Een ode aan alles wat langzaam verdwijnt

11 april 2012

Recensie door: Joost van der Vleuten

De bundel Schaduwgrens van Hans van de Waarsenburg opent met de reeks ’Consul’, waarin onmiskenbaar de hoofdpersoon uit Malcolm Lowry’s roman Under the vulcano wordt geportretteerd. Een consul, inderdaad, met eeuwigdurende dorst, die zich voortsleept van delirium naar kater, en hoopt dat zijn geliefde ooit terugkeert en alles goed zal komen. De toon van de bundel is gezet: melancholisch verlangen en hopen, in de zekerheid verloren te hebben. Heel veel vrolijker wordt het niet, maar uiteindelijk triomfeert de taal van de dichter over de treurnis van zijn lot.

Waterpokken en waaiende wieren
Ook in de tweede reeks van de bundel wordt de ‘schaduwgrens’ tussen waan en werkelijkheid in beide richtingen overschreden. ´Ik was nog niet wakker´ omvat 11 gedichten waarin een ik-figuur worstelt met het ontwaken uit een deliriumachtige slaap. Een zware kater, luidt de diagnose: veel snot, koppijn en onverdraaglijke herrie, en regels als ‘de uppercut op de kin, de doffe leverslag’. Dat alles samengevat tot ‘Ik hoestte zwaar in het slijm van de begeleidende kotsmuziek’. Dat lichamelijk ongemak wordt doorsneden door macabere droombeelden van een gestorven geliefde (wellicht verhangen, gezien een ‘henneptouw’, maar veel is onzeker hier), gehangen misdadigers, ‘doden op de rug’ en een verdronkene in een scheepswrak: ‘Ik vond een hoofd vol waterpokken en waaiende wieren.’ De gedichten ogen strak, drie maal vier regels elk, en in ieder gedicht duikt de titel wel ergens op, als een stokregel. Maar onder dat pantser van taal woelen surrealistische angstvisioenen en wraakgedachten (‘ik verlangde naar […] een moordwapen / om aan het talentloos geblaat te ontkomen.’). Het laatste gedicht in de reeks brengt geen verlossing, geen ontwaken en geen verzoening. Vier gedichten eerder bekent de dichter al: ‘Ik huiver / Als de tijd mij aanraakt’ en spreekt hij over ‘Dagelijks bezoek aan de Hades / En glaskoorts, wonden die niet heelbaar zijn.’

De wijn ontkurkt
In Schaduwgrens is een dichter op leeftijd aan het woord, die zich kwetsbaar voelt tegenover – jawel – het verstrijken van de tijd. Maar hij verwoordt die kwetsbaarheid in vitale beelden, rake woorden en regels die blijven hangen. De overige gedichten in Schaduwgrens zijn minder surrealistisch dan ‘Ik was nog niet wakker’. Zo beschrijft ‘IN’ een doorweekte wandeling door regenachtig Dublin, waar de dichter een meisje ziet dansen ‘Solo. Of ze niet te stoppen was. Of er leven / Te winnen viel na de dood.’ ‘Dreischor’ (gehucht op Schouwen-Duiveland), is een reeks kwatrijnen over een winter aan zee waarin veel Adriaan Roland-Holst meeklinkt, inclusief ballingschap, stemmen van overzee en ‘woeden tegen de tijd’. In 1980 zei Van de Waarsenburg in een interview: ‘Misschien ben ik wel een reïncarnatie van Roland Holst aan het worden.’ Daarvoor is zijn toon te nuchter, maar toch: zeker is dat de geest van Holst hier rondwaart. De reeks eindigt overigens voorzichtig optimistisch met de komst van de lente: ‘In het jonge riet wordt schoorvoetend de wijn ontkurkt.’

Er zijn meer literaire verwijzingen te traceren: naar Percy’s song van Bob Dylan (Turn, turn, to the rain and the wind’), bij voorbeeld, en naar Dylan Thomas Under milkwood: ‘Call em Dolores, like they do in the stories’). Hugh Lane is wat lastiger thuis te brengen; het is de galerie in Dublin waar het atelier van de schilder Francis Bacon is tentoongesteld en tot op de snipper is gedocumenteerd. Niet tot genoegen van de dichter, die het heeft over ‘het atelier dat zielloos /Een dode voorstelt. Waanruimte.’ Andere reeksen zijn gewijd aan kunstenaars, wat het risico oproept van het mijmerdichten bij een schilderij, zoals in de reeks ‘Korenveld’, over de schilder Theo Kuijpers. En ook aan die andere valkuil van de virtuoze dichter ontkomt Van de Waarsenburg niet altijd: de woordspeling die al snel stijlbreuk wordt. ‘Ik […] schonk geen vermogen aan al die werelden die met een drie beginnen’, bijvoorbeeld. Of: ‘De dood / Zong in B. met een Z. ervoor.’ – in een gedicht over de componist Matty Niël.

Wat taal wel en niet vermag
Van de Waarsenburgs poëzie is onverkort romantisch, maar dan niet van de weemakende soort. Hij schrijft strofische gedichten, maar zonder eindrijm of metrum (maar des te meer ritme) en valt zeker niet in te delen bij de ‘klassieke’ sonnettenmakers als Rawie of Kal. Een ‘rijpe’ dichter, zoals dat heet, die in een halve eeuw (hij debuteerde in 1963) heeft geleerd wat taal wel en niet vermag: geen overwinning op de dood, maar sterke beelden en vitaal verzet. De Schaduwgrens verwijst naar de overgang tussen dag en nacht,  leven en dood (ergens wordt de dood aangeduid als ‘Een schaduwman in een tranende ooghoek’). Het laatste gedicht heet ´Schaduwgrens´ en beschrijft een vrouw en onderwaterlandschap tegelijk. Bevreemdend maar trefzeker. Moet vaak worden genoten en gebloemleesd. Vooruit dan, de laatste regels, op voorwaarde dat je de rest ook gaat lezen:

[…] Mijn lief,

Ik wil niets meer dan dit uitzicht vol mooie, naar mij

Zwaaiende vissen. De sluier van je haren en heuvels

Die glooien. Een ode aan alles wat langzaam verdwijnt.

 

Schaduwgrens

Auteur: Hans van de Waarsenburg
Verschenen bij: Uitgeverij Wereldbibliotheek (2012)
Aantal pagina’s: 62
Prijs: € 15,90

Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

 

Het bestand – Arnon Grunberg
26 mei 2015
Puzzelen

Recensie door Jan de Kater

Arnon Grunberg, romanschrijver en essayist, verslaggever, toneelschrijver, gastdocent, uitgever, neemt een zeer bijzondere en eervolle positie binnen de Nederlandse letteren in. Hij heeft vroeg in zijn carrière aardig wat prijzen gekregen, niet alleen in Nederland, ook in België en Duitsland.
Lees verder >
De jacht op de klaproos – Paul Gellings
21 mei 2015
Een urgente roman 

Recensie door Els van Swol

Het is met De morfinetrilogie van Paul Gellings als met de discussie over de vraag of het glas halfvol of halfleeg is. Wie elk van de drie boeken (Verbrande schepen, Augustusland en De jacht op de klaproos) apart leest, zal geïmponeerd zijn door rake karaktertekeningen.
Lees verder >
Langzaam afbouwen op deze planeet – Nico Dros 
20 mei 2015
Over het einde der wereld en queestende jongkerels

Recensie door Adri Altink

In een interview zei Nico Dros het eens ongeveer zo: ‘Ik ben geworteld in Amsterdam, maar ik heb Texel nooit verlaten’.
Lees verder >
De Israëlische trilogie – Marek Hłasko
19 mei 2015
De verzinsels die we allemaal willen horen

Recensie door Geurt Franzen

Een romanschrijver en een oplichter hebben veel gemeen. Natuurlijk, de bedoelingen van de eerste zijn nobeler dan die van de flessentrekker.
Lees verder >
De professor en de hyena – Wouter Godijn
18 mei 2015
De moppentrommel van Wouter Godijn

Poëzierecensie door Maarten Buser

Wouter Godijns poëzie lijkt sterk onderhevig te zijn aan smaak, getuige de zeer verdeelde ontvangst van zijn bundels.
Lees verder >

Ontvang onze nieuwsbrief

Oogst week 21
21 mei 2015

Door Carolien Lohmeijer


'… Het vliegtuig zat tjokvol, ze zaten op de vierde rij. De twee politiemannen brachten haar voor de tweede keer in drie maanden naar Roemenië. Misschien dat ze nu een spoor zouden vinden van de gestolen schilderijen. Tascha was hun enige hoop om de doeken terug te vinden, begreep ze inmiddels. Maar had ze de vorige keer niet al de plek laten zien waar ze samen met de moeder van haar vriendje de doeken had begraven?…'

De roman Tascha gaat over ‘de kunstroof van de eeuw’, de diefstal van zeven topwerken uit de Rotterdamse Kunsthal in 2012, maar ook over Tascha, de vriendin van de hoofdverdachte, die in Nederland haar lichaam verkoopt.
Schrijfster Mira Feticu, Roemeense van geboorte heeft voor het schrijven van Tascha een werkbeurs van het Nederlands Letterenfonds ontvangen.

Tascha. De roof uit de Kunsthal, Mira Feticu, Uitgeverij Jurgen Maas, presentatie 26 mei 19.00 uur, Paagman, Frederik Hendriklaan 217, Den Haag, 192 pagina's, € 17,95

 

LizzyEen bijzondere samenwerking tussen regisseur, schrijver en vertaler Martin Michael Driessen en dichteres Liesbeth Lagemaat, beiden auteur bij uitgeverij Wereldbibliotheek. Onder het pseudoniem Eva Wanjek hebben zij samen een roman geschreven over een kunstenaar en zijn muze die zich afspeelt in het bruisende Londen van de 19de eeuw, met zijn culturele elite, zijn bohémiens en zijn zelfkant. Lizzie 'biedt zowel kostuumdrama en ‘Gothic horror’ als erotische en indringende psychologische scènes.'

Lizzie, Eva WanjekUitgeverij Wereldbibliotheek, 464 pagina's, € 24,95

 

ZupheulHet nieuwe boek van Mike Boddé is er één voor de liefhebber. Het is voor Boddé zelf een reactie op zijn vorige boek Pil waarin hij schreef over de zwarte periode in zijn leven waarin hij depressief was. Zupheul, Febbo en de kleine Grakjesbembaaf, kortweg Jan heeft hij geschreven om zichzelf aan het lachen te maken. Of zoals hij het zelf schrijft: 'Hij werd lijfsgewijs omvangrijk, huwde een rondborstige joopdraagster, plantte zich genoegzaamlijk voort, en tekende een kroniek op met betrekking tot zijn zwartgalligheid: Pil. Dit foliant ging vijftigduizend malen over de kooptoog.
Zupheul, Febbo en de kleine Grakjesbembaaf, kortweg Jan is het tweede gewrocht van zijn hand.'
Lachen, gieren, brullen? Dat is aan u. In ieder geval een aanstekelijk omslag!

Zupheul, Febbo en de kleine Grakjesbembaaf, kortweg Jan, Mike Boddé, Uitgeverij Brandt, 196 pagina's, € 15,-
Luk Van Haute wint Filter Vertaalprijs 2015
20 mei 2015
Luk Van Haute heeft de Filter Vertaalprijs 2015 gewonnen met zijn vertaalde bundel Liefdesdood in Kamara. En andere Japanse verhalen (Atlas|Contact).

Literair nieuws

‘Een vertaling waarmee de vertaler een meesterproef afleverde, een project dat een enorme stilistische reikwijdte vertegenwoordigt.’, aldus de jury.
Lees verder >
Libris Prijs voor Adriaan van Dis
12 mei 2015
'Een week lang geoefend op de glimlach der verliezers'

Literair nieuws

En dan wordt je de prijs toch toegekend. Adriaan van Dis (1946) sprak na de bekendmaking op zijn eigen, wat kokette manier de vijf overige mededingers toe: 'Jullie mogen me tot twaalf uur haten en dan, gun het me'.
Lees verder >
Hommage aan H.H. ter Balkt
11 mei 2015
Agenda / vrij. 15 mei / 20.00 uur / Theater Perdu / Kloveniersburgwal 86, Amsterdam

De dichters Maarten van der Graaff, Piet Gerbrandy, Eva Gerlach, Maartje Smids, Geert Buelens en Mustafa Stitou, zullen de dit jaar op 9 maart overleden dichter H.H. ter Balkt eren met een voordracht van een persoonlijke selectie uit de verzamelde gedichten.
Lees verder >
Oogst week 19
7 mei 2015
door Carolien Lohmeijer

Heeft het vertrek van Wouter van Oorschot bij zijn uitgeverij G.A. van Oorschot een direct verband met het verschijnen van Verborgen boeken dat eind vorige maand bij Querido verscheen? Daar lijkt het wel op. Verborgen boeken kon geschreven worden omdat bij uitgeverij G.A. van Oorschot persoonlijke documenten van Querido's eigenaar Emanuel Querido werden gevonden. Het kan haast niet anders of Wouter van Oorschot heeft zijn kantoor 'opgeruimd' willen overdragen aan zijn opvolgers en toen de documenten gevonden die zijn vader jarenlang bewaard had. Zijn vader, Geert van Oorschot, was door Emanuel Querido als zaakwaarnemer aangesteld vlak voor diens deportatie naar Sobibor. Tot voor kort wist men niet beter of het archief van de uitgeverij was bij de inval van de Duitsers verbrand om de joodse auteurs en medewerkers te beschermen.
Bijzonder feit is dat uitgeverij Querido dit jaar honderd jaar bestaat; een mooier cadeau kan de uitgeverij zich niet wensen.

Willem van Toorn beschrijft de geschiedenis van Querido Verlag, waar Duits-joodse schrijvers vanaf de jaren dertig hun werk konden publiceren. Arjen Fortuin belicht de rol van Geert van Oorschot als zaakwaarnemer in oorlogstijd. En Hugo van Doornum schetst de jaren na de bezetting.
Verborgen boeken. EM. Querido's Uitgeverij tijdens en na de bezetting, Arjen Fortuin, Hugo van Doornum, Willem van Toorn, Uitgeverij Querido, 140 pagina's, € 18,99

 

De Israëlische trilogieSchwob is een initiatief voor de 'beste onbekende boeken uit de wereldliteratuur'. Op Schwob-avonden gaan auteurs met elkaar in gesprek over hun favoriete vergeten boeken.
Arnon Grunberg sprak tijdens zo'n avond over Marek Hlasko (1934-1969). Hlasko was een populaire schrijver in post-stalinistisch Polen, die toen hij in 1958 Polen verliet, geen toestemming kreeg om terug te keren. Hij leefde daarna in West-Europa, de VS en Israël. Hij was geen Jood, maar voelde zich zeer betrokken bij de Poolse Joden in Israël, en schreef in dat land een aantal meesterwerken, waaronder De tweede hondenmoord, Bekeerd in Jaffa en Ik zal jullie over Esther vertellen.

De boeken van Hlasko zijn geen vergeten boeken meer. Bovengenoemde drie romans zijn nu opgenomen in De Israëlische trilogie die bij uitgeverij Athenaeum verschenen is. Zij schetsen een beeld van de mensheid vol zwarte humor. De stijl is direct en filmisch.

De Israëlische trilogie, Marek Hasko, vertaald door Karol Lesman en Gerard Rasch, Uitgeverij Athenaeum, €19,99

 

Franz KafkaIn Franz Kafka, schrijver van schuld en schaamte analyseert Saul Friendländer Kafka's leven en werk. Hij geeft een beeld van de auteur als jonge man die wordt verscheurd door gevoelens van schuld en schaamte. Over dit beknopte biografische essay wordt gezegd dat het het beeld doorbreekt van de verlegen literaire heilige dat werd geschilderd door Kafka's vriend Max Brod. Aan de hand van brieven en dagboeken schetst Friedländer de afgronden van persoonlijke angst, van seksuele ambiguïteit, van ziekte en van de permanente wanhoop waarin Kafka's werk wortelde. Hierdoor ontstaat een nieuw beeld van de 'verknoping tussen persoonlijk lijden en een uniek literair oeuvre'.

Franz Kafka, schrijver van schuld en schaamte, Saul Friedländer, vertaling Jabik Veenbaas, Uitgeverij Bijleveld, € 19,50