De sfeer verandert in Kaboel

28 oktober 2011

Recensie door: Nikki de Jong

Gaat het debuut van Tahmina Akefi positief ontvangen worden? In de boekhandel vormt de stapel met Geen van ons keek om de wolkenkrabber tussen andere net gepubliceerde boeken. Dat is verrassend omdat Akefi nog een onbekende is in ons literaire land. Of zij voldoende nieuwsgierigheid gaat wekken is nog de vraag. Haar roman doet dat helaas niet.

Toen Akefi twaalf jaar was, vluchtte ze met haar ouders een aantal keer binnen Afghanistan en later emigreerde ze naar Nederland. Haar ervaringen en herinneringen aan die tijd heeft ze gebundeld tot een verhaal, en hoewel dit deels autobiografisch en deels fictief is, geeft het volgens de schrijfster zelf de ware verborgen geschiedenis van Afghanistan weer. Akefi’s roman sluit daarom goed aan bij de thema’s van Khaled Hosseini, die erg in de belangstelling staan. Maar dat er maar liefst zestien uitgeverijen enthousiast reageerden op Akefi’s manuscript, blijft een groot raadsel. Eén ding is zeker: Hosseini hoeft niet bang te zijn voor concurrentie binnen dit genre: we hebben te maken met een droge verhaallijn die in niets meeslepend of zinderend is, terwijl het onderwerp zich daar uitstekend voor leent.

De herinneringen in het boek gaan terug naar Kaboel en Afghanistan in de periode van 1991 tot 1995. De hoofdpersonen, hartsvriendinnen en buurmeisjes Setara en Tiba zijn in 1991 ongeveer twaalf jaar. Hoewel de thuissituatie van de meisjes sterk verschilt, zijn ze dikke vriendinnen. Ze komen elkaar dagelijks achter het huis tegen waar ze hun dromen over de toekomst en de liefde delen. Omdat Akefi de meisjes niet karakteriseert, blijven Tiba en Setara onbekenden voor de lezer.

In Kaboel verandert de sfeer, en dat merken de meisjes. Het begint hen op te vallen dat er verhalen en geruchten de ronde doen, en dat mensen anders reageren dan voorheen: ‘Setara vond zijn reactie opvallend. We hadden hier vaker met mensen gesproken die we niet kenden. Tot nu toe had de winkelier zich er nooit druk om gemaakt.’ Is er sprake van een sociale verandering? Zelfs in het gezin van Tiba zijn er geheimen: ‘Agha djan wilde niet zeggen waarom Reshad niet meer lang weg mocht blijven. Hij wilde weten met wie Reshad omging en waar hij met zijn vrienden over sprak.’ De controle wordt op alle niveaus in de samenleving vergroot en dat maakt de vriendinnen alert. Ze weten niet wat er aan de hand is, maar hebben af en toe wel hun vermoedens en zijn zich bewust van de verandering. De vriendinnen gaan graag naar school, maar zijn sinds kort als de dood voor hun nieuwe schooldirecteur, die zijn baard heeft laten staan, heel streng is en Tiba slaat omdat zij de dochter van de kolonel is: ‘Hij had zijn nette pak ingeruild voor een soort jurk. De directeur liep op me af terwijl hij me bleef aankijken. Ik richtte mijn blik naar de grond toen hij tegenover me stond. Wanneer hij zijn hand uit zijn zak haalde en aanstalten maakte om me te slaan heb ik niet gezien. Ik weet alleen dat ik door de kracht van zijn hand op de grond dreigde te vallen.’ De directeur legt de leraressen kledingvoorschriften op: er mogen geen korte rokken meer worden gedragen, en armen en benen moeten bedekt zijn.

Als de moedjahedien Kaboel binnenkomen, nemen ze de stad onder vuur. Een grote explosie volgt, de grond trilt en de meiden worden door hun familie naar binnen gehaald. Vanaf dat moment zijn ze nergens meer veilig. Tiba’s gezin slaat op de vlucht en ze moet Setara verlaten.

Tiba, de ik-persoon vertelt het hele verhaal. Dit doet ze met korte zinnen, die uit een ouderwetse kindervertelling lijken te komen. Hierdoor ontbreekt diepgang omdat haar zinnen soms doen denken aan de en-toen verhalen die kinderen eigen zijn. Het verhaal bevat geen metafoor of beeldspraak, mogelijk omdat dit gebruik kinderen juist niet eigen is. De keuze om het verhaal chronologisch te vertellen is weinig verrassend. Het maakt het inzichtelijk maar tegelijkertijd ook tot droge kost. Daardoor zit er een bepaalde voorspelbaarheid in. Herhaaldelijk wordt er gereageerd op de verwachting van de lezer. Hoewel Tiba vreselijke dingen meemaakt blijft drama achterwege. Als Tiba haar gevoelens meer had geuit, had dat misschien het verhaal extra kracht bij gezet.

Het is aannemelijk dat dit boek een passend begin is voor jonge, onervaren lezers. Scholieren van de middelbare school zouden het boek wellicht kunnen lezen voor de boekenlijst omdat het nogal toegankelijk is. Niet de bovenbouw-, maar wel de onderbouwleerlingen halen dan genoeg voldoening uit de tekst. Voor hen zou deze roman geschikt zijn omdat hun aandacht niet verdeeld hoeft te worden: er is enkel een verhaal. Debutante Akefi slaat met Geen van ons keek om een brug tussen kinderliteratuur en jongerenliteratuur.

 

Geen van ons keek om

Tahmina Akefi
Verschenen bij: Uitgeverij De Geus
Aantal pagina’s: 256
Prijs: € 18,90

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Nieuwe Chinese plantenkunde – J.B. Matto
25 mei 2012
Veel vragen, weinig antwoorden

Recensie door Rein Swart

Dit boek gaat niet over een onderdeel van de biologie, maar is een roman en wel een heel  bijzondere, omdat weinig van de bedoeling wordt prijsgegeven.
Lees verder >
de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Een nieuwe generatie Literaire Magazines
25 mei 2012
Een nieuwe generatie literaire tijdschriften is opgestaan. Een generatie die mee gaat met de tijd en van hun tijdschriften méér maakt dan een blad alleen. Met namen als Strak, Das Magazin, Kutgitaar en de Optimist wordt de toon gezet voor een nieuwe en verrassende traditie.
Lees verder >
Writers Unlimited The Series: Zuid-Afrika en Nederland – 7 juni in Den Haag
25 mei 2012
Christine Otten praat op 6 juni met Ronelda Kamfer en Adriaan van Dis. Ronelda S. Kamfer (Kaapstad, 1981) is een van de jonge Zuid-Afrikaanse dichters van dit moment en stond in haast iedere krant met het verhaal over haar poëzie.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.