het op te schrijven. Hij schreef  een uitvoerig en gedetailleerd verslag van wat hem tijdens het transport en zijn verblijf in kamp Auschwitz is overkomen. Een ooggetuigenverslag dat nu voor het eerst als boek is uitgegeven onder der titel Daarheen en weer terug.

Smalhout (1919–1989) was de zoon van een diamantslijper. Na de lagere school ging hij naar de hbs, wat uitzonderlijk was omdat deze opleiding alleen was weggelegd voor financieel draagkrachtigen. Zijn ouders hebben zich veel moeite getroost om hun zoon die opleiding te kunnen geven.  In 1943 trouwden hij en zijn vrouw, als een van de laatste joodse paren, in de Amsterdamse Grote Synagoge aan het tegenwoordig geheten J.D. Meijerplein. Een jaar later werden ze allebei opgepakt en naar de kampen getransporteerd.  Na de oorlog werden Smalhout en zijn vrouw weer herenigd.

Het boek is van een inleiding voorzien door Nico Frijda (1927), psycholoog en emeritus hoogleraar aan de UvA.


Daarheen en weer terug

David Smalhout
Blz.: 96
€ 14,90
Deze maand verschenen bij Uitgeverij Van Oorschot

 

Recent

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

16 september 2017

Een week lang feest

15 september 2017

Een wonderlijk leerdicht 

14 september 2017

Daar waar granaten fluiten

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer