Fijngestampte hersens, hartzeer en de dood

1 mei 2012

Recensie door Alexander van Kesteren

Het is 1851, in Californië is dat de tijd van de Koorts. De alom aanwezige Amerikaanse cowboys worden wild van goudzucht. Door deze contreien trekken de titelbroers in De gebroeders Sisters. Hun doel is simpel: Hermann Kermit Warm moet dood.

Charlie en Eli Sisters zijn beruchte moordenaars, met een faam à la Buffalo Bill. Het verschil is dat de broers Sisters in loondienst zijn, en wel bij de Commodore, een autoritaire en zelfgenoegzame rijkaard. Hun doelwit, Warm, is goud aan het zoeken in de buurt van San Francisco en wordt daar in de gaten gehouden door een andere medewerker van de Commodore. Om bij Warm in de buurt te komen reizen de broers door het koortsige cowboyland.

Nu heeft de Canadees Patrick DeWitt (1975) met dit boek twee belangwekkende Canadese literaire prijzen gewonnen, de Governor General’s Literary Award en de Writers Trust Prize. Eveneens was hij vorig jaar genomineerd voor de Man Booker Prize. Tijdens het lezen van pakweg de eerste tientallen pagina’s kan deze wetenschap bevreemden: het lijkt een doorsnee western, en aanvankelijk is onduidelijk waarom DeWitts roman het literaire niveau van pakweg Karl May ontstijgt – laat staan dat het in de buurt komt van de romans van de hedendaagse meester Cormac McCarthy.

Maar gestaag begint het boek te bevallen, en dat in steeds grotere mate. Er zit veel meer in dan de eerste lezersblik bevroedt. En dan niet alleen de amusante manier waarop DeWitt zowel de tandenborstel als de telefoon introduceert.

Ja, de gebroeders Sisters moorden, en dat kunnen ze verdomd goed. Zonder enig literair voor- of naspel vallen de doden. Maar deze ogenschijnlijk gebroederlijk moordende mannen zijn allerminst hetzelfde: ‘Ons bloed is hetzelfde, we gebruiken het alleen verschillend.’ Hebben ze daarom van DeWitt de zo contradictoir op gebroeders volgende achternaam Sisters meegekregen? Anders dan de harte- en achteloos moordende Charlie, een drinker, blijkt de ik-persoon Eli helemaal geen kille moordenaar. Juist niet: alleen op drift kan hij moorden.

Maar wanneer hij eenmaal in zo’n driftbui verkeert, dan is hij al briesend tot alles in staat. Natuurlijk weet Charlie dit en evenzo weet hij, broer als hij is, precies hoe Eli zo te manipuleren dat hij, als ware hij een opwindpoppetje, tot gebries en gemoord overgaat: ‘Mijn naam is Eli Sisters, jij hoerenjong, en als je niet opschiet en me brengt wat ik gevraagd heb schiet ik je ter plekke overhoop.’

Dit is Eli Sisters, en het is eigenlijk een ontzettend sympathieke man. Het is een opmerkelijke prestatie van DeWitt dat waarschijnlijk elke lezer met Eli zal meeleven, ondanks zijn waarlijk moordlustige drift: ‘De hersens van de man kleurden paars van het bloed en schuim borrelde tussen de plooien omhoog. Ik trok mijn been op en stampte met mijn volle gewicht de hiel van mijn laars in het gat van zijn schedel, waardoor wat ervan over was verbrijzelde en zo compleet werd platgewalst dat het niet meer als menselijk hoofd herkenbaar was. Toen ik mijn voet weer optilde, voelde het alsof ik hem uit de natte modder trok.’

De sympathie van de lezer wordt namelijk opgewekt door Eli’s gemijmer. Steeds meer begint hij te peinzen over het leven en over vrouwen. Het leidt hem tot alleszins terechte vragen: waarom moord ik eigenlijk, en zou ik er niet mee stoppen? De antwoorden volgen beetje bij beetje. Deze deelantwoorden worden afgewisseld met bijna-verliefdheden, maar toch vooral met moorden, waarmee Eli varieert op het ‘eerst schieten, dan vragen stellen’.

Af en toe, en zeker in het begin, lijkt DeWitt teveel een procedé te volgen. Dit gaat als volgt: in ieder kort hoofdstuk speelt zich een opvallende situatie af, waarin de broers hun ruige reputatie versterken, en dan eindigt het met een quasi-reflectieve mijmer van Eli Sisters. Maar ook wat dit betreft komt het boek op gang, worden Eli’s kronkels prikkelender en laat het boek de voorspelbare trant los.

Terwijl zijn broer zich iedere avond ongans drinkt aan de brandewijn, raakt de peinzende Eli vervuld van walging van zijn professie – en daarmee vervuld van zelfhaat. Het lijkt erop dat de moord op Warm zijn laatste klus voor de Commodore zal zijn. Eli’s mentale ontwikkeling en de reis van de gebroeders Sisters wordt afgewisseld met twee vreemde, enkele pagina’s tellende ‘intermezzo’s’. In het eerste treft Eli een zeven- of achtjarig meisje, die hem in haar droom had gezien: ‘“Ik kwam voor in je droom?” “Er kwam een man in voor. Een man die ik niet kende en niet mocht.” “Was het een goede of een slechte man?” Ze fluisterde: “Het was een beschermde man.”’

Is Eli beschermd, en zo ja, wat houdt dat dan in? Zowel Eli als de lezer mogen hierop broeden. Zo ook op de verschillende passages, net over de helft van de roman, waarin de broers en Hermann Kermit Warm samen optreden. De naam van Warm mag haast opgevat worden als een onomatopee: Hermann Kermit Warm is een opmerkelijke figuur. Zijn karakter straalt onafhankelijkheid uit, en is aangekleed met een aantal verwonderlijke tics. Zo begint hij, terwijl hij zich in een levensbedreigende situatie bevindt, te fluiten. De melancholicus Eli raakt direct gecharmeerd: ‘Ik herkende het wijsje niet, maar het was zo’n deuntje als ik altijd graag hoorde: traag en sentimenteel en ongetwijfeld met een bijbehorende tekst die over hartzeer en de dood handelde. (…) Hij was een uiterst getalenteerde fluiter; het lied daalde en steeg, kwinkeleerde in de lucht en verdween toen in de ruisende rivier.’

Maar waarom zitten de gebroeders Sisters achter deze figuur aan? Er blijkt iets met Warm te zijn dat op velen een koortsverhogende uitwerking heeft. Verklapt mag worden dat het plan van de broers, ondanks hun onmiskenbare moordenaarskwaliteiten, anders loopt dan gedacht. Wat volgt onthutst, amuseert ondanks de dood en weet soms zelfs te vertederen. Dit maakt De gebroeders Sisters niet tot een klassieker, maar wel tot een verrassend prettige roman.

De gebroeders Sisters

Auteur: Patrick DeWitt
Vertaald door: Caroline Meijer en Saskia van der Lingen
Verschenen bij: Uitgeverij De Arbeiderspers
Aantal pagina’s: 289
Prijs: € 19,95

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

 
Kroniek van de familie Wapshot – John Cheever
17 mei 2013
‘Een kijk op het leven zo hartelijk en vluchtig als een lachbui.

Recensie door Martin Lok

St. Botolphs. Havenplaats. Vergane glorie. Thuis van de familie Wapshot. Al vele generaties. Leander Wapshot heeft twee zonen. Moses en Coverly. Maar het familiekapitaal zit bij nicht Honora. Kinderloze matriarch. Zij regeert.
Lees verder >
Lore – Rachel Seiffert
16 mei 2013
Debuutroman opnieuw in de belangstelling

Recensie door Ingrid van der Graaf

Het in 2001 uitgegeven en later verramsjte boek De donkere kamer van Rachel Seiffert (1971)  werd onlangs verfilmd door Cate Shortland (Somersault 2004).
Lees verder >

De Hondsster – Peter Heller
14 mei 2013
Eenzaam in een post-apocalyptische wereld

Recensie door Olivier Rieter

De Hondsster van de Amerikaanse schrijver van natuurreportages Peter Heller is een post-apocalyptische roman die aansluit bij de tijdgeest. Het boek hoort echter niet tot beste in zijn soort. Het verhaal gaat over Hig die een pandemie die de wereld heeft getroffen heeft overleefd.
Lees verder >
Bluf! De kunst van het veinzen – Adam Soboczynsky
13 mei 2013
Dat 'kunst moge voltooien, wat de natuur begon'

Recensie door Huub Bartman

 

'Wat is het leven? Een mijnenveld.

Wat is veinzerij? De voorwaarde om hogerop te komen.

Wat is liefde? De mooiste van alle illusies.
Lees verder >
Het geheim van Carmen – Dirk Ayelt Kooiman
9 mei 2013
Sterk wisselend niveau in nieuwe verhalenbundel

Recensie door Adri Altink

Het nieuwe boek van Dirk Ayelt Kooiman, Het geheim van Carmen, bevat drie korte verhalen. Qua thematiek is er een verband. Ze gaan alle drie over schuld, schaamte en verraad. Ook de hoofdpersonages hebben veel van elkaar weg.
Lees verder >
Jo Otten – Kritisch en verhalend proza – Verzameld werk deel 2
16 mei 2013
Gesignaleerd door de redactie

De Rotterdamse auteur Jo Otten (1901-1940) heeft tijdens zijn leven verschillende genres beoefend (verhalen, essays en kritieken) waarin hij zijn pessimistische kijk op een modernistische wijze vorm gaf.
Lees verder >

Oproep! Lievelingsgedichten gezocht
16 mei 2013
Altijd al je lievelingsdichter op de voorgrond geplaatst willen zien? 

Stuur dan nu je lievelingsgedicht in!

In het kader van het Poëziefestival De Nieuwe Liefde zijn de organisatoren in samenwerking met Het Parool op zoek naar lievelingsgedichten van lezers, en wel: gedichten van nog levende Nederlandse dichters.
Lees verder >
Rebekka Bremmer over het European First Novel Festival
16 mei 2013
Tijdens het jaarlijkse International Book Festival in Hongarije, ongeveer een maand geleden, vond ook het European First Novel Festival plaats. Rebekka Bremmer die vorig jaar debuteerde met haar roman Eb was de Nederlandse afgevaardigde op dit festival.
Lees verder >
Achtste editie van Grafisch/literair tijdschrift SLANG
8 mei 2013
Gesignaleerd door de redactie

Het achtste nummer van SLANG Magazine heeft als thema 'Titaantjes'. Verschillende schrijvers die nog niet of nauwelijks publiceerden, hebben eraan bijgedragen.
Lees verder >

Grote literaire prijzen voor Oek de Jong en Tommy Wieringa en genomineerd voor de Inktaap
7 mei 2013



Twee zenuwslopende uren aan het diner alvorens de winnaar bekend wordt gemaakt.
Lees verder >