Recensie ‘Het vingerboek’ – John Manning

1 oktober 2009

Scherpe waarnemingen van een gedreven evolutiebioloog

Bij het aanschouwen van de nogal simplistische titel en het kinderlijke plaatje dacht ik eerder aan een populaire verhandeling over vingers dan aan een doorwrocht wetenschappelijk boek met veel aandacht voor onderzoek en verluchtigd met diagrammen en grafieken en met een uitgebreid notenapparaat.
Ik bereidde me voor op saaie lectuur, maar werd steeds meer geboeid door een zeer gedreven wetenschapper die een duizelingwekkend aantal feiten en veronderstellingen over de lezer uitstort.
Manning ontwikkelde eerder een theorie over seksuele selectie. Acht jaar lang deed hij vervolgens onderzoek naar symmetrie als teken van goede genen. Hij ontdekte dat de vingers van mannen niet alleen gemiddeld langer waren dan die van vrouwen – hetgeen natuurlijk niet spectaculair is omdat mannen gemiddeld groter zijn dan vrouwen – maar ook dat de verhouding tussen hun ringvinger en hun wijsvinger groter (‘lager’ in de terminologie van Manning) is dan die van vrouwen. De vingerverhouding bleek mannelijke vruchtbaarheid beter te voorspellen dan de symmetrie.
Manning onderscheidt twee typen mannen. Het meest voorkomende Casanova-type heeft een lange ringvinger en bij het naar de Duitse neoklassieke schilder Mengs genoemde Mengspatroon is daartegenover minder verschil tussen wijs- en ringvinger. Dat laatste type is meer kenmerkend is voor vrouwen. Bij hen is de verhouding in het algemeen omgekeerd. Mengs staat kort gezegd voor schoonheid en het Casonova-type komt meer in de buurt van het beest. De individuele vingerverhouding hangt samen met de balans tussen testosteron en oestrogeen in de baarmoeder aan het eind van de eerste drie maanden van de zwangerschap, maar er is nog veel onduidelijkheid geeft Manning toe, bijvoorbeeld door de invloed van cortisol en stressfactoren. Ook de vrouwelijke vorm zelf speelt een belangrijke rol:

‘Weelderige vrouwen geven genen voor een hoge oestrogeen ? en een lage testosteronspiegel door aan hun dochters en zoons, die daardoor een hoge vingerverhouding krijgen. Kokervormige vrouwen geven genen door voor een lage oestrogeen ? en een hoge testosteronspiegel door en hebben dochters en zoons en een lage vingerverhouding.’

De vingerverhouding bepaalt voor een groot deel onze persoonlijkheid en ons gedrag: onze aanleg voor sport, onze seksuele geaardheid en de vatbaarheid voor borstkanker en hartaanvallen. Dit alles door de concentraties testosteron en oestrogeen waaraan het embryo in de baarmoeder heeft blootgestaan. De toestand van het embryo heeft een programmerend effect op onze biologische gesteldheid. Zo beschermt het prenatale testosteron de man tegen hartaanvallen. Dat is dus heel wat anders dan de testosteron die later kan worden toegediend en die vaak hartaanvallen op vroege leeftijd tot gevolg heeft.

Manning komt met uitvoerige beschrijvingen van onderzoeken, bijvoorbeeld over de invloed van mono- of polygamie op de hormoonspiegel in de baarmoeder en draagt veel bewijsmateriaal voor zijn stellingen aan. Hij schuwt geen complexe verbanden en legt het bestaan uit van schizofrenie en van homoseksualiteit, dat zich in evolutionair opzicht toch uit de markt zou moeten prijzen.
Zelfs het voetbal ontkomt niet aan zijn blik, misschien ook omdat hij ooit zelf een David Beckham was geworden als hij niet was gezwicht voor de verlokkingen van de evolutiebiologie. Talent voor voetbal blijkt ook al te maken te hebben met een ruime mate van prenataal testosteron. Het is niet voor niets dat Brazilië met zijn sterk gemasculiniseerde bevolking het beste voetballand is.
Manning zet aan het denken, vooral ook omdat hij niet drammerig is. Als wetenschapper staat hij open voor twijfel, maar aan de andere kant houdt hij wel vast aan zijn eigen opvattingen:

‘De mogelijkheid dat prenatale omstandigheden iets te maken hebben met homoseksueel gedrag, klasse en ras hoeft progressieve opvattingen niet per se te ontkrachten of extreme ideologieën te bevestigen. Allereerst moeten we de gegevens afwegen en een goede theorie ontwikkelen; de politieke polemieken komen daarna, indien nodig.’
Die laatste woorden geven aan hoe gedreven Manning aan het onderzoeken is. Als we hem mogen geloven hoeven we minder te investeren in opvoeding of een dieet, want alles ligt al vast en de neo-freudiaanse theorieën zoals die van Nancy Chodorow over sekse-specifieke socialisatie kunnen zo de kast in.

Zijn conclusies zouden kunnen leiden tot practische adviezen, bijvoorbeeld voor de luchtvaart.
‘Het kan handig zijn om via de vingerverhouding passagiers met een verhoogd risico op te sporen, zodat gericht advies kan worden gegeven om te bewegen en water te drinken (en geen alcohol, waardoor het lichaam juist uitdroogt).’
Wellicht staat straks onze vingerverhouding naast de vingerafdruk in ons paspoort.

In het nawoord ? en niet voorwoord zoals abusievelijk op de omslag vermeld staat ? doet bioloog Tijs Goldschmidt er nog een schepje bovenop. Hij stelt dat mannen met een korte penis er niet om gevraagd hebben om negen maanden in vruchtwater gemarineerd te worden dat relatief weinig testosteron en veel oestrogeen bevatte. Men heeft dus altijd verkeerd gekeken, namelijk naar de handpalm en niet naar de vingers. Als hij eerder op de hoogte was geweest van deze kennis, was hij een vingerlengteratiopraktijk begonnen.

Manning gaat aan het eind van het boek in op onze toekomst waarin we steeds oestrogener worden. ‘Wat ons tot mens maakt is het bad met een hoge oestrogeen- en een lage testosteronconcentratie waarin het menselijke embryo ligt.’ We zijn gefeminiseerde of ge-oestrogeniseerde apen. Die visie komt overeen met andere hedendaagse opvattingen over de man. Manning wijst op de nadelige gevolgen, die het meest bij mannen optreden: verlies aan kracht, verslechtering van het hart- en vaatstelsel, afname van het aantal zaadcellen en een slechtere kwaliteit sperma. Gelukkig konden we door de oestrogenisering taal ontwikkelen en werden we daardoor slimme apen, die de schade kunnen beperken door intelligente oplossingen te verzinnen. Manning is daar echter niet gerust op, getuige de laatste zin: ‘Maar die intelligentie ontwikkelt zich in een richting die ernstige gevolgen zou kunnen hebben voor het succes van onze soort op de lange termijn.’ Die stelling had hij nog wat nader mogen toelichten, maar dan begeeft hij zich natuurlijk buiten zijn vakgebied.

Door Rein Swart

John Manning, Het vingerboek. Athenaeum, paperback, 191 p., € 19,95

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Writers Unlimited The Series: Zuid-Afrika en Nederland – 7 juni in Den Haag
25 mei 2012
Christine Otten praat op 6 juni met Ronelda Kamfer en Adriaan van Dis. Ronelda S. Kamfer (Kaapstad, 1981) is een van de jonge Zuid-Afrikaanse dichters van dit moment en stond in haast iedere krant met het verhaal over haar poëzie.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.

 
Wat een geluk – Gerry van der Linden, feestelijke presentatie 24 mei
21 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

Wat een geluk is de negende dichtbundel van Gerry van der Linden. In deze bundel onderzoekt Van der Linden sporen uit haar verleden, die zij opnieuw gestalte geeft door ze tegen het licht van het heden te houden. Daarbij zichzelf en anderen niet sparend.
Lees verder >