Poëzie

Herrijzende ster van Vaandrager en de tijd dat poëzie op straat lag

Recensie door Rob Molin

De naam Cornelis Bastiaan Vaandrager (1935-1992) wordt vaak in één adem genoemd met die van Hans Sleutelaar, Hans Verhagen en Jules Deelder. Zij zijn bekende performers of, specifieker, ‘aucteurs’ waarvan er anno 2017 zovelen rondgaan.

Lees meer

Poëzie gefascineerd door het zijn, het aanwezig zijn.

Recensie door Albert Hogeweij

Een bundel van een levende dichter op de verplichte leeslijst voor middelbare scholieren? Als je dat leest weet je één ding zeker: dit gaat niet over Nederland. Inderdaad, het betreft Frankrijk en de dichter is inmiddels overleden.

Lees meer

Meester in doorwrochte metaforiek en schitterende beeldtaal

Recensie door Casper van der Veen

Poëzie is vaak een veeleer wenken en suggereren dan ronduit zeggen. Wie als lezer resoneert met de gebezigde metaforen kan zeggen dat hij een gedicht ‘begrepen’ heeft. Thomas Möhlmann (1975) toonde in eerder werk, met name het in 2009 verschenen Kranen open, de lezer te kunnen treffen met de schoonheid van zijn taalspel en vergelijkingen nog vóórdat de beeldspraak volledig is geanalyseerd en verstaan.

Lees meer

Poëzie als vette klei en onomwonden vruchtbaar

Recensie door André van Dijk

Op ongeveer tweederde van de bundel Splendor staat een strofe die zo’n beetje allesomvattend voor het werk van H.C. ten Berge genoemd kan worden. Een vorm van persoonlijke kwalificatie, een helder inzicht in eigen materie:

Ik ben de nominalist
die alles met woorden bekleedt en benoemt.

Lees meer

Zijn gedichten tonen een vijandig en onherbergzaam wereldbeeld

Recensie door Reinder Storm

Armando is al bijna negentig jaar. De veelzijdigheid  van zijn kunstenaarschap benadrukken, is een gemeenplaats geworden. Maar toch: hij schildert, schrijft, musiceert en acteert. Echter, Armano’s weerbarstige afzijdigheid staat zijn statuur in de weg.

Lees meer

Een bundel die afstand schept

Recensie door Maarten Buser

In een zeldzaam interview in De Groene Amsterdammer noemt dichter Jacques Hamelink (1939) zichzelf ‘[o]precht onthecht’. Hoewel de waardering voor zijn werk er zeker is – hij won belangrijke (oeuvre)prijzen en krijgt goede recensies – lijkt hij een soort randfiguur te zijn die op niet op brede, maar ‘smalle’ aandacht kan rekenen.

Lees meer

Zoon springt uit de schaduw van de vader

Recensie door Rob Molin

De bundel Campert & Campert is geschreven door twee auteurs. Werk van Jan Campert (1902-1943) vult de eerste en tweede afdeling, werk van zijn zoon Remco (1929) de derde.

Lees meer

Oeuvre van dertig jaar in een bloemlezing

Peter Verhelst (1962) is sinds zijn debuut Obsidiaan  (1987) een ongrijpbare dichter gebleven. Mogelijk heeft dit te maken met de onvatbare thema’s die de Vlaming tot zijn voornaamste ammunitie heeft gemaakt: verlangen, herinnering, een drang tot behouden dan wel vernietigen – en dat alles uitgedrukt in een non-duaal spectrum, waarin de scheidslijnen tussen het lichamelijke en geestelijke fluïde of geheel afwezig zijn.

Lees meer

Klank en ritme geven sturing aan de gedichten

Recensie door Hettie Marzak

Op het eerste gezicht lijkt deze bundel uitsluitend gedichten te bevatten waar geen touw aan vast te knopen is: met versregels die als dronken torren in alle richtingen over de bladzijde kruipen, vreemde woorden die in geen enkel woordenboek op te zoeken zijn en stijlfiguren waarvan je alleen maar kunt raden wat de functie of de betekenis is.

Lees meer

Uitzonderlijke poëzie, liefst hardop voorlezen

Recensie door Reinder Storm

Er zijn in onze taal enkele lange gedichten geschreven die beroemd zijn geworden. Mei van Gorter is wel de bekendste (Gorters gedicht Pan is nog veel langer maar minder bekend), en denk bv.

Lees meer

Evenwichtige bundel waarin de stilte klinkt

Recensie door Hettie Marzak

Paul Meeuws heeft voor zijn debuutbundel gedichten geschreven die allemaal te maken hebben met geluid, zoals de titel al aangeeft, en het effect daarvan op ons gevoelsleven. In vijf afdelingen vertelt hij over alle geluiden die een mens gedurende zijn leven vergezellen, waarbij het gekwetter van een vogel of het tikken van een klok niet minder geacht wordt dan een cantate van Bach.

Lees meer

Observaties en prozaschetsen van een groot dichteres

Recensie door André van Dijk

Nog steeds is poëzieminnend Nederland verontwaardigd over het ontbreken van Judith Herzberg in de onlangs verschenen bloemlezing De Nederlandse poëzie van de twintigste en de eenentwintigste eeuw in 1000 en enige gedichten, samengesteld door Ilja Leonard Pfeijffer.

Lees meer

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

28 mei 2007

´Het eerste bezoek was een klucht. Niet zomaar banaal lachen en dijen kletsen. Nee, het was, hoe meer ik erover nadenk, de verfijnde onderbroekenlol van een oude professor die te midden van kunst en antiek plotseling tegen me zei: ´Laat uw broek maar even zakken.´´

´Het eerste bezoek was een klucht. Niet zomaar banaal lachen en dijen kletsen. Nee, het was, hoe meer ik erover nadenk, de verfijnde onderbroekenlol van een oude professor die te midden van kunst en antiek plotseling tegen me zei: ´Laat uw broek maar even zakken.´´

Wie had ooit gedacht dat deze aanlokkende openingsalinea door ons eigen Peter Brusse werd opgeschreven? Brusse, bij het grote publiek voornamelijk bekend als voormalig buitenlands correspondent voor de Volkskrant en het NOS Journaal in Londen maakt met het vlindernet zijn debuut als romanschrijver.

Lees meer