26 april 2007

JEROEN BROUWERS krijgt de Prijs der Nederlandse Letteren 2007

De jury bestaande uit Anton Korteweg (voorzitter), Marijke Arijs, Jerome Egger, Joris Gerits, Joke van Leeuwen, Jeroen Overstijns en Thomas Vaessens is unaniem van oordeel dat Jeroen Brouwers de belangrijkste literaire prijs van het Nederlandse taalgebied verdient voor zijn omvangrijke oeuvre. De jury roemt Brouwers als een 'buitengewoon stilist'.

Jeroen Brouwers debuteerde in 1964 met Het mes op de keel. Zijn tweede boek Joris Ockeloen en het wachten (1967) betekende meteen een doorbraak. De kritieken waren lovend en Brouwers kreeg een eerste literaire prijs. Sindsdien bouwde hij een consistent en veelvuldig bekroond oeuvre uit met veelgelezen romans, brievenboeken, polemieken en essayverzamelingen als Zonsopgangen boven zee (1977), Het verzonkene (1979), Bezonken rood (1981), De laatste deur (1983), De zondvloed (1988) en Geheime kamers (2000). In 1993 kreeg hij de Constantijn Huygensprijs voor zijn hele oeuvre.

Volgens de jury heeft Jeroen Brouwers 'in de naoorlogse Nederlandstalige literatuur bakens uitgezet en verzet'. Bovendien heeft Brouwers 'het egodocument verheven tot een volwaardig literair genre' en noemt de jury Brouwers' brievenboeken van een 'ongeëvenaarde kwaliteit'. Brouwers schreef zijn bekende polemieken 'met veel vuur en verontwaardiging maar vooral steeds met veel liefde voor het onderwerp'. Vlaanderen, het land waar hij inmiddels al weer geruime tijd woont, was vaak het onderwerp. Zo vormt hij als geen andere auteur een brug binnen het Nederlandse taalgebied over de landsgrenzen heen. In 1992 ontving hij de Orde van de Vlaamse Leeuw.

Jeroen Brouwers is sinds de instelling van de prijs in 1956 de achttiende laureaat. De eerdere laureaten waren: Herman Teirlinck (1956), A. Roland Holst (1959), Stijn Streuvels (1962), J.C. Bloem (1965), Gerard Walschap (1968), Simon Vestdijk (1971), Marnix Gijsen (1974), Willem Frederik Hermans (1977), Maurice Gilliams (1980), Lucebert (1983), Hugo Claus (1986), Gerrit Kouwenaar (1989), Christine D’Haen (1992), Harry Mulisch (1995), Paul de Wispelaere (1998), Gerard Reve (2001) en Hella S. Haasse (2004).

Nederlandse Taalunie

In de Nederlandse Taalunie voeren de Nederlandse, Vlaamse en Surinaamse overheid gezamenlijk beleid op het gebied van Nederlandse taal, onderwijs en letteren. De Taalunie ziet het als haar opdracht om ervoor te zorgen dat alle Nederlandssprekenden hun taal op een doeltreffende manier kunnen gebruiken. Meer informatie over de Nederlandse Taalunie is te vinden op http://www.taalunieversum.org – www.taalunieversum.org.

Recent

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

19 november 2007

Een student brengt zijn vakantie door op het eiland Lipari, gelegen in de Middellandse zee, boven Sicilië. Hij verblijft in een hotel maar brengt zijn dagen door aan de rand van een zwembad van een ander hotel. Voor de vorm heeft hij zijn studieboeken mee en een vergrootglas, hij mag graag lezen met dat glas. Bij dat zwembad zijn elke dag Gerard (ca. 50 jaar) en Chaphine (ca. 30 jaar) te vinden. Niemand anders dan zij drieën, elke dag opnieuw.

Een student brengt zijn vakantie door op het eiland Lipari, gelegen in de Middellandse zee, boven Sicilië. Hij verblijft in een hotel maar brengt zijn dagen door aan de rand van een zwembad van een ander hotel. Voor de vorm heeft hij zijn studieboeken mee en een vergrootglas, hij mag graag lezen met dat glas. Bij dat zwembad zijn elke dag Gerard (ca. 50 jaar) en Chaphine (ca. 30 jaar) te vinden. Niemand anders dan zij drieën, elke dag opnieuw.

Lees meer