Bedaarde onrust

‘Ik geloof (…) dat ik wel een vis had willen zijn,’ vertelde Ilse Starkenburg jaren geleden eens in een interview. In het korte gedicht ‘fantasie’ stelt ze zich deze wens concreet voor:

als ik mijn oranje vis was
dan was ik oranje
dan was ik een vis

ik woonde in een kleine wereld
waar ik alle anderen kende
nooit verdwaalde ik

ik riep: draai
en ik draaide
ik riep: daar
en daar was ik

en ik viel nooit als ik

Het is een van de 46 gedichten die Starkenburg in haar vierde dichtbundel Gekraakt klooster heeft opgenomen. Zonder opsmuk, met eenvoudige woorden, doet elk van de gedichten secuur verslag van wat er in en buiten het hoofd van de dichteres gebeurt. Een zeer aandachtig hoofd, omringd door een soms aangenaam merkwaardige, maar doorgaans bedreigende en niet geheel begrijpelijke wereld. De vissenkom waarin de dichteres leeft, is niet deze hele wereld, maar haar eigen hoofd. Precies wat in de vis benijd wordt, lijkt dit mensenhoofd te ontberen: overzicht, grip en vertrouwdheid met de omgeving en de anderen daarin. Beklemmende gedachten en gedichten levert het op, die met een bedaarde onrust aan het papier zijn toevertrouwd. Er is een behoefte, een hunkering soms, aan werkelijk contact met wie zich buiten de kom bevindt, af en toe lijkt dat ook wel plaats te vinden, maar steeds doemt de glazen wand op tussen binnen- en buitenwereld: uiteindelijk blijft ‘de ander’ voor de dichteres een in de kern onkenbaar verschijnsel. En vice versa, getuige ‘gesprek op het strand’:

het moet iemand zijn
met een ander karakter dan
ik: een rustig iemand

maar jij bent zelf toch heel rustig?

nee, van binnen
ben ik niet heel rustig.

Ilse Starkenburg, Gekraakt klooster. De Arbeiderspers, 2007, 60 pagina’s, € 16,95.

Thomas Möhlmann, eerder gepubliceerd in: Poëzietijdschrift Awater, winter 2008, jaargang 7, nummer 1.

Recent

1 augustus 2018

Blokken op Blokken

Literair Nederland - 10 jaar geleden

03 oktober 2008

Niet overtuigend maar wel sterk in het laatste deel
Recensie door Menno Hartman

Coen Peppelenbos debuteerde onlangs met de roman Victorie, een roman in drie delen. In het eerste deel wordt Merijn – broer van de hoofdpersoon – gevolgd nadat bekend is geworden dat de hoofdpersoon, Victor, dood is.

Het tweede deel van de roman gaat over Sarah. We volgen er de gedachten van een leraar Engels, die in zijn huis dit meisje vasthoudt, het vriendinnetje van Merijn en waarin duidelijk wordt dat deze Ten Haaf, Merijn gedood heeft door een grote steen naar hem te gooien, nadat hij hem met een camera had gezien.

Lees meer