Brieven aan Doornroosje

Eén kus maakte hem op slag beroemd en zorgde ervoor dat men eeuwen later nog steeds van zijn heldendaad verhaalt. Maar hoe bracht hij het jaar vooráfgaand aan zijn treffen met Doornroosje door?

Daarvan doet de prins zelf minutieus verslag in Toon Tellegens Brieven aan Doornroosje. Op 1 januari, precies een jaar voor het ontwaken van de prinses, gaat hij op weg naar haar kasteel, en vanaf de eerste dag van zijn reis schrijft hij haar dagelijks een brief. Het zijn brieven vol vragen, onzekerheid en twijfel. De prins is zich ter dege bewust van de rol die hem door het sprookje voorgeschreven is, maar toch maakt hij al vanaf zijn eerste brief duidelijk sterk te twijfelen aan het heil van zijn onderneming:

Doornroosje,

Je kent me niet.
Ik ben een prins – de prins – die jou wakker zal kussen.
Ik kom naar je toe.
Je slaapt negenennegentig jaar. Je moet, volgens het sprookje waarin je slaapt, nog één jaar slapen. (Maar je sprookje kan het heel goed mis hebben.)
Ik weet niet waar je woont en ik weet helemaal niet waarom ik je wil wakker kussen. Als je wakker bent zal ik, volgens de wetten van sprookjes en legendes, met je moeten trouwen, en wil ik dat wel, wil jij dat wel?
Ik vermoed dat ik je wakker móét kussen. Mijn wil staat daarbuiten. (Ik weet trouwens van niets zo weinig als van mijn wil.)
Je slaapt, dus je kunt deze brief niet lezen.
Ik schrijf alsof je hem wel kunt lezen.

In zijn eenvoudige en open stijl vertelt de prins aan zijn prinses over elke gedachte die hem invalt, elke droom die hem dwarszit, iedere hobbel op de weg naar haar bed. Het zijn geen fantastische avonturen die hij onderweg beleeft; de draken die hij bevecht bevinden zich voornamelijk in zijn hoofd, en nemen de vorm aan van ongastvrije lakeien, kurkdroge lippen of een bejaarde prinses. In 365 brieven schildert de prins het openhartige zelfportret van een tobber, maar een tobber met een rijke verbeelding en een goed gevoel voor de absurditeiten van het sprookjesleven. Deze eigenschappen voorkomen dat de brieven gaan vervelen, al is het waarschijnlijk geen goed idee om ze allemaal achter elkaar te lezen. De prins schreef zijn Brieven aan Doornroosje beetje bij beetje, en het resultaat laat zich ook het prettigst beetje bij beetje lezen. Wie vanaf vandaag één brief per dag leest, heeft over een jaar de bladzijde bereikt waarop de prins eindelijk zelf eens post krijgt.

Toon Tellegen
Brieven aan Doornroosje
Querido, 2002, € 22,50, 371 pagina’s.

tm

Recent

19 september 2018

Omdenken in optima forma

14 september 2018

Een meer van wanhoop

Literair Nederland - 10 jaar geleden

03 oktober 2008

Niet overtuigend maar wel sterk in het laatste deel
Recensie door Menno Hartman

Coen Peppelenbos debuteerde onlangs met de roman Victorie, een roman in drie delen. In het eerste deel wordt Merijn – broer van de hoofdpersoon – gevolgd nadat bekend is geworden dat de hoofdpersoon, Victor, dood is.

Het tweede deel van de roman gaat over Sarah. We volgen er de gedachten van een leraar Engels, die in zijn huis dit meisje vasthoudt, het vriendinnetje van Merijn en waarin duidelijk wordt dat deze Ten Haaf, Merijn gedood heeft door een grote steen naar hem te gooien, nadat hij hem met een camera had gezien.

Lees meer