Recensie Feiniger voorbij – Jan Brokken

9 maart 2009

Boeiend hoe twee karakters Oost en West uitbeelden.

Door Dominique Rothengatter

In deze pakkende novelle ‘Feininger voorbij’ neemt een middelbare Nederlandse schrijver, deel aan een zes maanden durend kunstproject in de geest van Feininger. Een groep van 24 kunstenaars krijgt in Schloss Freywalde met haar romantische omgeving alle ruimte en mogelijkheden om kunst te creëren.
Met als achterliggende idee ‘dat een nieuw en hecht Duitsland gemaakt moet worden, en iedere tentoonstelling, kunstmanifestatie of samenwerkingsverband tussen schilders, schrijvers, dichters en denkers dient daar aan bij te dragen.’

De Nederlandse schrijver door wiens ogen ik het verhaal lees, leert in Duitsland de kaalgeschoren Zane uit Phoenix, Arizona kennen, schilder en Bach liefhebber. En hij ontmoet op het strikt georganiseerde Schloss Freywalde, de hennarode bekrulde, Oost-Duitse fotografe Ute. Met haar lange beige jas en kleinbeeldcamera over de rechterschouder vertoont ze een treffende gelijkenis met de kunstenaar Feininger.
Ute sympathiseert met het communisme.
“Ik ben een Ossie. Mijn god, hoe kon je ook maar één seconde denken dat ik een Wessie was? Rood vanbuiten en rood vanbinnen. Door en door verziekt. Communist tot in mijn darmen. Een goede opvoeding verloochent zich niet. Ik drink ook alleen maar rode wijn, ik ben verslaafd aan rood.”

Zo mededeelzaam als Ute is over haar rode inslag en rode uiterlijk, zo zwijgzaam is Zane over zichzelf en naar anderen toe. Op een dag bezoekt de Nederlandse schrijver Zane’s atelier in Freywalde en bekijkt zijn kunstwerk en schetsen. Zane vertelt hem over de reden voor zijn zwijgzaamheid.
‘Ik heb het niet zo op mensen. Je moet het me niet kwalijk nemen. Ik ben opgegroeid in een hippiekolonie in Californië. Altijd vrijende, hangende, stickies rokende volwassenen om me heen. En gewauwel, eindeloos, oeverloos gezeik. En vieze, half verwaarloosde kinderen. Op mijn achttiende ben ik de woestijn in getrokken, op mijn negentiende heb ik me in Arizona gevestigd. Ik houd van de stilte, ik wil zo min mogelijk mensen om me heen.’

Ik merk dat Ute vrijwel meteen vanaf het begin een haast obsessieve belangstelling voor Zane aan de dag legt voor wie ze naar mijn idee geen échte sympathie schijnt te koesteren. Zane geeft aan de Nederlandse schrijver aan niets met Ute te willen aangaan. Maar hij lijkt haar toch ook erg interessant te vinden.
Zowel Ute als Zane hebben een relatie. De mooie Ute met de veel oudere, kleine, dikke, onverzorgde en achterdochtige Rainer die ze ‘Der Boss’ noemt. Zane is getrouwd en heeft een dochter van 6.
Met de Nederlandse schrijver bouwt Ute tijdens haar het verblijf een haast vriendschappelijke band op. De twee wandelen veel en praten samen. Er ontstaat een soort van driehoeksrelatie tussen Zane, Ute en de Nederlandse schrijver.
Zane zegt daar het volgende over tegen de ik-persoon: ‘Ik ben een klankbord tegen wie ze kan zwetsen. Praten, het echte praten, doet ze met jou. Soms denk ik dat ze het met mij aangelegd heeft om jou over de streep te trekken. Ben ik degene die jouw jaloezie moet opwekken, en zo heftig dat je uiteindelijk haar in de armen vliegt.’

Ik zie door het héle verhaal heen de parallellen tussen het leven van Feininger en dat van Ute en Zane. Feininger kwam van Amerika naar Duitsland en verliet zijn vrouw voor een jongere maîtresse. Eenmaal terug in New York ging het bergafwaarts met zijn carrière. Al lezende vraag ik me dan ook enigszins gespannen af hoe het met Ute en Zane verder zal gaan.

Ook vraag ik mij af waar Brokken heen wil met dit korte verhaal. Het verhaal blijft een beetje mat en aan de vlakte. Het lijkt een soort van korte schets over kunstenaars die elkaar ontmoeten. Veel wordt aan de orde gebracht, maar hier wordt niet verder over uitgeweid, wat op zich niet gek is voor een novelle. Maar ik zou hier best een roman over willen lezen.
Wellicht wil de schrijver op symbolische manier de bloei en het verval van Oost-Duitsland weergeven en het zoeken naar een nieuwe vorm na de val van de muur, in de persoon van Ute. En Zane die in zijn stilzwijgendheid de aantrekkelijke maar ook afstotende westerse vorm is die wellicht een nieuwe eenheid kan brengen?

‘Feininger voorbij’, is een knap staaltje vertelkunst. Brokken weet met zijn sobere en directe schrijfstijl de sfeer van het voormalige Oost-Duitsland op te roepen.
Aan de oppervlakte is dit een vlot te lezen verhaal. Maar er zit een diepere laag onder die verhaalt over het spanningsveld tussen voormalig communistisch Oost- en kapitalistisch West in de vorm van: Ute’s vasthouden aan goede oude tijden door vasthouden aan typisch Oost-Duitse gebruiken, of juist Zane’s wanhopige poging deze oude tijd te willen vergeten.
Ik zie hier als lezer ook het zoeken naar nieuwe vormen, het zoeken naar enerzijds herkenning en het zich anderzijds afzetten tegen de gevestigde orde. Ute symboliseert als zodanig Oost en Zane West. Tegenpolen als ze zijn, vinden ze volgens mij ook een zekere herkenning bij elkaar in het afzetten tegen de gevestigde orde waarin ze beiden leven of hebben geleefd.

In een beknopte vertelling, ontmoeten kunstenaars elkaar in de sfeer van Feininger tegen de achtergrond van het voormalige Oost-Duitsland dat van Communistisch naar kapitalistisch is overgegaan en waarin door Duitsland naar nieuwe vormen en verbanden worden gezocht.

Jan Brokken, Feiniger voorbij. Uitgeverij Atlas, paperback, 64 blz, € 12,50, isbn 9789045012001

 
 

 

 

 

 

 
Reageer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.

 
Wat een geluk – Gerry van der Linden, feestelijke presentatie 24 mei
21 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

Wat een geluk is de negende dichtbundel van Gerry van der Linden. In deze bundel onderzoekt Van der Linden sporen uit haar verleden, die zij opnieuw gestalte geeft door ze tegen het licht van het heden te houden. Daarbij zichzelf en anderen niet sparend.
Lees verder >
Open stad – Teju Cole
21 mei 2012
Teju Cole, auteur van het onlangs verschenen Open stad brengt binnenkort een bezoek aan Amsterdam (29 mei) en Brussel (30 mei). In zowel Nederland als België is dit boek lovend ontvangen. Open stad is het romandebuut van de van oorsprong Nigeriaanse schrijver. Het gaat over het lot van de hedendaagse immigrant in het New York van nu.
Lees verder >