4 februari 2016

Achtergrond bij de achtergrond 1

Menno Hartman

Een van onze recensenten – Sharon Hagenbeek – stelde een vraag naar de achtergrond van het plaatje dat deze maand als achtergrond van de site dienst doet. ‘Mag ik de suggestie doen om op die pagina te schrijven wat die achtergrond is, want het is een interessant plaatje en ik vroeg me af waar het was of het een literaire betekenis had.’ Dat is een leuke vraag en ik neem  de aftrap voor mijn rekenening voor een nieuwe rubriek: lever een achtergrond, met context, of lever context bij een achtergrond. Suggesties: redactie@literairnederland.nl.

Dit is Alexandrië in de jaren ’30? ’40? Alexandrië of het huidige لإسكندرية al-Iskandariyyah in Egypte is een van die klassieke smeltkroezen van verschillende culturen. Het was een Griekse nederzetting, een voorpost van de Helleense beschaving, het Kalifaat regeerde er een poos, Napoleon kwam langs, Turkse Joden uit Constantinopel verhuisden er heen, de Britten maakten er een poos de dienst uit. In het eind van de 19e en het begin van de twintigste eeuw was het een vrijhaven voor Europese kunstenaars en dichters. Voor mij verwijst dit plaatje naar een aantal goede boeken. In de eerste plaats is dat Alexandria Quartet van Lawrence Durrell, vier boeken die voorgoed de sfeer van het vroeg twintigste eeuwse Alexandrië weergeven, een heel erg fraai, wat dromerig stel boeken rond een vriendengroep die leeft en droomt in Alexandrië.

In 1957 verscheen al heel snel een vertaling (Johan W. Schotman) van de vier boeken, mooie delen die je bijna nooit ziet. Dit zou opnieuw uitgegeven moeten worden (maar is omvangrijk – en is het niet te ouderwets?), ik citeer de hele eerste bladzijde om een indruk van het werk te geven van het tweede van de vier boeken, Balthazar:

IMG_1146‘LANDSCHAPSTINTEN: bruin tot bronskleurig, hoge horizon, lage wolken, parelmoeren grond met oesterkleurige schaduwen en violette weerglans. Het leeuwenstof van de woestijn: profetentomben aan het oude meer, die bij zonsondergang overgaan in zink en koper. Zijn geweldige breukvlakken van zand als waterpeilstrepen van de lucht; groen en citroen overgaand in geschutbrons; tot aan een enkel pruimdonker zeil, vochtig, trillend als een nimf met plakkerige vleugeltjes. Taposiris is dood te midden van zijn omgestorte zuilen en zeebakens, verdwenen zijn de Harpoeniers … Mareotis onder een hemel van gloeiend lila.
zomer: geel zand, hete marmeren hemel
herfst: gezwollen-kneuzing blauw-grijzen
winter: bevroren sneeuw, koel zand
heldere hemelpanelen, glinsterend van mika
gewassen-delta groenen prachtige sterrenluchten

En het voorjaar? 0! er is in de Delta geen voorjaar, geen gevoel van opfrissing en vernieuwing in de dingen. Je wordt de winter uitgegooid in een wassen namaak van een zomer, te heet om te ademen. Maar hier, in Alexandrië, redden de zeewinden, over de golfbreker tussen de oorlogs-schepen door aankruipend, om de gestreepte zonneschermen van de café’s op de Grande Corniche te doen flapperen, ons tenminste van de tijloze druk van zomerse nietigheid. Ik zou nooit…
De stad, halfverzonnen (en toch volkomen werkelijk), begint en eindigt in ons, wortelt diep in onze herinnering. Waarom moet ik er avond na avond weer naar terugkeren, als ik hier bij het vuur van johannesbrood-boomhout zit te schrijven, terwijl de Aegeïsche wind aan dit huis op het eiland rukt en de cypressen als bogen krom achterover buigt? Heb ik niet al genoeg verteld over Alexandrië? Moet ik opnieuw worden aangestoken door de droom ervan en de herinnering aan zijn inwoners? Dromen, die ik veilig dacht vastgelegd te hebben op papier, weggeborgen in de kluis van mijn herinnering! Je denkt misschien dat ik me er te veel aan overgeef. Maar zo is het niet.’

Dit was mijn eerste stap in de ‘Liefde voor Alexandrië’, die in deze duiding van het plaatje nog zeker tot drie blogs zal leiden. Welke in Alexandrië gesitueerde boeken zijn nog meer zeer de moeite waard?  Ik beschrijf nog Kavafis, André Aciman, en Kousbroek. Volgende week deel twee: Uit Egypte van André Aciman.  Kun je niet wachten en wil je zelf deel twee schrijven? Mail redactie@literairnederland.nl

 

 

Recent

21 maart 2017

Intrigerende zwakheden

20 maart 2017

De zee in Tilburg

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 maart 2007

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden. Niet bevroedend dat hij elke dag door een bewonderend oog werd vastgepind op de weg die hem van de kazerne naar het bureel voerde stapte soldaat Brû, die in het algemeen nergens aan dacht, maar als hij dat toch deed dan het liefst aan de slag bij Jena, stapte soldaat Brû voort met de onbevangenheid van een niet-bewuste. Met zijn niet bewust grijsblauwe ogen en zijn niet bewust elegant omwikkelde beenkappen droeg soldaat Brû heel naïef al het nodige met zich mee om in de smaak te vallen bij een jongejuffrouw die niet helemaal jong meer was en ook niet helemaal juffrouw. Het ontging hem.

Zonder dat hij het wist, keek ze hem telkens na als hij voorbijkwam, de winkelierster, langs de zaak, soldaat Brû. Hij liep daar heel ongedwongen, in zijn vrolijke kaki klof, met zijn haar, tenminste wat er onder de kepie van te zien was, zijn haar keurig geknipt en nagenoeg glanzend, zijn handen langs de naad van zijn broek, handen waarvan de ene, de rechter, met onregelmatige tussenpozen omhoogging om een superieur te eren of de groet van een gedemilitariseerde te beantwoorden.

Lees meer