Schrijvers over de slavernij

Boeken over slavernij uit verleden en heden: een opfrisser voor leerkrachten
Boeken over de slavernij vormen interessant materiaal voor zelfstandig onderzoek naar het verleden door studenten van beroepsopleidingen en leerlingen van scholen, iedere groep op zijn eigen niveau. Daarom volgt hieronder een selectie uit beeldend en literair werk over de slavernij uit verschillende tijdperken. Bij deze selectie ligt de nadruk op de Surinaamse invalshoek. We hebben ons voornamelijk gebaseerd op twee bronnen. Eveline Bakker e.a.: Geschiedenis van Suriname. Van stam tot staat (1993). Dit boek bevat zelfs een apart hoofdstuk: ‘Verschillende beelden van de slavernij' (p. 58-60). Uiteraard hebben we ook Een geschiedenis van de Surinaamse literatuur geraadpleegd, het naslagwerk van Michiel van Kempen.

Hoe keek men in de tijd zelf?
Er bestaat beeldend en geschreven materiaal uit de tijd van de slavernij. Hierin krijgen we de visie van niet-slaven, buitenlanders in Suriname. John Gabriël Stedman maakte in de 18de eeuw deel uit van een legereenheid die vanuit de Republiek naar Suriname gestuurd was om de marrons te bestrijden. Hij tekende en beschreef onder andere wrede martelingen. Zijn liefde voor de slavin Joanna bevestigt zijn voor die tijd ambivalente houding ten aanzien van de slavernij.
Uit de 19de eeuw is Willem Eduard Winkels belangrijk. Hij ging in 1839 naar Suriname en vond emplooi als blankofficier. Al gauw begon hij zijn belevenissen vast te leggen door te tekenen, te schilderen en te schrijven. Een principieel tegenstander van de slavernij was hij, evenals Stedman, niet. Hij had wel bezwaren tegen de behandeling van de slaven. Uit 1840 is zijn satirische boekje De tooverlantaarn van Mr Furet. 21e glaasje. De blankofficier. Het boekje is nooit uitgegeven, maar het manuscript met een serie van 18 ovale tekeningen wordt bewaard in het archief van het Surinaams Museum in Paramaribo, Suriname. In 1994 werd het materiaal tentoongesteld, inclusief de presentatie van ‘De Tooverlantaarn’. Ook werd een editie van ‘Mededelingen van het Surinaams Museum’ (no. 53, juni 1994) aan dit beeldende en humoristische werk gewijd.

De verlichting
Binnen de Europese verlichting verscheen er nogal wat werk dat de slavernij als onderwerp heeft. Dat heeft natuurlijk te maken met het beginnend denken over vrijheid (en gelijkheid en broederschap) vanuit Frankrijk. In Engeland heeft Aphra Behn (1640-1689) blijvende bekendheid gekregen door haar Oroonoko, or the royal slave (1688), het tragische en romantische verhaal over de verboden liefde tussen Afrikaanse prins Oroonoko en zijn geliefde Imoindre. Los van elkaar worden ze als slaaf verkocht. Ze ontmoeten elkaar weer in slavernij in Suriname. Door Albert Helman werd het verhaal vertaald in het Nederlands onder de titel: Oroenoko of de koninklijke slaaf (1983). En dan Candide ou l’optimisme (1759) van de Franse verlichtingsfilosoof Voltaire, ook vertaald in het Nederlands. Hij richtte zich in zijn geschriften tegen starre dogma’s en voor het gezond verstand, voor grotere verdraagzaamheid en tegen de wreedheden die in naam van de religie werden begaan. Candide is een satire op de gedachte van de filosoof Leibnitz dat ‘onze wereld de beste der werelden is’. Ook de slavernij in Suriname krijgt een behoorlijke veeg uit de pan in de ontmoeting tussen Candide en de mismaakte suikerslaaf: ‘Hoe duur was de suiker’!

Orale traditie
Wat deden de slaven zelf? Zij hadden hun orale vertellingen voor op de ‘bakadyari’ (op het achtererf). Anansi de spin was (en is) een echte identificatiefiguur, die iedere vorm van verzet tegen de meester verbeeldt. De slavernijverhalen van de Srananverteller Alex de Drie zijn vertaald en uitgegeven door Trudi Guda. Zij heeft, als Trudi Martinus-Guda, in 2005 ook een belangrijk stuk slavencultuur in beeld gebracht met haar rijk geïllustreerde boek: Drie eeuwen banya. De geschiedenis van een Surinaamse slavendans.

Romans
Vanaf de 19de eeuw verschijnen er romans over de slavernij. Bekend is pater Rikken die Codyo de brandstichter (1902) en Ma Kankantrie (1905) als feuilletons liet verschijnen in ‘De Surinamer’. Het wordt hoog tijd dat deze romans op een eigentijdse manier uitgegeven worden.
Albert Helman publiceerde in 1931 zijn nog steeds veelgelezen roman De stille plantage, die hij in 1952 bewerkte tot De laaiende stilte. In 1934 verscheen Wij slaven van Suriname van Anton de Kom, dat in 1990 door uitgeverij Contact heruitgegeven werd. Beide werken klagen de onmenselijkheid van de slavernij aan en roepen op tot solidariteit. Helaas is dat nog steeds actueel.
Prachtig is de novelle Tata Colin (1982) van Ruud Mungro over de Coroniaans slaaf-held, een verhaal dat een mythische dimensie krijgt.

Onze tijd
Cynthia Mc Leod is heden ten dage degene die voor een groot publiek de geschiedenis, inclusief de slavernij, tot leven roept. Hoe duur was de suiker was haar meteen inslaande debuut. Maar ook Vaarwel Merodia (1994) en De vrije negerin Elisabeth, gevangene van kleur geven beelden van de slavernij die tot discussie kunnen leiden. In 2002 verscheen een boek van haar en de Antilliaan Carel de Haseth, Slavernij en de Memorie, met achtergrondinformatie en een verhaal. Ook Ter dood veroordeeld (2000) van John de Bye is interessant, omdat de slavernij een rol speel vanuit de Joodse planters.

Voor de jeugd
Voor de hogere klassen van de lagere school en lagere mulo zijn er jeugdboeken waarin de slavernij een rol speelt: Veren voor de piai (1992) van Ismene Krishnadath, dat speelt in de 17de eeuw tussen inheemsen, slaven en meesters. De vervlechting tussen realiteit en fantasie maakt het tot een bijzonder boek. Ook Sisa van Joyce Pool ( Nederlandse met Surinaamse moeder) is zo geschreven dat jongeren er zich mee kunnen identificeren. Het speelt in de chaotische tijd dat Frankrijk Suriname binnenviel, in de 18de eeuw.

Dvd’s
Er is een dvd over de stadswandelingen en plantageboottochten onder leiding van Cynthia Mc Leod. Mooi materiaal, omdat jongeren van nu participeren. En recent is de mooie film van Diego Pos op dvd ‘Ongewisse tijd’, over zijn zoektocht naar zijn joodse voorvaderen in de slaventijd.

Els Moor

Els Moor is hoofdredacteur van ‘dWT-L’, de literaire pagina van Surinames grootste dagblad de Ware Tijd. Zij is meer dan twintig jaar aan de kweekschool verbonden geweest. Voor het literatuuronderwijs werkte ze mee aan de methode Fa yu e tron leisibakru(Hoe je een leesgek wordt). Deze bespreking is eerder gepubliceerd in ‘dWT-L’.

Recent

Literair Nederland - 10 jaar geleden

18 juli 2008

Leven na een moord

Door Pauline van der Lans

Zoals de in het begin van de serie Desperate Housewives overleden Mary Alice Young met een alziende blik de gebeurtenissen in Wisteria Lane weergeeft, zo vertelt in Alice Sebolds roman De wijde Hemel de vermoorde tiener Susie Salmon hoe het haar achterblijvers vergaat.

Lees meer