18 oktober 2004

De afwijzing

Aan de rand van de romantiek is het goed plassen.
De afwijzing, Willem Brakman

In De afwijzing van Willem Brakman keert een miskend schrijver na een lange reis terug naar huis. Tenminste, dat was de bedoeling. Het huis van de schrijver wordt bij aankomst bevolkt door een schoonmaker met zijn familie, een kwakzalver en alsof het al niet vreselijk genoeg is blijken er plannen te zijn om het huis tot sportschool om te bouwen. Voor de schrijver zit er niets anders op dan zijn onderkomen elders te zoeken. Hij besluit net buiten het dorp een hotelkamer te betrekken met uitzicht op een beek. Het hotel luistert naar de naam Hotel de Zwarte Hoed en is alleen via een lange, vermoeiende weg te bereiken. Aangekomen in het hotel blijken er nog genoeg kamers vrij te zijn. Op zijn hotelkamer opent de schrijver zijn koffer en wordt geconfronteerd met een souvenir: Een rode slavenmuts uit Algerije. Hij is zich geenszins bewust van het kopen of krijgen van de slavenmuts en snapt dan ook niet hoe die in zijn bagage terecht is gekomen. Hij zet de muts op en legt zich op bed te rusten in de hoop de oorsprong van het hoofddeksel te kunnen duiden. Als hij de volgende ochtend wakker wordt en uit zijn raam kijkt, is de rode slavenmuts verdwenen. Vanaf zijn kamer kijkt de miskende schrijver uit over het terras en ontwaart tussen de bomen een watermolen.en het grote huis van Staatsma. Staatsma is een beroemd toneelschrijver, regisseur, recensent  en vertaler die samen woont met Elena, de meest beminnelijke vrouw uit de weide omtrek. Staatsma vertrouwt hem in een van hun gesprekken toe dat hij God gesproken heeft in Hotel de Zwarte Hoed. 

Ik trof Hem in De Zwarte Hoed,’zei Staatsma. ‘op een lauwe dag, was aan de lijn, een kat die zich waste, uitzicht op de beek. Diep in de blauwe lucht ging een vliegtuig over mij heen. Daarna schoof hij naast me met een “niet kijken”…

Als deze Staatsma niet lang na aankomst van onze miskende schrijver dood wordt gevonden in de watermolen met onder zijn lichaam de rode slavenmuts wijzen alle vingers, inclusief die van de dode Staatsma naar hem.

Met De afwijzing heeft Brakman inmiddels zijn eenenvijftigste roman op de markt gezet. Net als in zijn eerdere werk vraagt de auteur een flinke inzet van zijn lezers. Het verhaal laat zich niet lezen als een logische opeenvolging van gebeurtenissen maar roept een totale wereld op zonder begin of eind,  maar met een enorme verbeeldingkracht. Met de mysterieuze dood van Staatsma worden allerlei papieren personages in stelling gebracht die praten alsof ze op toneel staan en voor een groot publiek spelen. Het verhaal bevat een aantal poëticale handvatten die de lezer te verstaan geeft dat hij er met een conventionele manier van lezen niet komt:

'Mijn boeken zijn niet onleesbaar, daar moet u van uitgaan, dat zijn ze pas als u een thema zoekt, dit als het ware dwingend oplegt. De leesbaarheid zit in het fragment dat onophoudelijk verschuift.' (p.45) 

In een interview met Tom van Deel van jaren geleden gaf Brakman te kennen dat een volmaakt verhaal op ieder onderdeel de volmaakte bespiegeling zou moeten zijn van de totaliteit. Brakman doelde hiermee op de zinvolheid, de troost van de vorm waarin de onsamenhangende en chaotische wereld wordt gestructureerd en daarmee de angst voor “het uit elkaar klappen” van de wereld wordt bezworen.  Het herstellen van die verloren eenheid is een vormprobleem. Ondanks deze herkenbaarheid van de subjectieve problematiek voor de lezer, weigert Brakman in zijn romans een wereld, een realiteit te creëren uit gehelen die naadloos op elkaar aansluit. Het idee dat een schrijver een werkelijkheid schept moet volgens Brakman doorbroken worden door vormverandering. Een manier om deze vormverandering tot stand te brengen, is door gebruikmaking van de eigen verbeelding. Deze verbeelding is tevens het instrument dat er voor zorgt dat je een idee hebt van de mens die je bent. De mens die ge-denkt te zijn is een thematische zin in het werk van Brakman. Alleen de verbeelding bezit de kracht om “Toen” en “Nu” samen te brengen. De verteller en vertel instantie – hoe personaal ook, overkomt waarschijnlijk niet wat de aangrenzende hoofdpersoon overkomt: het kwijtraken van de greep op de eigen verbeeldingswereld. Dit is het geval bij de miskende schrijver in De Afwijzing net als hoofdpersonages uit eerder werk zoals Oud, Pouderoyen en Glubke. Een andere manier waarop Brakman vormverandering tot uiting brengt in zijn romans is door andere teksten in zijn verhalen op te nemen. Deze metafictionaliteit in zijn werk onderstrepen enerzijds de schizofrene en absurde trekken die de werkelijkheid in Brakmans optiek heeft aangenomen. De Afwijzing kookt over van citaten en verwijzingen die door acterende personages te pas en te onpas worden gereciteerd.

Tijdens een ontbijt maakt de miskende schrijver een praatje met de hotelier die aantekeningen zit te maken.

  ‘Wat heeft u daar opgeschreven?’vroeg ik bezorgd.
  ‘Mijn vrouw is zwanger,’zei hij, ik zal een tijd niet te bereiken zijn.‘
  ’De geboorte van een eerste kind,’ zei ik vroom, ‘is ook de geboorte van een gezin,’ maar dat maakte hem nog somberder.
   ‘Wij gingen slapen,’ zei de man, ’en de zon rees van uur tot uur en tot in de takken van de eucalyptusboom. Daarna gingen wij de heuvel af zodat we nog een tijd koel en slaperig konden zijn. Vervolgens stonden wij stil, de hete zon recht boven ons. Veel warmte, zoete geur, zwarte bessen,’ en hij pinkte tersluiks een traan weg.
  ‘Roof,’ zei ik, 'en lang niet mis.’
 

Andreas Vonder

 

Recent

11 augustus 2017

Zorgenkind of zondagskind

7 augustus 2017

Een kanjer

4 augustus 2017

Wondranden

Literair Nederland - 10 jaar geleden

27 augustus 2007

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Iemand gaat op reis naar een prachtig land, Peru in dit geval, en schrijft een boek over deze reis. Op de flap staat: "Het neusje van Peru voert de lezer mee naar de Peruviaanse woestijn, het Triticameer, over de Andes naar het hart van het Incarijk, tot in de jungle nabij Iquitos."

Dat klinkt toch goed nietwaar? Helaas, we worden wel meegenomen maar niet naar het bovengenoemde. Natuurlijk komen deze gebieden wel voor in het boek maar het frappante is dat ik heel veel over het reizen zelf heb gelezen maar weinig over het land.

Lees meer