-
Archives
- mei 2012
- april 2012
- maart 2012
- februari 2012
- januari 2012
- december 2011
- november 2011
- oktober 2011
- september 2011
- augustus 2011
- juli 2011
- juni 2011
- mei 2011
- april 2011
- maart 2011
- februari 2011
- januari 2011
- december 2010
- november 2010
- oktober 2010
- september 2010
- augustus 2010
- juli 2010
- juni 2010
- mei 2010
- april 2010
- maart 2010
- februari 2010
- januari 2010
- december 2009
- november 2009
- oktober 2009
- september 2009
- augustus 2009
- juli 2009
- juni 2009
- mei 2009
- april 2009
- maart 2009
- februari 2009
- januari 2009
- december 2008
- november 2008
- oktober 2008
- september 2008
- augustus 2008
- juli 2008
- juni 2008
- mei 2008
- april 2008
- maart 2008
- februari 2008
- januari 2008
- december 2007
- november 2007
- oktober 2007
- september 2007
- augustus 2007
- juli 2007
- juni 2007
- mei 2007
- april 2007
- maart 2007
- februari 2007
- januari 2007
- december 2006
- november 2006
- oktober 2006
- september 2006
- augustus 2006
- juli 2006
- juni 2006
- mei 2006
- april 2006
- maart 2006
- februari 2006
- januari 2006
- december 2005
- november 2005
- oktober 2005
- september 2005
- augustus 2005
- juli 2005
- juni 2005
- mei 2005
- april 2005
- maart 2005
- februari 2005
- januari 2005
- december 2004
- november 2004
- oktober 2004
- september 2004
- augustus 2004
- juli 2004
- juni 2004
- mei 2004
- april 2004
- maart 2004
- februari 2004
- januari 2004
- december 2003
- november 2003
- oktober 2003
- september 2003
- augustus 2003
- juli 2003
- juni 2003
- mei 2003
- april 2003
- maart 2003
- februari 2003
- januari 2003
- december 2002
-
Meta
Monthly Archives: maart 2010
Ferdydurke – Witold Gombrowicz
Recensie door: Rein Swart
Wie dit leest, die is een zot!
In de serie ‘klassieken’ bespreek ik dit keer het debuut van de Poolse meester uit 1937, dat vaak is vertaald. De uitgave uit 1981, door Paul Beers omgezet, gaf het aangename gevoel dat het daarmee wel goed zat.
Lees verder >
31 maart 2010
Wie dit leest, die is een zot!
In de serie ‘klassieken’ bespreek ik dit keer het debuut van de Poolse meester uit 1937, dat vaak is vertaald. De uitgave uit 1981, door Paul Beers omgezet, gaf het aangename gevoel dat het daarmee wel goed zat.
Lees verder >
Leo Vroman-nacht
Voor de 95e verjaardag van Leo Vroman brengt Querido de bundel Overleverigheid uit, waarin meer dan veertig dichters hun favoriete gedicht van Vroman uitkiezen en toelichten.
De SLAA (Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam) organiseert een speciale Leo Vroman-nacht waar aantal dichters zal optreden: Bernlef, K. Schippers, Ester Naomi Perquin, K.
Lees verder >
31 maart 2010
De SLAA (Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam) organiseert een speciale Leo Vroman-nacht waar aantal dichters zal optreden: Bernlef, K. Schippers, Ester Naomi Perquin, K.
Lees verder >
Hommage aan Paul Celan
Op 23 november 1920 werd Paul Celan in het huidige Oekraïne in Cern?uti geboren in een Duits-Joods gezin. Hij is vandaag de dag de meest bestudeerde Duitstalige dichter. In 1947 verlaat hij Roemenië voor het Oostenrijkse Wenen waar hij zijn eerste boek Der Sand aus den Urnen publiceert.
Lees verder >
31 maart 2010
Lees verder >
Ingeborg Bachmann en Paul Celan ? Een dramatische liefde
In 2008 verscheen in Duitsland onder de titel Herzzeit de briefwisseling tussen de Roemeens-joodse Paul Celan (1920-1970), wiens vader en moeder in een kamp omkwamen, en de Oostenrijkse Ingeborg Bachmann (1926-1973), de dochter van een overtuigd Oostenrijks nazipartijlid.
Lees verder >
31 maart 2010
Lees verder >
Christiaan Weijts wint Literatuurprijs Gerard Walschap-Londerzeel
Christiaan Weijts heeft de zesde Literatuurprijs Gerard Walschap-Londerzeel gewonnen voor zijn tweede roman Via Cappello 23. De keuze van juryleden viel op ‘een werk dat de problemen van deze tijd niet schuwt en dat in een eigentijds taalgebruik een wereld schetst waarin het vaak moeilijk leven is.
Lees verder >
30 maart 2010
Lees verder >
Kousbroek en de groente met het lege hart
Recensie door Menno Hartman
Rudy Kousbroek schrijft nu al negen bundels lang onder de titel Anathema’s over wat hij vervloekt, wat hem boeit, ontroert, opwindt. Sinds 1969 is dat een halve meter essays over uiteenlopende onderwerpen, maar ook weer niet zo uiteenlopend.
Lees verder >
30 maart 2010
Rudy Kousbroek schrijft nu al negen bundels lang onder de titel Anathema’s over wat hij vervloekt, wat hem boeit, ontroert, opwindt. Sinds 1969 is dat een halve meter essays over uiteenlopende onderwerpen, maar ook weer niet zo uiteenlopend.
Lees verder >
Tentoonstelling Charlotte Mutsaers in Letterkundig Museum
Vanaf 1 april a.s. gaat de overzichtstentoonstelling 'Paraat met pen en penseel' open, met daarin aandacht voor zowel het literaire werk van Charlotte Mutsaers als voor haar schilderkunst.
‘Mijn werk is een autobiografie van het gevoel’, aldus schrijfster en schilderes Charlotte Mutsaers. Ze is intens, aanstekelijk en verrassend.
Lees verder >
30 maart 2010
‘Mijn werk is een autobiografie van het gevoel’, aldus schrijfster en schilderes Charlotte Mutsaers. Ze is intens, aanstekelijk en verrassend.
Lees verder >
Een leven na Anne Frank ? Berthe Meijer
Recensie door: Lodewijk Lasschuijt
Deze titel laat vanzelfsprekend alle bellen rinkelen. Wil Berthe Meijer op deze manier meeliften met het dagboek dat inmiddels bekend is over de hele wereld? In eerste aanvang bestaat die indruk natuurlijk wel maar later blijkt dit toch niet het geval te zijn.
Lees verder >
30 maart 2010
Deze titel laat vanzelfsprekend alle bellen rinkelen. Wil Berthe Meijer op deze manier meeliften met het dagboek dat inmiddels bekend is over de hele wereld? In eerste aanvang bestaat die indruk natuurlijk wel maar later blijkt dit toch niet het geval te zijn.
Lees verder >
Appassionata – André Brink
Recensie door: Rein Swart
Muziek en liefde, een pas de deux
In deze novelle, die uitgebracht wordt als roman, hebben de drie hoofdstukken dezelfde indeling als in het muziekstuk Appassionata, dat in het tweede hoofdstuk door hoofdpersoon Derek Hugo op de piano ten gehore wordt gebracht: allegro assai, andante con moto, allegro non troppo.
Lees verder >
29 maart 2010
Muziek en liefde, een pas de deux
In deze novelle, die uitgebracht wordt als roman, hebben de drie hoofdstukken dezelfde indeling als in het muziekstuk Appassionata, dat in het tweede hoofdstuk door hoofdpersoon Derek Hugo op de piano ten gehore wordt gebracht: allegro assai, andante con moto, allegro non troppo.
Lees verder >
Karel van het Reve – Verzameld werk 4

28 maart 2010
Recensie door: Machiel Jansen
Als je iets aardigs wilt zeggen over artikelen in tijdschriften en kranten die zo’n dertig, veertig jaar geleden geschreven zijn door een schrijver die al weer een tijdje geleden is overleden, dan is het waarschijnlijk dat je iets zegt in de trant van: zijn stukken zijn nog verbazend actueel. Als je iets onaardigs wilt zeggen dan is het dat de stukken verouderd zijn.
Eigenlijk is dat heel vreemd. Moet literatuur van veertig jaar of langer geleden actueel zijn om interessant te worden gevonden? Waarom zou dat eigenlijk moeten? Ik heb eens een actrice van Toneelgroep Amsterdam op de radio horen zeggen dat Medea nog heel erg actueel is. ‘Laatst,’ zei ze, ‘stond in de krant dat een moeder haar eigen kinderen had omgebracht. Het gebeurt nog steeds,’ benadrukte ze.
Ik vond het een vreemde opmerking. Het is ook niet waar dat Medea een goed toneelstuk is omdat het actueel is. Het zou betekenen dat als er geen moeders meer zijn die hun kinderen vermoorden Medea opeens minder interessant zou zijn. Het is een goed toneelstuk maar niet omdat er nog steeds moordlustige moeders rondlopen, maar veel eerder omdat Euripides een goed schrijver was.
Karel van het Reve (1921-1999) is al een tijdje geleden overleden. Hij stierf in 1999, met de P.C. Hooftprijs op zijn naam. Uitgeverij van Oorschot geeft zijn Verzameld werk uit en is nu bij deel vier aangekomen dat maar liefst meer dan 1.000 bladzijden telt. Het bevat de bundels Uren met Henk Broekhuis en Een Dag uit het Leven van de Reuzenkoeskoes. Het grootste gedeelte bestaat echter uit werk dat nooit eerder in boekvorm verscheen, geschreven in de periode 1973-1980. Het zijn stukken afkomstig uit o.a. NRC Handelsblad, Het Parool en tijdschriften als Tirade en Hollands Maandblad.
Veel van die stukken zijn verouderd. Ze hebben betrekking op situaties die nu totaal anders zijn en kwesties waarom niemand zich meer druk maakt. Toch zijn die stukken heel leuk om te lezen. Sommige zijn er met de tijd zelfs op vooruit gegaan. Dat komt omdat ze nu ook leerzame informatie uit het verleden bevatten. Het plezier in het lezen heeft alles te maken met het feit dat Karel van ’t Reve zo goed schreef. Ik geloof niet dat er een essayist is die helderder schreef dan hij. Ook combineerde hij humor en logisch denken met speels gemak, wat een grote zeldzaamheid is.
Een voorbeeld van een verouderd stukje is België en China dat Van ’t Reve schreef in 1973 onder het pseudoniem Henk Broekhuis. ‘Wanneer wij België en China met elkaar vergelijken, dan valt de vergelijking uit in het voordeel van België. (...) de gemiddelde Belg gaat vaker in een Chinees restaurant eten dan de gemiddelde Chinees, hij heeft meer schoenen, winterjassen, en gekleurde overhemden, meer vierkante meter woningruimte, hij heeft het ’s winters minder koud en zomers minder warm. (...) Daar staat tegenover dat die Chinees, althans zijn regering, atoom- en waterstofbommen heeft. Maar daar doe je zo weinig mee.’
Er is veel veranderd sinds de jaren 70, toen bijna elke student marxist was, en de koude oorlog nog woedde. Van het Reve was Slavist, voormalig correspondent in Moskou voor het Parool en schreef herhaaldelijk over de blinde vlek van Westerse fellow travellers voor de terreur van de communistische regimes. Het communisme is inmiddels verdwenen of, in het geval van China, onherkenbaar veranderd. Toch zijn Van het Reve’s stukken over dit onderwerp het lezen meer dan waard. Hij analyseert droogjes, feitelijk en met humor en je krijgt als lezer nooit het idee dat je iets opgedrongen krijgt.
De ongebundelde stukken bevatten veel leuks, aardigs en wetenswaardigs. Ik noem een paar hoogtepunten. Zijn dankwoord bij het in ontvangst nemen van de Nijhoff prijs in 1979 die hij kreeg voor zijn vertalingen uit het Russisch. Een recensie over De Som van Misverstanden van Maarten ’t Hart die bij hem college Russische literatuur volgde. Vier krantenartikelen over het boek Literatuurwetenschap van F.C. Maatje, althans over de eerste 80 bladzijden. (Het tweede stukje heet Diepe Treurigheid .) En twee stukjes getiteld Op Reis waarin broer Gerard voorkomt en waarop hij vervolgens erg boos werd.
Maar het mooiste van dit deel vier zijn toch de eerste twee bundels. Uren met Henk Broekhuis is al vaak geroemd en dat is terecht. In korte hoofdstukjes ontkracht Van het Reve algemeen geaccepteerde uitspraken en gedachten, zoals het idee dat een potlood in kunst en literatuur een fallisch symbool is, of de gedachte dat massaproductie tot eenvormigheid leidt, of dat iemands gedrag in een boek ‘psychologisch verantwoord’ moet zijn.
Van het Reve had een zesde zintuig voor onzin en wist dat met heel eenvoudige middelen te ontmaskeren. Twee hoogtepunten uit zijn werk, die dat heel goed illustreren, staan in Een Dag uit het Leven van de Reuzenkoeskoes. Het eerste is het titelstuk, een aanval op de evolutietheorie, althans het idee dat elke eigenschap die je bij een dier kunt aantreffen tot stand is gekomen op grond van natuurlijke selectie.
Regelmatig kun je over dit essay lezen dat Van het Reve ernaast zat. Dat wordt dan niet verder uitgelegd. Het lijkt erop dat alleen al de roem van de evolutietheorie een maatje te groot is bevonden voor Van het Reve’s kritiek. Naar mijn idee is dat te kort door de bocht. Zijn bezwaren zijn veel meer logisch van aard dan dat ze bepaalde biologische feiten willen tegenspreken. Voor de goede orde, Van het Reve was geen creationist. Zijn kritiek komt voor een groot deel neer op het feit dat de evolutietheorie, of uitspraken daarover, niet te falsifiëren is. Maar laat ik daar hier niet verder over uitweiden.
Van het Reve weigerde trouwens over de evolutietheorie iets te lezen. Dat tot ergernis van bijvoorbeeld Maarten ’t Hart die met hem in discussie ging. <link: http://www.groene.nl/2008/48/met-karel-in-de-clinch > Iets niet lezen, en er wel over schrijven, deed Van het Reve wel vaker. Je komt in dit deel herhaaldelijk tegen dat hij zich verzet om iets te lezen wat slecht geschreven is of wanneer hij de overtuiging heeft dat hij beter over het onderwerp na kan denken dan te lezen wat anderen er over gezegd hebben. In de hierboven genoemde stukken over Maatje komt hij niet verder dan bladzijde 80. In zijn dankwoord voor de Nijhoff prijs in 1979, die hij ontving voor zijn vertalingen uit het Russisch, zet hij zijn theorie over vertalen uiteen (‘Vertaal wat er staat’) en merkt daarbij op dat hij nooit boeken over vertaaltheorie heeft gelezen. NRC Handelsblad vraagt hem eens over burgerlijke ongehoorzaamheid een stukje te schrijven en stuurt hem alvast wat artikelen over het onderwerp. Van het Reve begint zijn stuk met het excuus dat hij ze niet meer kon vinden en dat zijn vrouw niet thuis is. Dan maar zonder. Overpeinzingen van een leek.
Het tweede hoogtepunt is de Huizingalezing uit 1978, Het Raadsel der Onleesbaarheid. Hij nam het op tegen de literatuurwetenschap, een wetenschap die volgens Van het Reve helemaal niet bestaat. In feite viel hij zijn eigen vakgebied aan, hij doceerde immers Slavische letterkunde. ‘Aanvallen’ is hier niet het goede woord. Hijzelf noemt het ‘bezinnen’, maar dan wel een bezinnen dat zo ontnuchterend en geestig is dat het een vernietigende uitwerking had, en nog steeds heeft, op hen die het betreft. Hij kreeg er de literatuurwetenschappers de hoogste bomen mee in. Wat waren zij kwaad.
Wie niet kwaad wordt en enigszins bekend is met de pretentie van wetenschappers ? en dat hoeven geen literatuurwetenschappers te zijn ? zal vaak moeten glimlachen en soms schateren om de ontmaskering van onzinnige ideeën en nuchtere constateringen als: ‘Van een zin als de daarnet geciteerde zin van Lotman begrijp ik niet hoe iemand zo’n zin kan opschrijven, en ten tweede begrijp ik niet hoe iemand die zo’n zin opgeschreven heeft zich niet dezelfde avond nog verhangt.’
Net als zijn aanval op de evolutietheorie ligt de kern van zijn bezwaar tegen de literatuurwetenschap weer bij het falsifiëren van zogenaamde wetenschappelijke uitspraken. Literatuurwetenschappers doen hun best de eigenschappen van goede boeken te beschrijven maar die eigenschappen kom je ook in slechte boeken tegen. Bovendien is wat er beweerd wordt zo triviaal of onzinnig dat het onleesbaar in een ‘dieventaal’ moet worden opgeschreven om niet direct als zodanig herkend te worden. Maar het allerergste is toch dat de literatuurwetenschap onleesbare teksten produceert terwijl je juist van liefhebbers van literatuur toch wel iets anders zou verwachten. ‘Als Multatuli zo volstrekt aan iemand voorbij gegaan is dat hij dit soort zinnen opschrijft ? waarom schrijft hij dan over Multatuli?’
Ook hier speelt het niet lezen weer een rol. Van het Reve wil wel, maar het is hem ‘fysiek onmogelijk’ de geschriften die de literatuurwetenschap voorbrengt te lezen. Veel beter is het om zelf na te denken. Hij citeert dan ook Schopenhauer: ‘Wie wenig muss doch einer zu denken gehabt haben, damit er soviel hat lesen können!’
Het Raadsel der Onleesbaarheid dient in de Canon te worden opgenomen. Het is één van de hoogtepunten in dit overigens prachtig uitgegeven deel. Wie kennis wil nemen van het werk van één van de beste essayisten die Nederland gekend heeft kan heel goed met dit boek beginnen. En om met iets aardigs af te sluiten: Van het Reve’s werk is verbazend actueel.
Verzameld werk 4
Auteur: Karel van het Reve
Uitgeverij van Oorschot
Prijs: 45,-
Als je iets aardigs wilt zeggen over artikelen in tijdschriften en kranten die zo’n dertig, veertig jaar geleden geschreven zijn door een schrijver die al weer een tijdje geleden is overleden, dan is het waarschijnlijk dat je iets zegt in de trant van: zijn stukken zijn nog verbazend actueel. Als je iets onaardigs wilt zeggen dan is het dat de stukken verouderd zijn.
Eigenlijk is dat heel vreemd. Moet literatuur van veertig jaar of langer geleden actueel zijn om interessant te worden gevonden? Waarom zou dat eigenlijk moeten? Ik heb eens een actrice van Toneelgroep Amsterdam op de radio horen zeggen dat Medea nog heel erg actueel is. ‘Laatst,’ zei ze, ‘stond in de krant dat een moeder haar eigen kinderen had omgebracht. Het gebeurt nog steeds,’ benadrukte ze.
Ik vond het een vreemde opmerking. Het is ook niet waar dat Medea een goed toneelstuk is omdat het actueel is. Het zou betekenen dat als er geen moeders meer zijn die hun kinderen vermoorden Medea opeens minder interessant zou zijn. Het is een goed toneelstuk maar niet omdat er nog steeds moordlustige moeders rondlopen, maar veel eerder omdat Euripides een goed schrijver was.
Karel van het Reve (1921-1999) is al een tijdje geleden overleden. Hij stierf in 1999, met de P.C. Hooftprijs op zijn naam. Uitgeverij van Oorschot geeft zijn Verzameld werk uit en is nu bij deel vier aangekomen dat maar liefst meer dan 1.000 bladzijden telt. Het bevat de bundels Uren met Henk Broekhuis en Een Dag uit het Leven van de Reuzenkoeskoes. Het grootste gedeelte bestaat echter uit werk dat nooit eerder in boekvorm verscheen, geschreven in de periode 1973-1980. Het zijn stukken afkomstig uit o.a. NRC Handelsblad, Het Parool en tijdschriften als Tirade en Hollands Maandblad.
Veel van die stukken zijn verouderd. Ze hebben betrekking op situaties die nu totaal anders zijn en kwesties waarom niemand zich meer druk maakt. Toch zijn die stukken heel leuk om te lezen. Sommige zijn er met de tijd zelfs op vooruit gegaan. Dat komt omdat ze nu ook leerzame informatie uit het verleden bevatten. Het plezier in het lezen heeft alles te maken met het feit dat Karel van ’t Reve zo goed schreef. Ik geloof niet dat er een essayist is die helderder schreef dan hij. Ook combineerde hij humor en logisch denken met speels gemak, wat een grote zeldzaamheid is.
Een voorbeeld van een verouderd stukje is België en China dat Van ’t Reve schreef in 1973 onder het pseudoniem Henk Broekhuis. ‘Wanneer wij België en China met elkaar vergelijken, dan valt de vergelijking uit in het voordeel van België. (...) de gemiddelde Belg gaat vaker in een Chinees restaurant eten dan de gemiddelde Chinees, hij heeft meer schoenen, winterjassen, en gekleurde overhemden, meer vierkante meter woningruimte, hij heeft het ’s winters minder koud en zomers minder warm. (...) Daar staat tegenover dat die Chinees, althans zijn regering, atoom- en waterstofbommen heeft. Maar daar doe je zo weinig mee.’
Er is veel veranderd sinds de jaren 70, toen bijna elke student marxist was, en de koude oorlog nog woedde. Van het Reve was Slavist, voormalig correspondent in Moskou voor het Parool en schreef herhaaldelijk over de blinde vlek van Westerse fellow travellers voor de terreur van de communistische regimes. Het communisme is inmiddels verdwenen of, in het geval van China, onherkenbaar veranderd. Toch zijn Van het Reve’s stukken over dit onderwerp het lezen meer dan waard. Hij analyseert droogjes, feitelijk en met humor en je krijgt als lezer nooit het idee dat je iets opgedrongen krijgt.
De ongebundelde stukken bevatten veel leuks, aardigs en wetenswaardigs. Ik noem een paar hoogtepunten. Zijn dankwoord bij het in ontvangst nemen van de Nijhoff prijs in 1979 die hij kreeg voor zijn vertalingen uit het Russisch. Een recensie over De Som van Misverstanden van Maarten ’t Hart die bij hem college Russische literatuur volgde. Vier krantenartikelen over het boek Literatuurwetenschap van F.C. Maatje, althans over de eerste 80 bladzijden. (Het tweede stukje heet Diepe Treurigheid .) En twee stukjes getiteld Op Reis waarin broer Gerard voorkomt en waarop hij vervolgens erg boos werd.
Maar het mooiste van dit deel vier zijn toch de eerste twee bundels. Uren met Henk Broekhuis is al vaak geroemd en dat is terecht. In korte hoofdstukjes ontkracht Van het Reve algemeen geaccepteerde uitspraken en gedachten, zoals het idee dat een potlood in kunst en literatuur een fallisch symbool is, of de gedachte dat massaproductie tot eenvormigheid leidt, of dat iemands gedrag in een boek ‘psychologisch verantwoord’ moet zijn.
Van het Reve had een zesde zintuig voor onzin en wist dat met heel eenvoudige middelen te ontmaskeren. Twee hoogtepunten uit zijn werk, die dat heel goed illustreren, staan in Een Dag uit het Leven van de Reuzenkoeskoes. Het eerste is het titelstuk, een aanval op de evolutietheorie, althans het idee dat elke eigenschap die je bij een dier kunt aantreffen tot stand is gekomen op grond van natuurlijke selectie.
Regelmatig kun je over dit essay lezen dat Van het Reve ernaast zat. Dat wordt dan niet verder uitgelegd. Het lijkt erop dat alleen al de roem van de evolutietheorie een maatje te groot is bevonden voor Van het Reve’s kritiek. Naar mijn idee is dat te kort door de bocht. Zijn bezwaren zijn veel meer logisch van aard dan dat ze bepaalde biologische feiten willen tegenspreken. Voor de goede orde, Van het Reve was geen creationist. Zijn kritiek komt voor een groot deel neer op het feit dat de evolutietheorie, of uitspraken daarover, niet te falsifiëren is. Maar laat ik daar hier niet verder over uitweiden.
Van het Reve weigerde trouwens over de evolutietheorie iets te lezen. Dat tot ergernis van bijvoorbeeld Maarten ’t Hart die met hem in discussie ging. <link: http://www.groene.nl/2008/48/met-karel-in-de-clinch > Iets niet lezen, en er wel over schrijven, deed Van het Reve wel vaker. Je komt in dit deel herhaaldelijk tegen dat hij zich verzet om iets te lezen wat slecht geschreven is of wanneer hij de overtuiging heeft dat hij beter over het onderwerp na kan denken dan te lezen wat anderen er over gezegd hebben. In de hierboven genoemde stukken over Maatje komt hij niet verder dan bladzijde 80. In zijn dankwoord voor de Nijhoff prijs in 1979, die hij ontving voor zijn vertalingen uit het Russisch, zet hij zijn theorie over vertalen uiteen (‘Vertaal wat er staat’) en merkt daarbij op dat hij nooit boeken over vertaaltheorie heeft gelezen. NRC Handelsblad vraagt hem eens over burgerlijke ongehoorzaamheid een stukje te schrijven en stuurt hem alvast wat artikelen over het onderwerp. Van het Reve begint zijn stuk met het excuus dat hij ze niet meer kon vinden en dat zijn vrouw niet thuis is. Dan maar zonder. Overpeinzingen van een leek.
Het tweede hoogtepunt is de Huizingalezing uit 1978, Het Raadsel der Onleesbaarheid. Hij nam het op tegen de literatuurwetenschap, een wetenschap die volgens Van het Reve helemaal niet bestaat. In feite viel hij zijn eigen vakgebied aan, hij doceerde immers Slavische letterkunde. ‘Aanvallen’ is hier niet het goede woord. Hijzelf noemt het ‘bezinnen’, maar dan wel een bezinnen dat zo ontnuchterend en geestig is dat het een vernietigende uitwerking had, en nog steeds heeft, op hen die het betreft. Hij kreeg er de literatuurwetenschappers de hoogste bomen mee in. Wat waren zij kwaad.
Wie niet kwaad wordt en enigszins bekend is met de pretentie van wetenschappers ? en dat hoeven geen literatuurwetenschappers te zijn ? zal vaak moeten glimlachen en soms schateren om de ontmaskering van onzinnige ideeën en nuchtere constateringen als: ‘Van een zin als de daarnet geciteerde zin van Lotman begrijp ik niet hoe iemand zo’n zin kan opschrijven, en ten tweede begrijp ik niet hoe iemand die zo’n zin opgeschreven heeft zich niet dezelfde avond nog verhangt.’
Net als zijn aanval op de evolutietheorie ligt de kern van zijn bezwaar tegen de literatuurwetenschap weer bij het falsifiëren van zogenaamde wetenschappelijke uitspraken. Literatuurwetenschappers doen hun best de eigenschappen van goede boeken te beschrijven maar die eigenschappen kom je ook in slechte boeken tegen. Bovendien is wat er beweerd wordt zo triviaal of onzinnig dat het onleesbaar in een ‘dieventaal’ moet worden opgeschreven om niet direct als zodanig herkend te worden. Maar het allerergste is toch dat de literatuurwetenschap onleesbare teksten produceert terwijl je juist van liefhebbers van literatuur toch wel iets anders zou verwachten. ‘Als Multatuli zo volstrekt aan iemand voorbij gegaan is dat hij dit soort zinnen opschrijft ? waarom schrijft hij dan over Multatuli?’
Ook hier speelt het niet lezen weer een rol. Van het Reve wil wel, maar het is hem ‘fysiek onmogelijk’ de geschriften die de literatuurwetenschap voorbrengt te lezen. Veel beter is het om zelf na te denken. Hij citeert dan ook Schopenhauer: ‘Wie wenig muss doch einer zu denken gehabt haben, damit er soviel hat lesen können!’
Het Raadsel der Onleesbaarheid dient in de Canon te worden opgenomen. Het is één van de hoogtepunten in dit overigens prachtig uitgegeven deel. Wie kennis wil nemen van het werk van één van de beste essayisten die Nederland gekend heeft kan heel goed met dit boek beginnen. En om met iets aardigs af te sluiten: Van het Reve’s werk is verbazend actueel.
Verzameld werk 4
Auteur: Karel van het Reve
Uitgeverij van Oorschot
Prijs: 45,-
Mathilda Savitch – Victor Lodato
Recensie door: Anita Meuleman
‘Ik wil onuitstaanbaar zijn. Ik wil onuitstaanbare dingen doen en waarom niet? Saai is saai is saai is mijn leven.’ Met deze tegendraadse uitspraak begint de roman, Mathilda Savitch van Victor Lodato. De verteller is de dertienjarige Mathilda.
Lees verder >
28 maart 2010
‘Ik wil onuitstaanbaar zijn. Ik wil onuitstaanbare dingen doen en waarom niet? Saai is saai is saai is mijn leven.’ Met deze tegendraadse uitspraak begint de roman, Mathilda Savitch van Victor Lodato. De verteller is de dertienjarige Mathilda.
Lees verder >
Van acquit ? Pietro Grossi
Onlangs is bij Uitgeverij Van Gennep Van acquit verschenen, de eerste roman van Pietro Grossi.
Dino is stratenmaker; net als zijn vader voor hem. Zwijgend tikt hij elke dag op zijn knieën kasseien de grond in. Vroeger droomde hij nog van verre reizen, maar tegenwoordig is hij tevreden met zijn werk en zijn grote liefde: biljart.
Lees verder >
25 maart 2010
Dino is stratenmaker; net als zijn vader voor hem. Zwijgend tikt hij elke dag op zijn knieën kasseien de grond in. Vroeger droomde hij nog van verre reizen, maar tegenwoordig is hij tevreden met zijn werk en zijn grote liefde: biljart.
Lees verder >
Het Grote Willem Frederik Hermans Boek
Al negentien jaar bestaat het Hermans magazine (voorloper was de WFH-verzamelkrant) , een kwartaalblad dat is gewijd aan het leven en werk van Willem Frederik Hermans en dat gespecialiseerd is in het zoeken en vinden van de werkelijkheid achter de fictie in het werk van Hermans.
Lees verder >
25 maart 2010
Lees verder >
De poëzie van de werkelijkheid: over documentaire-poëzie
Stichting Perdu organiseert op 2 april 2010 een avond over documentaire-poëzie: poëzie die zich nadrukkelijk presenteert als een vorm van documentatie en zich plaatst te midden van nieuwsfeiten, historische gebeurtenissen en situaties. Daarbij laat zij uiteenlopende disciplines als geschiedschrijving, politiek en journalistiek in elkaar over lopen.
Lees verder >
23 maart 2010
Lees verder >
Faust en levenskunst
Welk mensbeeld heeft Goethe vastgelegd in zijn meesterwerk Faust? Emeritus hoogleraar Politieke Filosofie (VU) Henk Woldring bespreekt maandag 19 april in Geleen de levenskunst van Faust, die met vallen en opstaan het leven leeft.
Faust gaat uitdagingen aan en neemt risico's. Hij wil grenzen verleggen maar loopt daarbij aan tegen zijn eigen beperkingen.
Lees verder >
23 maart 2010
Faust gaat uitdagingen aan en neemt risico's. Hij wil grenzen verleggen maar loopt daarbij aan tegen zijn eigen beperkingen.
Lees verder >
Gehuwde dochter ? Kester Freriks

22 maart 2010
De verjaardag van de eenentwintigjarige Twiske Fleurs is voorbij. Het is de volgende ochtend. Haar vader ruimt de slingers op en de lege flessen. Tussen de cadeaus ontdekt hij een manuscript dat met kleurrijke strikken en linten is versierd. Hij maakt het open en begint te lezen. De feestmuziek klinkt nog in zijn oren. Vanaf de eerste regel verandert zijn leven. Hij ontdekt de geheime, verborgen geschiedenis van zijn dochter. Zij leefde in kraakpanden en was betrokken bij de legendarische ontruiming van De Grote Wetering in 1981. Daarna leidde ze een zwervend bestaan. Jarenlang was zijn dochter onvindbaar. Met haar verjaardag zorgt Twiske Fleurs voor een verrassing voor haar vader.
Kester Freriks was in 1981 getuige van de opstanden in Amsterdam en de gevechten met de politie. Meteen daarop schreef hij de roman Hemelse steden, die hij beschouwt als zijn ‘oerroman’. Voor Gehuwde dochter putte hij uit dit manuscript.
Deze ‘bruidsroman’ is een verrassende, tedere literaire zoektocht naar de liefde tussen vader en dochter en dochter en vader.
Kester Freriks (Jakarta, 1954) schreef een omvangrijk oeuvre van romans , verhalen, poëzie en toneel. Hij werd bekroond met de Van der Hoogt-prijs 1982 voor het beste romandebuut Hölderlins toren. Bij Conserve verschenen de romans Madelon- het verborgen leven van Madelon Székelyu-Lulofs en Dahlia’s en sneeuw. Zijn non-fictieboeken De valk en Vogels kijken verwierven grote bekendheid.
Kester Freriks is het komend weekend twee keer bij de VPRO te horen en te zien:
- Vrijdagavond 26 maart is hij gast in De avonden van de VPRO-radio (radio 6, 19.00-22.00 uur) om te vertellen over Gehuwde dochter.
- Zondagochtend 28 maart ontvangt Wim Brands hem in Boeken (Nederland 1, 11.20-12.00 uur).
Daarnaast spreekt op zondag 28 maart a.s. vanaf 14.30 uur Pieter Steinz met Kester Freriks over zijn roman in Theater Donner aan de Lijnbaan in Rotterdam in de reeks Lezen @ etcetera Live.
Gehuwde dochter
Auteur: Kester Freriks
Verschenen bij: Uitgeverij Conserve
Prijs: € 20,-
Kester Freriks was in 1981 getuige van de opstanden in Amsterdam en de gevechten met de politie. Meteen daarop schreef hij de roman Hemelse steden, die hij beschouwt als zijn ‘oerroman’. Voor Gehuwde dochter putte hij uit dit manuscript.
Deze ‘bruidsroman’ is een verrassende, tedere literaire zoektocht naar de liefde tussen vader en dochter en dochter en vader.
Kester Freriks (Jakarta, 1954) schreef een omvangrijk oeuvre van romans , verhalen, poëzie en toneel. Hij werd bekroond met de Van der Hoogt-prijs 1982 voor het beste romandebuut Hölderlins toren. Bij Conserve verschenen de romans Madelon- het verborgen leven van Madelon Székelyu-Lulofs en Dahlia’s en sneeuw. Zijn non-fictieboeken De valk en Vogels kijken verwierven grote bekendheid.
Kester Freriks is het komend weekend twee keer bij de VPRO te horen en te zien:
- Vrijdagavond 26 maart is hij gast in De avonden van de VPRO-radio (radio 6, 19.00-22.00 uur) om te vertellen over Gehuwde dochter.
- Zondagochtend 28 maart ontvangt Wim Brands hem in Boeken (Nederland 1, 11.20-12.00 uur).
Daarnaast spreekt op zondag 28 maart a.s. vanaf 14.30 uur Pieter Steinz met Kester Freriks over zijn roman in Theater Donner aan de Lijnbaan in Rotterdam in de reeks Lezen @ etcetera Live.
Gehuwde dochter
Auteur: Kester Freriks
Verschenen bij: Uitgeverij Conserve
Prijs: € 20,-
Zeepost – Roelof van Gelder
Recensie door: Rein Swart
Nooit bezorgde brieven uit de 17de en 18de eeuw,
Wie zich in de 17de of 18de eeuw per schip verplaatste, liep de kans door Engelse kapers te worden opgebracht. De scheepsbemanning werd gevangen genomen en de uitrusting, waaronder post, in beslag genomen. Vervolgens werd geoordeeld over de legitimiteit van de kaping.
Lees verder >
22 maart 2010
Nooit bezorgde brieven uit de 17de en 18de eeuw,
Wie zich in de 17de of 18de eeuw per schip verplaatste, liep de kans door Engelse kapers te worden opgebracht. De scheepsbemanning werd gevangen genomen en de uitrusting, waaronder post, in beslag genomen. Vervolgens werd geoordeeld over de legitimiteit van de kaping.
Lees verder >
Geleende levens – Bernlef
Recensie door: Ingrid van der Graaf
Wat gebeurt er als je als gevierd soap-ster uit de serie geschreven wordt. Of wanneer je identiteit te verwaarlozen is en je een compleet nieuw leven krijgt voorgeschreven. Of dat er iemand naar je toe komt met een ongelofelijk voorstel waardoor je toekomstbeeld een wending neemt die te mooi is om waar te zijn.
Lees verder >
22 maart 2010
Wat gebeurt er als je als gevierd soap-ster uit de serie geschreven wordt. Of wanneer je identiteit te verwaarlozen is en je een compleet nieuw leven krijgt voorgeschreven. Of dat er iemand naar je toe komt met een ongelofelijk voorstel waardoor je toekomstbeeld een wending neemt die te mooi is om waar te zijn.
Lees verder >
Een jongen met vier benen – Kees Verheul (herdruk)
Het in 1982 verschenen Een jongen met vier benen werd in korte tijd zes maal herdrukt. Er wordt in beschreven hoe de jonge puber uit de titel zich om uiteenlopende redenen ‘anders’ voelt. Er is een minder begaafde klasgenoot; er zijn dialect sprekende buurmeisjes die hem verleiden; er is de leeftijdgenoot die zijn jeugdliefde wordt.
Lees verder >
19 maart 2010
Lees verder >
14 april 2010 – Herta Müller in Brussel
Op woensdag 14 april 2010 komt de Roemeens-Duitse Herta Müller, winnaar van de Nobelprijs Literatuur 2009, naar Flagey. Zij ontmoet er haar lezers in de reeks ‘Het Europa van de schrijvers’.
Lees verder >
19 maart 2010
Lees verder >
Er moet sprake zijn van een misverstand – Mark Boog
Recensie door: Albert Hogeweij
Tien jaar na zijn debuut als dichter is er nu de vijfde of zesde bundel van Mark Boog, al naargelang men de zeer dunne gedichtendagbundel van 2008, Alle dagen zijn van Liefde, als een 'echte' rekent. Intussen zond hij ook een viertal romans de wereld in. Bepaald geen luie schrijver dus.
Lees verder >
18 maart 2010
Tien jaar na zijn debuut als dichter is er nu de vijfde of zesde bundel van Mark Boog, al naargelang men de zeer dunne gedichtendagbundel van 2008, Alle dagen zijn van Liefde, als een 'echte' rekent. Intussen zond hij ook een viertal romans de wereld in. Bepaald geen luie schrijver dus.
Lees verder >
Binnen de huid – J.J.Voskuil
Recensie door: Rein Swart
Iedere binding is bedrog
Opnieuw een echte Voskuil, hoop je, met een indrukwekkend en gedegen zelfonderzoek van Maarten, de alter ego van de schrijver. Deze ouwelijke, geremde, secundair reagerende jongeman wordt dit keer na zijn doctoraal examen getroffen door liefdesperikelen en bijt zich daarin vast.
Lees verder >
18 maart 2010
Iedere binding is bedrog
Opnieuw een echte Voskuil, hoop je, met een indrukwekkend en gedegen zelfonderzoek van Maarten, de alter ego van de schrijver. Deze ouwelijke, geremde, secundair reagerende jongeman wordt dit keer na zijn doctoraal examen getroffen door liefdesperikelen en bijt zich daarin vast.
Lees verder >
De Grote BoekenQuiz gelanceerd
Tijdens de Boekenweek 2010 is De Grote BoekenQuiz voor Nederland en Vlaanderen door Upill Battle boekpromotie gelanceerd www.boekenquiz.nl. In telkens twintig vragen stelt De Grote BoekenQuiz uw kennis op de proef. Kennis over boeken en schrijvers, over klassiekers en debuten, over literatuur en ander proza.
Lees verder >
17 maart 2010
Lees verder >
Nieuwsbrief
Facebook
Twitter
RSS