Nooit helemaal gelijkwaardig

24 april 2012

Recensie door Carolien Lohmeijer

‘… en nauwelijks stonden de twee zussen bij ons in de wasserij, (…) of ik had het gevoel dat de ramen van onze wasserij wijd openstonden (…)’ .

Dat verfrissende gevoel heb je ook als je Duiven vliegen op leest. Zo fris, licht en sprankelend is het geschreven.

De zinnen van Nadj Abonji zijn lang. Heel lang soms. Maar dat hindert niet. Sterker nog, het is één bruisende stroom van gedachten, feiten, historische gegevens en familieverhalen die zo natuurlijk met elkaar verbonden worden dat je niet anders wilt dan doorlezen. Of opnieuw beginnen als je het boek uit hebt.
Wat Nadj Abonji vertelt in Duiven vliegen op is ook de moeite waard. Ze vertelt over de Hongaars-Servische familie Kocsis, over hun inburgering in een nieuw vaderland, over de oorlog in hun eigen land en over de familieleden die daar zijn achtergebleven.

Met niet meer dan een koffer komt Miklos Kocsis in 1970 in Zwitserland aan. Later volgt ook zijn vrouw Rósza. Hun dochters, Ildikó en Nomi blijven onder de hoede van hun grootmoeder achter in Vojvodina, een Hongaars-Servische provincie in het voormalige Joegoslavië. Het duurt nog ‘drie jaar, tien maanden, twaalf dagen voordat de inreisvergunning voor de kinderen er eindelijk was’.

Miklos en Rósza werken keihard, slikken veel en blijven doorgaan. Allemaal voor een beter leven voor hun dochters. Het buffelen wordt beloond: ze halen hun inburgeringscursus, krijgen het Zwitserse staatsburgerschap en zijn trots als ze café-restaurant Mondial mogen overnemen. ‘Mogen’ overnemen, zo voelen zij dat. Dat gevoel blijft manifest in hun houding. Dankbaar, dienstbaar en toch nooit helemaal gelijkwaardig. Dat is precies waar Ildikó uiteindelijk zó van baalt, dat ze een drastisch besluit neemt.

Ildikó, of Idli zoals ze meestal genoemd wordt, is de verteller in het verhaal. Ze is dertien als ze in Zwitserland aankomt. Later geeft zij haar universitaire studie (tijdelijk) op om samen met haar zusje mee te werken in het Mondial. Via haar maken we kennis met de familie in Vojvodina bij wie ze voordat de Balkanoorlog uitbreekt, nog regelmatig op bezoek gaan. De beschrijvingen van die bezoeken zijn een feest om te lezen en passen naadloos in de Oost-Europese verteltraditie. Nadj Abonji’s stijl versterkt dat genot alleen maar.

Als de Balkanoorlog eenmaal is uitgebroken, is het afgelopen met de familiebezoeken en is er uiteindelijk helemaal geen contact meer mogelijk met de achtergebleven familieleden. In het Mondial gaat het leven door. Op de achtergrond is die oorlog echter steeds aanwezig. De oorlog verdeelt niet alleen families en gemeenschappen ter plekke maar bereikt zelfs de keuken van het Mondial, waar twee keukenhulpen plotseling ruzieën over Tuđman en Milosevic.
De onzekerheid over het lot van de familie is zwaar, niet alleen voor de ouders, maar ook voor de beide zusjes. Idli: ‘Later, op de weinige momenten dat het mogelijk zou zijn geweest om over dit abrupte einde van ons leven zoals we dat tot dusver hadden gekend, te praten, was het altijd onmiddelijk duidelijk dat, wat betreft ons geboorteland, alleen moeder en vader aanspraak op de diepere, pijnlijker gevoelens mochten maken; wat er in die tijd in Nomi of mijzelf omging was van weing of geen belang.’
Uiteindelijk breekt het haar op om altijd alleen maar rekening te houden met haar ouders en hun houding ten opzichte van het nieuwe vaderland. Ze maakt zich vrij.

Subtiel maar onmiskenbaar maakt dit boek duidelijk hoeveel mensen moeten slikken als ze hun leven achter zich laten en wat willen bereiken in een nieuw land; en wat dat betekent voor de volgende generatie.

Duiven vliegen op bevat veel autobiografische elementen. Melinda Nadj Abonji (1968) was zelf vijf jaar toen ze vanuit Vojvodina in Zwitserland aankwam. Haar moedertaal is Hongaars. Voor dit boek ontving zij in 2010 zowel de Duitse als de Zwitserse prijs voor het beste boek van het jaar.


Duiven vliegen op

Auteur: Melinda Nadj Abonji
Vertaald door: Dineke Bijlsma
Verschenen bij: Uitgeverij Van Gennep
Aantal pagina’s: 252
Prijs: € 18,90

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

 
De Groote Oorlog – Sophie de Schaepdrijver
16 april 2014
'Wie iets van België wil begrijpen, moet beginnen met het lezen van dit boek’.
Lees verder >
De macht van begeerte – Uwe Timm
14 april 2014
Bezoek voor een eenzame vogelwachter

Recensie door Evert Woutersen

De macht van begeerte (2013) van de Duitse schrijver Uwe Timm (1940) is het verhaal van Christian Eschenbach die terugblikt op zijn leven en relaties. Hij werkt op het Duitse waddeneiland Scharhörn als vogelwachter in een beschermd natuurgebied.
Lees verder >
Grensland – Marc Jansen
10 april 2014
Eeuwenlang rondgesparteld op de bodem van de geschiedenis

Recensie door Adri Altink

In de eerste maanden van 2014 pikt Poetin ineens de Krim in. Met een arrogantie alsof daarmee iets wordt rechtgezet.
Lees verder >
Al wat schittert – Eleanor Catton
9 april 2014
Het is niet al goud wat blinkt

Recensie door Vera ter Beest

De setting en de sfeer die ze beschrijft, zetten de toon. Het eerste deel van Al wat schittert van Eleanor Catton heeft alle kenmerken van een klassieke ‘whodunnit’. Maar, Catton speelt met de traditionele vorm van de detective, voegt elementen toe en past hier en daar wat aan.
Lees verder >
Schuim – Robert Anker
7 april 2014
Gemengde gevoelens

Recensie door Olivier Rieter

Schuim van Robert Anker (1946) gaat over Dirk Wagenaar, een Rotterdamse havenbaron, zijn dochter Lisette, een wereldberoemde violiste, en Dirks schaakvriend Niels, een getrouwde dominee met wie Lisette een verhouding krijgt.
Lees verder >

Ontvang onze nieuwsbrief

Oogst van de Week, 15
10 april 2014
Door Carolien Lohmeijer

In de Oogst van de Week deze keer geen romans maar werkelijkheid. Kernwoorden zijn: aangrijpend en ontroerend (Salomé), ontroerend en poëtisch (Hoe mooi alles), en poëtisch en muzikaal  (Misschien wordt 't morgen beter). Het zijn alle drie boeken die nieuwsgierig maken.

Er rest alleen nog een foto van de kleine Salomé Bernstein die in 1943 in Auschwitz is vermoord. Haar grootmoeder nam haar bij de hand op het moment dat de Duitsers gingen keuren. Zo bezegelde ze hun lot. En redde ze het leven van de andere familieleden die daarna nooit meer over het kleine meisje spraken.

Salomé. Zo heet ook het boek dat de auteur Colombe Schneck eigenlijk niet wilde schrijven. Maar dat ze toch schreef. Omdat ze voelde dat dat ze het moest schrijven. Ze deed er 10 jaar over om de moed daarvoor te vinden.
Salomé is ook de naam die Colombe Schneck haar dochter gaf. De kleine Salomé Bernstein was het nichtje van haar moeder. Maar pas nadat haar moeder overleden was, realiseerde Schneck zich dat ze de geschiedenis van haar familie zou moeten uitzoeken om te weten naar wie ze haar dochter had vernoemd.
Salomé is het verslag van haar zoektocht. Tijdens haar reizen naar Amerika, Israël en Litouwen en de gesprekken met de vrouwen uit haar familie vallen de puzzelstukjes in elkaar. Ze ontdekt het onvoorstelbare offer waar haar familie altijd over heeft gezwegen.

Schneck beschrijft de geschiedenis nuchter en direct, maar wisselt die af met persoonlijke passages. Bijvoorbeeld als ze het heeft over het enige fotootje van Salomé, samen met haar ouders in Litouwen: fotouitSalome‘Toevallig heb ik een kopie van deze foto teruggevonden op de website van Yad Vashem. Een afdruk daarvan heb ik in mijn kamer op de schoorsteenmantel gezet. Ik kijk naar Salomé en haar ouders en ik smeek hen: “Ga weg, ga weg uit Litouwen, dat vervloekte land.” Ze horen me niet.


Salomé. De zoektocht naar een verdwenen kind, door Colombe Schneck, vertaald door Marijke Arijs, Uitgeverij Cossee, € 14,90

 

Ook het leven van de Joodse Leo Vroman, een van de grootste Nederlandstalige dichters, is getekend door de Tweede Wereldoorlog. Vlak na de Duitse inval vluchtte Vroman naar Nederlands-Indië waar hij in het Jappenkamp terecht kwam. Hij overleefde, maar keerde nooit meer voorgoed terug naar Nederland. ‘Liever heimwee naar Nederland’ heeft hij ooit gezegd.

Hoe mooi alles

‘Vrede’

‘kom vanavond met verhalen / hoe de oorlog is verdwenen / en herhaal ze honderd malen / alle malen zal ik wenen’ (Leo Vroman)

 

Pas twee jaar na de oorlog ziet hij zijn verloofde Tineke Sanders weer. Hij vestigt zich met haar in de Verenigde Staten. Een liefde die altijd is blijven bestaan en die nu beschreven is in het boek Hoe mooi alles van Mirjam van Hengel. Leo en Tineke hebben zelf meegewerkt aan dit boek. Vroman heeft het manuscript nog gelezen, het verschijnen ervan heeft hij echter niet meer meegemaakt. Hij overleed op 98-jarige leeftijd op 22 februari 2014. Vandaag op 10 april 2014, zijn verjaardag, verschijnt het.

Hoe mooi alles. Leo en Tineke Vroman; Een liefde in oorlogstijd, Uitgeverij Querido, Mirjam van Hengel, 328 pagina’s, € 19,99.

 

Misschien wordt het morgen beterGrote kans dat u binnenkort ‘De nozem en de non’ op de radio hoort. Aanleiding is dan ongetwijfeld de biografie over Cornelis Vreeswijk die onlangs bij Nijgh & Van Ditmar is verschenen met de titel Misschien wordt ‘t morgen beter.

 

Journalist en auteur Rutger Vahl kende van huis uit de muziek van Vreeswijk, maar raakte pas echt in de muzikant geïnteresseerd toen hij in 1997 in Stockholm een ‘Cornelisdag’ bezocht. Cornelis Vreeswijk woonde sinds 1950 in Zweden en was daar een grootheid (zijn begrafenis werd rechtstreeks uitgezonden). Vahl, die speciaal voor het oeuvre van Vreeswijk Zweeds leerde, in het AD: ‘Zijn poëtische universum bleek vele malen groter en origineler dat ik had gedacht. Wat ik te lezen kreeg, stond ver af van ‘De nozem en de non’ en ‘Veronica’.

In Misschien wordt ’t morgen beter laat Rutger Vahl zien dat Cornelis Vreeswijk (1937-1987) nooit los van Nederland is gekomen. In 1972 keerde hij terug om een poging te doen ook zijn geboorteland te veroveren.
Cornelis Vreeswijk liet zich inspireren door literatuur en muziek, zijn twee grote liefdes. Deze biografie voert langs alle pieken en dalen van zijn artiestenleven, maar brengt ons ook bij Ernest Hemingway en Walt Whitman, Amerikaanse bluesgiganten, The Beatles, Georges Brassens en de Braziliaanse meestergitarist Baden Powell de Aquino.

Misschien wordt ‘t morgen beter. Cornelis Vreeswijk; De blues tussen Stockholm en IJmuiden, Rutger Vahl, Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar, 320 pagina’s, € 29,99

 
Filter Vertaalprijs 2014 naar Mari Alföldy voor vertaling Satanstango van Krasznahorkai
9 april 2014
Literair nieuws

Tijdens het festival City2Cities, werd bekend gemaakt dat de Filter Vertaalprijs 2014 ter waarde van €10.000,-  naar Mari Alföldy gaat en haar bij de Wereldbibliotheek verschenen vertaling van Satanstango van de hedendaagse Hongaarse schrijver László Krasznahorkai.
Lees verder >
Groot letterfestival in vijf verzorgingshuizen in Eindhoven
8 april 2014
Agenda

Het nieuwe en groots opgezet literatuurevenement Groot Letterfestival vindt komende zondag 13 april plaats in Eindhoven op wel heel bijzondere locaties. Vijf zorginstellingen van Vitalis openen die dag hun deuren om onder meer Kees van Kooten, Annejet van der Zijl, Wim Daniëls, A.L.
Lees verder >
De stilte van het ongesproken woord
7 april 2014
Bij uitgeverij Indeknipscheer is De stilte van het ongesproken woord verschenen, een multmediaal eerbetoon aan drie grote Surinaamse dichters: Trefossa, Shrinivási en Dobru.

De poëzie van Suriname heeft zich nooit beperkt tot het papier.  Hun werk is al eerder in muzikale vertolking verschenen.
Lees verder >
Vierde editie City2Cities gaat dit weekend van start
4 april 2014
Agenda

Dit weekend start de vierde editie van City2Cities: Internationale Literatuurdagen Utrecht.

Schrijver Jaap Scholten en Writer in Residence Nuala Ní Dhomhnaill spreken zaterdag 5 april respectievelijk over Boedapest en Dublin, (themasteden van dit jaar).
Lees verder >