14 februari 2005

Een vriend voor de schemering

Schokkend in 1952

In de nalatenschap van Hans Warren vond zijn vriend Mario Molengraaf een compleet typoscript. Een roman die uitgever Ad den Besten niet durfde uit te geven, ongetwijfeld vanwege de uitgesproken homoseksuele passages die erin naar voren komen. Nu vallen die passages voor de meeste hedendaagse lezers wel mee, maar in 1952 zou vooral het eerste deel van deze roman een schandaal hebben opgeleverd. Molengraaf haalt in zijn nawoord nog maar eens aan dat in datzelfde jaar kamervragen werden gesteld over ‘Oote oote boe’ van Jan Hanlo.

Een vriend voor de schemering is een roman over de onvervulbare liefde. Het eerste deel gaat over de jonge Wouter die verliefd wordt in Parijs op de Noord-Afrikaan Bahri. Die verdient zijn geld als jongenshoer, maar heeft chronisch geldgebrek en wil eigenlijk uit het werk stappen. Wouter neemt hem mee naar Nederland. Een spannend, realistisch deel waarin Wouter de hunkerende geliefde is en Bahri de ongenaakbare speelt.

Het tweede deel speelt in Zeeland. Hoofdpersoon is dan Heste een jonge weduwe, die met haar kind Robert in een wat afgelegen huis woont. Ze is wat vereenzaamd en haalt vooral genoegen uit wandelingen en haar tuin. Hierin raakt de roman in rustig vaarwater, want de uitgesponnen natuurbeschrijvingen die veel van de dagboeken van Warren ook zo onverteerbaar maken (voor een stadmens als ik) houden de aandacht niet echt vast. De hartstocht vlamt even in haar op wanneer ze een jonge fluitspelende schaapherder tegenkomt (die had je toen nog in Zeeland), maar ze durft niet toe te geven aan haar passie.

Het derde deel begint met een zwemtocht van Wouter en Bahri, die inderdaad is meegekomen naar Nederland. Ze raken echter te ver uit de kust en worden meegenomen door de stroming. Dat deel weet Warren huiveringwekkend mooi te beschrijven. Wouter overleeft het niet, Bahri ternauwernood.  Heste vindt Bahri, verzorgt hem en wordt verliefd op hem. Een liefde die uiteindelijk niet bestand is tegen het verlangen van Bahri naar huis.

De roman zit goed in elkaar en is op het tweede deel na met vaart geschreven. Er zitten mooie spiegelingen in het verhaal. Heste verwarmt het onderkoelde lichaam van de bewusteloze Bahri met haar naakte lichaam in het begin. In de nacht voor hun afscheid gaan ze dronken met elkaar na bed, waarna Bahri in een diepe slaap valt. Je vraagt je af waarom Warren niet later in zijn leven alsnog geprobeerd heeft dit werk uit te geven.

In het nawoord benadrukt Molengraaf de overeenkomsten met het Geheim Dagboek dat Warren zijn leven lang bijhield. Een speciale selectie uit die dagboeken is tegelijkertijd met de roman uitgebracht. Dat is leuk, want je kunt voor een gedeelte aantonen dat Wouter Hans Warren is, het zoontje Robert de jonge Warren, Bahri is eigenlijk Mohamed Belmokhtar etc. Dat is leuk voor mensen die de scheidslijn tussen fictie en werkelijkheid willen onderzoeken en willen zien in hoeverre die realiteit terug te vinden is in het boek. Dat vind ik doorgaans ook een boeiende materie, maar omdat daar in het nawoord en door de selectie van dagboekfragmenten zo’n nadruk op wordt gelegd zou je haast vergeten dat je zojuist een van de betere boeken in het oeuvre van Warren hebt gelezen. Dat is de kracht van de verbeelding en niets anders.

Coen Peppelenbos

Hans Warren: Een vriend voor de schemering. Balans, Amsterdam, 174 blz. €15,-
Hans Warren: Tussen Borssele en Parijs. Balans, Amsterdam, 128 blz. €10,-
(samen voor €20,-)

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

20 november 2017

Het leven ontwijken

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 november 2007

Geloven in een god die niet bestaat
Door Bernadet

Op de titel De kunst van het niets doen reageerden veel mensen met: ‘Oh, dat zou ik ook wel willen, een tijdje niets doen.’ Daar ging het boek echter niet over. Het ging over Taoïsme en de gebeurtenissen in je leven op je af laten komen, van alle kanten bekijken, en dan weer verder gaan met leven.

Lees meer