11 augustus 2003

De zaak Arbogast

Ze lachte alsof ze net iets ontdekt had, en keek naar hem om. Hij liep op die lach af en tegelijk liet hij de klapdeurtjes langzaam over zijn geopende handpalmen glijden om ze dan heel voorzichtig los te laten. Het maakte haast geen geluid toen de deurtjes terugzwiepten en hij de avondschemering in liep, haar lach binnen. Altijd zou hij zich later dit moment van stilte herinneren, de manier waarop het koele en gladde hout van de klapdeurtjes over zijn hand wiste, alsof iemand hem moed insprak. Dat was het moment waarop het begon. En wanneer hij zich later haar lachende gezicht voor de geest haalde, wist hij niet eens te zeggen wat hem daarin zo boeide.

Hans Arbogast wordt veroordeeld voor de moord op Marie Gurth. De rechtbank volgt het pleidooi van de aanklager: levenslang voor een lustmoordenaar. Maar alleen Arbogast weet wat er werkelijk gebeurd is op die septemberdag in 1953, de dag dat hij de lifster Marie meenam in zijn Borgward Isabella Coupé. De hartstochtelijke ontmoeting vormt het begin van dit verhaal, gebaseerd op een waar gebeurde Duitse rechtszaak in de jaren 1953-1969.
In aangrijpende scènes wordt dit proces in herinnering geroepen: een liefdesgeschiedenis die eindigt in de dood. Het gaat niet alleen over Arbogast, de vertegenwoordiger in biljarttafels, voor wie het tuchthuis in de loop van veertien jaar tot een tweede huid wordt, maar ook over journalisten, advocaten en een patholoog-anatoom uit de DDR, die allemaal verstrikt raken in dezelfde vraag: is Hans Arbogast schuldig of onschuldig?

Thomas Hettche (1964) studeerde Duits en filosofie en woont in Frankfurt am Main. Hij debuteerde in 1989 met de roman Ludwig muss sterben. In 1995 verscheen zijn roman Nox over de nacht van 9 november 1989, toen in Berlijn de muur viel. In 1999 verschenen zijn essays Animationen. Voor zijn werk kreeg hij onder meer de Robert Walser Prijs.

De zaak Arbogast
Thomas Hettche
vertaald uit het Duits door Wilfred Oranje
uitgeverij Gianotten
ISBN: 90 77276 05 X
368 pagina's

Recent

22 september 2017

Modiano's spel met de lezer

20 september 2017

In de huid van een leeuwin

19 september 2017

Nieuw leven beschreven

18 september 2017

Dichter van de werkelijkheid

Literair Nederland - 10 jaar geleden

24 september 2007

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter. Soms reed je wel drie keer per dag op die bakfiets langs. Ik vond je koddig en stoer met je houtje-touwtjejas aan en je mutsje op. Je was toen al een apart type. Ik was vijftien jaar en had wat je noemt een voorspellende blik. Ik herinner mij dat ik, nadat je weer langs was gekomen, mijn moeder vertelde dat wij zouden trouwen en een kind zouden krijgen. Mijn moeder was het gewend dat ik zulke dingen zei. Ik had vaker van die voorspellingen, soms ook over de dood. Dat vond ze eng."

"Toen ik jou voor het eerst zag, kwam je voorbijfietsen op een bakfiets waarin je spullen vervoerde. Het was laat in het jaar 1952, in de winter. Ik stond voor het raam van mijn ouderlijk huis in de Wilhelminastraat, waar mijn ouders een hotel-pension dreven, naar buiten te kijken. De Wilhelminastraat heette alweer een jaar of zeven zo. Als jong kind groeide ik op met de Schouwburgstraat, omdat in de oorlog namen van de koninklijke familie waren geschrapt door de Duitse bezetter.

Lees meer