26 maart 2017

Steeds meer worden

Door Marijn Sikken

‘O, ik vind dit zo jammer.’ De verloskundige zucht.
Met zijn drieën – man, ik, verloskundige – kijken we naar het scherm. Daar is mijn baarmoeder te zien, compleet met vruchtzak. Maar waar een foetus zou moeten zitten, ongeveer ter grootte van een kers, is het zwart. Alleen in een hoekje zit iets kleins, misschien een rijstkorrel. Tien weken zwanger maakt plaats voor een vruchtje dat weken eerder gestopt is met groeien, het moet er alleen nog uit. Een missed abortion, heet zoiets. Dat klinkt als een landmachtoperatie.
De foto van de echo neem ik mee naar huis en stop ik in een lade. Soms kijk ik ernaar, de helderheid van het beeld stelt me gerust: het is echt gestopt, hier, zie maar. Een paar dagen later krijg ik pillen om de miskraam op te roepen.

De cijfers over miskramen variëren van kansen van een op vijf tot 10% in het eerste trimester. Feit is dat het heel vaak voorkomt en niet iedere vrouw merkt dat ze er een heeft – soms menstrueert ze zonder dat ze weet dat zij zwanger is. Of was, dus.
Man en ik wisten het wel, van die zwangerschap. Mijn groeiende borsten, de honger (puddingbroodjes!), de misselijkheid – alles was aanwezig. Kraakhelder waren de streepjes op de tests. Ook nu we weten dat het niet goed zit, blijken die symptomen gewoon door te gaan. Mijn lichaam, dat me zo trots maakte door zwanger te zijn, is een onbetrouwbare verteller.
Thuis doen de pillen hun werk. De miskraam doet zeer, zoals voorspeld, en duurt ook lang.

Willem Jan Otten schreef in zijn essay De schok van herkenning over de film Broken Flowers, waarin het personage van Bill Murray te horen krijgt dat hij een zoon heeft. Murray begint een zoektocht, maar er wordt niemand gevonden. Waar het Otten om gaat, is dat het personage van Murray ‘steeds meer een vader is geworden’. Daar denk ik veel aan.
In de afgelopen weken ben ik steeds meer een moeder geworden, mijn man (opnieuw) een vader en mijn ouders opa en oma – een ontwikkeling die ik bijna literair zou noemen. Wat gebeurt daarmee op het moment dat het misgaat?

Een jaar geleden publiceerde dichteres Maartje Smits over haar miskraam op Hard//hoofd. Prachtig schrijft ze over het lege gevoel dat achterblijft na de miskraam, hoe dat lege gevoel voor haar genoeg zei. Voor mij zei bloed genoeg. Nu voelt mijn lijf leeg, maar stroomt mijn hoofd over.
Een kind verliezen doe ik niet, wel een verwachting. Dat is groots. Hoe sterk onze kinderwens is, blijkt nu man en ik daar langer op moeten wachten. Ondanks de teleurstelling heeft dat iets moois. Ik koester het gevoel dat ik steeds meer een moeder ben, hij weer een vader, mijn ouders opa en oma. Het komt wel.

‘Er bestaat een verlangen dat je kunt wiegen,’ staat er aan het einde van Toni Morrisons meesterlijke roman Beminde. Dat is zo. In mijn armen wieg ik het verlangen tot het plaatsmaakt voor een baby.

 

 

 

Recent

25 september 2017

Een waardig gedragen ongeluk

24 september 2017

What's in a design

22 september 2017

Modiano's spel met de lezer

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

Literair Nederland - 10 jaar geleden

01 oktober 2007

Aan tien schrijvers werd een door hen zelf geschreven stuk tekst voorgelegd en gevraagd waarom ze het op die manier hebben geschreven, waarom ze die woorden gebruikt hebben. Het is zeer interessant om te lezen hoe over elk woord nagedacht wordt.

De teksten zijn van: Rene Appel – de thriller, John Leenaarts – de journaaltekst, Richard Wouters – de verkiezingsfolder, Freek Staps – het krantenbericht, Arthur Japin – de roman, Robin Kemme – de reclametekst, Ron Punselie – de webtekst, Bart-Jan Langewaard – de brief, Wouter Klootwijk – de column, Frank van der Lecq – de toespraaak..

Opvallend is dat het verschillende uitgangspunt zo van invloed is op de tekst. De schrijvers van boeken mogen hun eigen teksten maken, Het merendeel van de andere schrijvers moeten rekening houden met het doel van hun schrijven.

Lees meer