9 november 2015

Jan Campert-, F. Bordewijk- en Nienke van Hichtum-prijs toegekend

Ilja Leonard Pfeijffer ontvangt de Jan Campertprijs voor Idyllen, Annelies Verbeke de F. Bordewijkprijs voor Dertig dagen en Anna Woltz de Nienke van Hichtumprijs voor Honderd uur nacht.

De Jan Campert-prijs voor de beste bundel gaat dit jaar naar Ilja Leonard Pfeijffer (1968) voor zijn bundel Idyllen. In deze bundel schrijft Pfeijffer ‘harde, exuberante verzen over de mens in de hectische wereld van vandaag. Hij is schaamteloos barok en opzichtig retorisch, creëert een bezwerende dreun en schrijft strak ritmische en bijzonder sonore gedichten waarin de prachtige klank vaak botst met de onthutsende inhoud. Idyllen is een waagstuk: het gaat over grote verhalen en problemen. Pfeijffer schuwt daarbij het grote gebaar niet. Het levert een grote bundel grootse poëzie op.’
Voorgaande jaren ging de prijs naar Piet Gerbrandy (2014), Micha Hamel (2013), Wouter Godijn (2012), Erik Spinoy (2011), Hélène Gelèns (2010), Alfred Schaffer (2009).

 

index.php-2De F. Borderwijk-prijs is voor Annelies Verbeke (1976) voor haar roman Dertig dagen. De helden van Annelies Verbeke proberen vaker hun medemensen te helpen, maar Alphonse Badji, de hoofdpersoon van deze roman, is de eerste die daar ook werkelijk in slaagt. In een laag tempo met prachtige zinnen verbindt Verbeke in haar meest omvangrijke roman tot nu toe de verhalen van de diverse personages tot een geheel, waarin niemand een anker heeft en iedereen gedesoriënteerd door het land dwaalt – met de in de oude loopgraven bivakkerende vluchtelingen als triest symbool. Dertig dagen is een dappere, maar nooit zoetsappige poging om op papier een wereld te scheppen die mooier is dan de echte: een roman over liefde en het diepe verlangen naar contact waarmee Verbeke alle beloften van haar eerdere werk inlost.’
De afgelopen jaren ging de prijs naar Jan van Mersbergen (2014), Oek de Jong (2013), Gustaaf Peek (2011), Stephan Enter (2012) Koen Peeters (2010), Marie Kessels (2009).

 
index.phpAan Anna Woltz (1981) is voor haar jeugdroman Honderd uur nacht de Nienke van Hichtum-prijs 2015 toegekend. Tieners die uit schaamte voor een discutabele daad van hun vader stiekem een ticket naar New York boeken en daar in hun eentje heenreizen, om er midden in de orkaan Sandy terecht te komen: ze bestaan alleen in de literatuur. In de handen van de verkeerde schrijver leveren ze bovendien al snel stof tot een ontsporend verhaal. Anna Woltz schreef met Honderd uur nacht ‘een voorlopig hoogtepunt in haar jonge oeuvre. Zij is erin geslaagd een messcherpe, eigentijdse en psychologisch overtuigende jeugdroman af te leveren, die op subtiele wijze maatschappelijke en ethische kwesties aansnijdt zonder daarbij in moralisme te vervallen.’
De afgelopen jaren wonnen Jan Paul Schutten (2013), Benny Lindelauf (2011) en Els Beerten (2009).

Bekend was al dat het gehele oeuvre van Adriaan van Dis (1946) onderscheiden is met de Constantijn Huygens-prijs 2015 (€ 10.000).

Aan bovengenoemde prijzen is een bedrag van € 5.000 verbonden.
De jury bestond uit: Erica van Boven, Jeroen Dera, Yra van Dijk, Arjen Fortuin, Aad Meinderts (voorzitter), Jan de Roder en Maria Vlaar.

De prijsuitreiking vindt plaats op zondag 17 januari 2016, tijdens het Schrijversfeest, de afsluiting van het internationale literatuurfestival Writers Unlimited | Winternachten in het Theater aan het Spui. De prijzen worden uitgereikt door de Haagse wethouder van Cultuur, Joris Wijsmuller.

 

 

Recent

21 maart 2017

Intrigerende zwakheden

20 maart 2017

De zee in Tilburg

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 maart 2007

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden. Niet bevroedend dat hij elke dag door een bewonderend oog werd vastgepind op de weg die hem van de kazerne naar het bureel voerde stapte soldaat Brû, die in het algemeen nergens aan dacht, maar als hij dat toch deed dan het liefst aan de slag bij Jena, stapte soldaat Brû voort met de onbevangenheid van een niet-bewuste. Met zijn niet bewust grijsblauwe ogen en zijn niet bewust elegant omwikkelde beenkappen droeg soldaat Brû heel naïef al het nodige met zich mee om in de smaak te vallen bij een jongejuffrouw die niet helemaal jong meer was en ook niet helemaal juffrouw. Het ontging hem.

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden.

Lees meer