Recensie: Overwoekerd – Tsead Bruinja

4 juni 2010

Recensie door: Albert Hogeweij

De nieuwe, fraai vormgegeven bundel van Tsead Bruinja toont voorop een scherp genomen foto van een schop die niet lang tevoren nog gebruikt moet zijn gezien de aarde die er nog aan zit. Achterop ligt de dichter zorgeloos in het hoge gras te dromen. Tussen voor- en achterplat staan 55 gedichten gegroepeerd over 7 afdelingen. Ditmaal geen motto’s van collega-dichters dan wel popmuzikanten, maar is gewoon Bruinja zelf (op een ingelaste sample van Paul van Ostaijen na) ongehinderd aan het woord met al zijn lef en minimale interpunctie en in al zijn kwetsbaarheid. Soms lyrisch getoonzet in de beleving van de (ontoereikendheid van de) liefde tot zijn vrouw naast hem, of het wachten op het wonder van boven. Want Bruinja toont zich ook ontvankelijk voor het religieuze. Een geslaagd gedicht als Licht lijkt daarop te zinspelen:

‘er is licht

en iets dat daartussen staat

een muur

een figuur

een leven lang

ben je onbenaderbaar

kweek je vuisten

bedek je een graf

met je hele lichaam

verduister je het gat

van een deur

er is licht

iets dan daartussen staat

en er is een weg

waarop je je spullen achterlaat

er is licht

dat je iets wil vertellen

ga weg

laat liggen

neem op’

Maar Tsead Bruinja kennen we ook als de man die de ongerijmde trivialiteiten van de omringende, soms huiselijke dan weer vervreemdende werkelijkheid niet schuwt in zijn werk. Hij pikt daarbij maar al te gretig de instantpoëzie (ready mades) mee die de realiteit ons soms al aanreikt. In dit soort gedichten toont de dichter zijn bravoure en zijn flair. Bruinja mijdt het schrijnen niet, zet zijn boosheid of verontwaardiging in, en kruidt het hier en daar met wat maatschappijkritiek, zoals bijvoorbeeld in het sarcastische gedicht Goed Nieuws. In het gedicht Uw plaats in ons meedogenloze archief beproeft Bruinja met succes de sampletechniek. De strofen waarin zich een documentaire-achtig verhaal ontvouwt over mishandeling door soldaten worden afgewisseld met teksten uit een folder die de televisiekijker(?) blijkbaar tegelijkertijd verveeld aan het doorbladeren is. Beide teksten lopen vloeiend en daarin laat zich de hand van een ervaren dichter zien.

Dat de anekdotisch opgezette gedichten zich niet loszingen van die werkelijkheid mag het verwijt niet zijn, maar toch wekken sommige gedichten wel eens de indruk dat de dichter er te makkelijk van uitging dat een wat vlakke anekdote met een enkele rake regel een heel gedicht kunnen schragen. Niet altijd wringt het, wil ik maar zeggen. Niet altijd wil het wonder uit de taal ontstaan. En van waar moet het wonder in de poëzie anders komen? In het gedicht Het haar op onze wonden wordt grijs moet een niet onaardige regel als ‘het is zo’n dag waarop je naar de andere kant van het land zou rijden / vanwege een advertentie op marktplaats’ de aanzienlijk mindere regels als ‘de auto staat uit te blazen onder de kap / en tegenover je een engerd van wie ze na zijn geboorte / meteen de mal hebben gebroken,’ in zijn nabijheid dulden.  Soms schuurt het tegen het flauwe aan zoals in een strofe uit Sneeuw dat eerder in NRC Handelsblad verscheen: ‘in het jaar 2008 was ik een man van vierendertig / rende ik samen met mijn vrouw / naakt over het strand van een Duits Waddeneiland / doken we een aprilkoude Noordzee in / alles aan mij werd klein.’ Zoiets bevalt mij matig. Maar terwijl ik bij het lezen van de titel van het gedicht Bruintje Beer op de helft van zijn adembenemende graf  mijn hart al vasthield bij de gedachte hier een gedicht over een stoelgang voor mijn kiezen te krijgen, las ik de eerste regel: ‘na een avond chinees zit ik lang genoeg op de wc / om me af te vragen of dit lichaam een geschenk ik / of een straf.’ en vond die eerlijk gezegd niet onaardig. Maar echt raak wordt het pas verderop in dit gedicht bij een regel als: ‘verwelken doen we morgen wel / de nikkei index beleefde een matige dag melden ze op rtl / maar mijn tong voelde fit aan.’ Die fitte tong en die matige nikkei index vormen samen een uitstekend paar.  Maar dergelijke verwrongen combinaties waarin het vonkt, laten zich niet makkelijk opsporen, al zijn er wel degelijk.

Een heel ander gedicht is het titelloze gedicht waaraan de bundel niettemin zijn titel ontleende: ‘overwoekerd door de dood en er niet mee bezig overwoekerd door de / liefde en er niet mee bezig overwoekerd door de jaloezie en er niet /  mee bezig overwoekerd door de haat en er niet mee bezig / overwoekerd door de geilheid (..)’ enz. enz. Een in zijn massiviteit sterk en overtuigend gedicht dat geheel zonder interpunctie geschreven is en zich waarschijnlijk als een langgerekte zin wil laten lezen.

In Oud nummer wordt uit een ander vaatje getapt. Hierin wordt de aandoenlijke kant van ontoereikendheid op een mooie, ingehouden, haast serene wijze verwoord:

‘op een dinsdagavond viel

het telefoonnummer van een oude vriend

hem in

er werd door een vrouw opgenomen

ik liep langs de tv

hoefde het alleen maar

op te schrijven

het boek viel dicht op de bladzijde

waarop de hoofdpersoon

langs een tv liep

er is iets wat ik moet zeggen

maar wat ik niet kan zeggen

mijn vader vertelde over de sloten achter zijn ouderlijk huis

terwijl ik hem belde om advies te vragen

over een nieuwe wasmachine’

Maar het echte hoogtepunt van de bundel vormde voor mij overduidelijk Het op de groei gekochte einde:

‘aan de overkant van een zin en aan de achterkant van het zwart

van wat niet kunnen slapen is klinkt het zingen van een vogel

maar het kan ook het tikken zijn van een stuk waslijn tegen een paal

de wind door een wapperende vlag

en daar dan doorheen prikken de lijntjes verbinden en dat overkant noemen

geef het geen gezicht geen hoofdletter want wind is niet adem die vermoeid

de wolken de bergtop over duwt

laat dit op de groei gekochte leven zwabberen als een kinderbeen met speling

in de knie en zie dit is af te stellen op daar

één sprongetje maar en je bent er

en geef het een andere naam kijk of de hand uit de lucht of van de grond komt

mis je haar?

één sprongetje en je bent er

tussen neus en lippen door je mond aan het gas je mond aan de honing

in de verte klinkt een vogel zijn lied een massieve woning

een onpeilbare gracht van woorden om je leefhuis om je vleeshuls

                                                           wie niet komt

is de vogel

                                                           wie niet zingt

die slaapt

                                                           in de vogel

                                   zingt

                                               braaf

zing geen hoofdletter

maar fluit een jazzy akkoord

bouw je spieren op

wees rap en sterk voor de vogel

voor het spel met de vogel

zwijgend wordt het lidmaatschap

verlengd

ik heb je lief

als een sikkeneurige ezel

ja ja ja

en ik heb je lief

zingt het brood

zingt het lichaam

en splijt de vogel’

Dit is een ronduit gaaf gedicht en dit toont Bruinja op z’n best. Hier hebben de emotionele pit en de stoere bolster elkaar gevonden. En hoe mooi voegt de ready-made van het zwijgend verlengde lidmaatschap zich in het geheel. Gaat dit over slapeloosheid, wordt hier de kwetsbaarheid van het leven beleden, of uiteindelijk toch misschien de liefde bedreven? Het is van ondergeschikt belang omdat de woorden elkaar aftasten, uittesten en loszingen van hun betekenis om samen een spel te vormen, waarin ze de eigen verbeelding van de lezer gul laten delen.

Al was lezing van de bundel een aangename ervaring en zal herlezing dat later niet minder zijn, ik vermoed niet dat deze bundel uiteindelijk op het erepodium van de allerbeste bundels van 2010 belandt, maar het gedicht Het op de groei gekochte einde  kan wat mij betreft dingen naar de prijs voor het beste vers van het jaar.

Overwoekerd

Auteur:  Tsead Bruinja
Verschenen bij: Uitgeverij Cossee (2010)
Prijs: € 19,90

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Nieuwe Chinese plantenkunde – J.B. Matto
25 mei 2012
Veel vragen, weinig antwoorden

Recensie door Rein Swart

Dit boek gaat niet over een onderdeel van de biologie, maar is een roman en wel een heel  bijzondere, omdat weinig van de bedoeling wordt prijsgegeven.
Lees verder >
de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Een nieuwe generatie Literaire Magazines
25 mei 2012
Een nieuwe generatie literaire tijdschriften is opgestaan. Een generatie die mee gaat met de tijd en van hun tijdschriften méér maakt dan een blad alleen. Met namen als Strak, Das Magazin, Kutgitaar en de Optimist wordt de toon gezet voor een nieuwe en verrassende traditie.
Lees verder >
Writers Unlimited The Series: Zuid-Afrika en Nederland – 7 juni in Den Haag
25 mei 2012
Christine Otten praat op 6 juni met Ronelda Kamfer en Adriaan van Dis. Ronelda S. Kamfer (Kaapstad, 1981) is een van de jonge Zuid-Afrikaanse dichters van dit moment en stond in haast iedere krant met het verhaal over haar poëzie.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.