Recensie ‘Vergeten straat’ – Louis Paul Boon

2 juli 2009

Op naar de anarchistische vrijstaat

Het derde deel van het Verzameld Werk van Louis Paul Boon ? dat 24 delen zal tellen ? handelt geheel over de roman Vergeten straat die kort na de oorlog werd gepubliceerd. Behalve het verhaal zelf bevat het ook een uitgebreid nawoord, een tekstverantwoording, een bibliografie en noten.

Het is interessant om in het nawoord, dat uit het L.P.Boon-documentatiecentrum komt, te lezen hoe dit boek tot stand gekomen is. De optimistische thematiek moest eigenlijk neergezet worden in een tweede deel van Abel Gholaerts, maar onder invloed van vrienden uit het verzet koos Boon voor een aparte roman. In de verschillende versies verschuift een zonnige kijk op de mens naar pessimisme en volgens Willem Elsschot, die de laatste versie van het manuscript las, waren de personen schemerig. Het was inderdaad lastig om de verschillende lieden uit elkaar te houden. Het boek vraagt toch al een langzame lezing die wellicht te verklaren is uit de filmische verteltrant, waarbij de camera als in een Dogma-film losjes heen en weer zwenkt tussen de personen. Boon hangt als een alwetende verteller boven het verhaal en manipuleert zijn personages dusdanig, dat het, volgens een andere criticus in het nawoord, teveel unisono wordt.

Desalniettemin is het verhaal over de straat, die tijdens de bouw van de Noord-Zuidlijn tijdens de Tweede Wereldoorlog in Brussel wordt afgesloten, prachtig. Ik moest meteen denken aan de bouw van de metro in Amsterdam met waarschijnlijk vergelijkbare ongemak en onzekerheid voor de stadsbewoners. De afsluiting van de straat biedt de schrijver de mogelijkheid om, met Koelie als vertolker daarvan, een anarcho-communistisch experiment te wagen. De personages in die microkosmos zijn volkse types, allen met hun eigen sores, die vaak een seksuele achtergrond hebben. Ouders spreken tegen hun kinderen over hun liefdesleven en hun frustraties. Boon beschrijft hen allen met mededogen; de ziekelijke jongen André, die steeds het onderspit delft en ervan droomt om dameskapper te worden; Gaston, een snotneus van 14 jaar, die als een dolle opvoedkundige de ideeën van Koelie aan de man probeert te brengen en geschokt is als een vrouw die nochtans zijn boeken leest, toch van het genoegen van het ogenblik, het leven van vandaag kan genieten; en Hermine, die de zorg voor de zwakzinnige Peu op zich neemt en vaak twijfelt, bijvoorbeeld of ze door André in de krullen gezet wil worden. ‘Zij weet niet meer of ze voldoet aan een natuurlijke neiging, waar de mensch, volgens Gaston, zou MOETEN aan voldoen; dan wel aan een belachelijke persoonlijke neiging, waar moet tegen gevochten worden.’
Dan zijn er onder meer nog de koopman Sadeleer die steevast niet naar vergaderingen komt, de laffe Nonkel die altijd werkeloos toekijkt en de bedelaar Vieze die steeds op zoek is naar kost voor zijn maag en voor zijn ogen en die droomt van zijn vroegere verblijf in Zuid-Frankrijk. Koelie, die de kost verdient door zijn bloed te laten aftappen als het moet, is enerzijds een welwillend hervormer, maar houdt in het begin zijn dochter Rosa voor zichzelf en kijkt later nauwelijks meer naar haar om, waardoor Rosa met haar lege ziel langzaam omkomt in haar almachtsfantasieën.

‘Het is de strijd uit het oerwoud, niet naar rechtvaardigheid,’ zo peinst Koelie als hij op een vergadering de vakbondsman Alfred hoort spreken. Hij wil geen andere poppetjes, maar zint op echte verandering. Hij wil de hemel op aarde, dus geen pasters, facteurs of politie, maar solidariteit en vrijheid, zoals dat in het libertair socialisme heet.

De welwillendheid van Koelie staat tegenover de dogmatiek van Gaston, die niet weet dat de wereldbeschouwing van een jongen niet die van menschen-op-jaren kan zijn. ‘Wat voor hem naar de anderen oever roeien beteekende, was voor hen misschien verdrinken in een veel te wijde zee.’
De verteller heeft wel oog voor de onvolmaaktheid van het leven. ‘Och, dat iets zou volmaakt zijn, het is een dwaas die dat wensen zou. Het ware niet meer om te leven, altijd en overal in de perfectie te moeten handelen en spreken en denken.’ En wat later: ‘Neen, het gaat niet zoo gemakkelijk om iets nieuws op te bouwen.’
De verteller heeft ook zijn bedenkingen over de ideeën van Koelie. ‘Misschien dacht Koelie een oogenblik dat de mensch zich nooit meer vervelen zal, later als de tijd gekomen is.’ Hij stelt vervolgens dat men zich met ‘gansche hoopen’ aan de vensters zal verdringen, om de eersten te zijn die door het raam springen en naar beneden storten en geeft daarmee duidelijk een voorbeeld van de pessimistische visie in een latere versie.

Boon is een tovenaar met woorden, iemand met een bijzonder poëtisch vermogen; zijn stijl is bedwelmend; de taal is, ook door het Vlaams, rijk en beeldend. De klaterende lach van Hermine in de tuin bijvoorbeeld doet André vermoeden dat er ergens een fontein moet zijn.
Boon is iemand die speelt met de werkelijkheid zoals Roza met haar poppen. Hij laat graag wijsgerige bespiegelingen los over de mens en de maatschappij, toont zich bezorgd over de botsing tussen natuur en beschaving en is uiteindelijk ook niet tevreden over zijn boek omdat Koelie teveel holle zinnen bezigt.
Boon las Aantekeningen uit het ondergrondse waarin Dostojveski stelt dat de mens zichzelf als levend wezen bevestigt door van tijd tot tijd in wellust alles kapot te slaan wat ten koste van grote gemeenschappelijke inspanningen is opgebouwd. Hij leerde daarvan dat de enkeling zich spontaan verzet tegen systemen die hem en zijn medemensen het perfecte geluk voorspiegelen, ook als hij daar zelf niet meteen gelukkiger van wordt en zichzelf uiteindelijk misschien wel in de vernieling helpt. Het is als kinderen die in de avonduren een hut weer gaan afbreken, alleen zijn de gevolgen veel erger. De toename van het irrationele geweld aan het eind van Vergeten straat toont dat we in duizenden jaren nog steeds niet in staat zijn onze natuurlijke destructiedrift te sublimeren in een min of meer harmonieuze samenlevingsvorm. Aan dat inzicht en de bezieling om daarover te berichten kunnen tegenwoordige schrijvers, in een tijd van opkomst van een partij die haat wil zaaien tussen mensen, een voorbeeld nemen.

Door Rein Swart

Louis Paul Boon, Vergeten straat. De Arbeiderspers, paperback, 296 p., € 22,95

Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.

 
Wat een geluk – Gerry van der Linden, feestelijke presentatie 24 mei
21 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

Wat een geluk is de negende dichtbundel van Gerry van der Linden. In deze bundel onderzoekt Van der Linden sporen uit haar verleden, die zij opnieuw gestalte geeft door ze tegen het licht van het heden te houden. Daarbij zichzelf en anderen niet sparend.
Lees verder >
Open stad – Teju Cole
21 mei 2012
Teju Cole, auteur van het onlangs verschenen Open stad brengt binnenkort een bezoek aan Amsterdam (29 mei) en Brussel (30 mei). In zowel Nederland als België is dit boek lovend ontvangen. Open stad is het romandebuut van de van oorsprong Nigeriaanse schrijver. Het gaat over het lot van de hedendaagse immigrant in het New York van nu.
Lees verder >