8 maart 2004

Een liefde in Parijs

‘… Zou jij niet een bijdrage willen leveren aan mijn reeks Un Amour á? Un Amour á Amsterdam bijvoorbeeld. Amsterdam is populair bij de jonge mensen hier…’

‘De coffeeshops. Daar ben ik te oud voor’.

‘Het hoeft niet speciaal in dat milieu af te spelen. Waar het omgaat is dat het een sfeer van authenticiteit heeft. De schrijver heeft het zelf mee gemaakt.’

‘Het is te dichtbij. Dan zou ik over mijn vrouw moeten schrijven’.

‘Het hoeft geen diepe liefde te zijn. Een kortstondige affaire. Een ontmoeting in het Van Goghmuseum.’

 

Hoofdpersoon van de nieuwste roman van Remco Campert Een liefde in Parijs is Richard Sanders. Deze Nederlandse schrijver die landelijke bekendheid geniet is voor de promotie van zijn in het Frans vertaalde roman ‘De Kunst van het vergeten’ voor een paar dagen in Parijs. Zijn uitgever Alain Mitron van Edition Mondial heeft geregeld dat hij samen met zijn jeugdvriend Tovér een duo-presentatie kan houden  in de pretentieuze galerie Delano.

 

Direct bij aankomst in Parijs wordt Richard voor zijn hotel aangesproken door een hem onbekende vrouw. Zij begroet hem met ‘Rik’, een afkorting die hij vroeger gebruikte in een periode van zijn leven dat hij ‘Richard  te plechtig vond, te bezadigd, niet rijmend met de vitaliteit die hij in zich voelde’. In het korte gesprek dat volgt durft hij haar niet te vragen naar waar zij elkaar van kennen. Nadat zij afscheid van elkaar hebben genomen en ieders huns weegs gaan, wordt Richard geobsedeerd door de vraag wie deze vrouw is.

 

Parijs is geen vreemde stad voor Richard. Nadat hij in Amsterdam vroegtijdig van school is gegaan en als jonge dichter in jazzclubs verzeild raakt, ontmoet hij de eveneens jonge schilder Ton Verstrijden (Tovér). Omdat het werkelijke leven volgens de heren plaatsvindt in Parijs besluiten zij hun spullen te pakken en naar een kleine kamer in een wijk achter het Panthéon te verhuizen. Aldaar ontwikkelt Tovér zich pijlsnel tot een bekende schilder terwijl Richard in zijn schaduw komt te staan. Terwijl Tovér een nieuwe grotere studio krijgt aangeboden, moet Richard Parijs opgeven en keert met hangende pootjes terug naar Amsterdam. Amsterdam weet hem echter niet lang te boeien, de inmiddels stevig drinkende schrijver verkiest het Bourgondische Antwerpen boven het benepen Amsterdam van die tijd. Maar de afwijzing van zijn grootste liefde Parijs blijft hem de rest van zijn leven achtervolgen:

 

Bij die verzuchting werd Richard van het ene moment op het andere overspoeld door een golf van aan wanhoop grenzend verdriet. Hier in Parijs was hij gelukkig geweest, maar toen wist hij het niet en nu viel het niet meer te achterhalen. Nooit eerder had hij zo scherp gevoeld dat het verleden hem definitief ontglipt was en dat de gedachte eraan hem alleen maar pijn en geen vreugde meer bezorgde. De schok van dat plotselinge klaarheldere besef drong de tranen naar zijn ogen. Wat deed hij hier? Wat deed hij waar dan ook in het leven.

 

Probleem in Een liefde in Parijs is dat er geen spanning in zit. Dat de hoofdpersoon op de eerste pagina een oude bekende tegen het lijf loopt die hij niet thuis kan brengen impliceert een vergeten dan wel uit de herinnering verbannen geschiedenis. Maar het verhaal van de ‘onbekende bekende vrouw’ is allesbehalve een cliffhanger. Op de laatste pagina komt de lezer er achter wie de vrouw is zonder daar nu met spanning naar te hebben uitgekeken. In de tussentijd trakteert Campert ons op de voor zijn werk zo kenmerkende inkijkjes in de kunstenaarskringen en Jazzclubs waar verliefdheden even snel opkwamen en weer verdwenen als nieuwe hits.

 

 

Joachim Boot

 

Remco Campert, Een liefde in Parijs. Uitgeverij De Bezige Bij. € 15,-

Recent

21 november 2017

Reizen in een binnenwereld

20 november 2017

Het leven ontwijken

15 november 2017

Een portret in stukjes

Literair Nederland - 10 jaar geleden

26 november 2007

Geloven in een god die niet bestaat
Door Bernadet

Op de titel De Kunst van het Nietsdoen (2004) van Theo Fischer reageerden veel mensen met: ‘Oh, dat zou ik ook wel willen, een tijdje niets doen.’ Daar ging het boek echter niet over. Het ging over Taoïsme; het niet steeds willen ingrijpen in de gebeurtenissen van je leven en de dingen naar je hand te willen zetten of bezweren.

Lees meer