?Kunst is het spel der verwijzingen.?

21 februari 2009

 

Warning!

 

 

This is different. This is not what it seems. This is a work in progress.

Op de website van een andere Michael Tedja, die ergens anders woont dan de Michael Tedja die Hosselen schreef, www.michaeltedja.nl staat desalniettemin iets lezenswaardigs in dit kader:

‘Twenty years from now you will be more disappointed by the things that you didn’t do than by the ones you did do. So throw off the bowlines. Sail away from the safe harbor. Catch the trade winds in your sails. Explore. Dream. Discover.’

Verken. Droom. Ontdek. In Hosselen. Een diachronische roman in achtenvijftig gitzwartte facetten over beeldende kunst in identiteitsdenkend Nederland anno 2009 spreekt auteur (tevens beeldend kunstenaar, en zo nog even voorts …) Michael Tedja zijn lezer toe op p. 40: ‘Beste lezer, als ik iets ga maken weet ik van tevoren niet zo goed waar het over gaat of waar het over zou moeten gaan. Dan ben ik bezig met plakken en knippen. Het voortdurend accumuleren van herinneringen. Die tekeningen liggen om mij heen en worden vervolgens geconstrueerd tot beelden, waarin allerlei dingen tegelijk verschijnen. Een combinatie van beeld en gedachten.’ Tedja geeft in Hosselen zijn eigen wereld vorm met een overvloed aan elementen. De lezer krijgt inzicht in dat proces.

Aanvankelijk wekte de breedvoerigheid en de ogenschijnlijke dwarsheid van Tedja’s stijl bij mij irritatie op. Zo zijn alle ‘facetten’ van de ‘briljant’ waarmee de auteur zijn geesteskind vergelijkt genummerd, maar vervolgens op ‘gehusselde’ wijze achter elkaar geplaatst. Hele passages worden herhaald, er is veel informatie waarvan je je afvraagt: wil ik dat allemaal eigenlijk wel weten? Echter, na een zeer vermoeiend voorspel waarin wij elkander niet vonden besloot ik me als lezer nu eens over te geven aan deze uitdagende, ietwat kinky, vrijage en het boek dan ook op eigen wijze te consumeren. Dan maar niet bij het begin beginnen en volgens het geijkte boekje gestadig door tot met een diepe zucht van verlichting de eindstreep bereikt is. Wat volgde, toen ik mij openstelde voor het experiment, voor het nu eens innemen van een heel andere positie, was een boeiende en unieke ervaring. Bevredigend? Toch wel!

Sinds 2007 is Michael Tedja aangesteld als intendant Culturele Diversiteit voor het Fonds Beeldende Kunsten Vormgeving en Bouwkunst te Amsterdam. Aan dit zogeheten intendantenproject werkte hij eerder in groepsverband, met beeldend kunstenaars Gillion Grantsaan en Remy Jungerman. De tentoonstelling Wakaman 1 in 2006, in Tent. Rotterdam was daar een resultaat van. Deze maand verscheen in het kader van Wakaman 2 Tedja’s roman Hosselen. In juni zal hij een tentoonstelling cureren onder de titel ‘Eat the frame’.

Lang geleden werkte ik in Antiquariaat Kok in Amsterdam. Wat heeft dat er nou mee te maken denkt u misschien. Welnu: in het universum van wakamans & hosselaars heeft alles met alles te maken. Tasha’s World zingt het, u hoeft alleen te luisteren en gehoor te geven: ‘Tap into the flow …’. Bent u connected? Okee dan! Terug naar Amsterdam, begin jaren negentig. Op een dag kwam er een Surinamer op mijn afdeling. Aan mij was het niet te zien dat ik een belangrijk deel van mijn leven in zijn geboorteland had doorgebracht. Aangezien hij veel sprak en weinig luisterde, kwam het ook niet in me op om hem dat te vertellen. Hij legde mijn gebrek aan behoefte om hem te interrumperen uit als aanmoediging en hij deed me uitgebreid uit de doeken hoe het toeging in zijn land. Wat volgde was een warrig betoog dat er op neer kwam dat men in Suriname boeken schreef en uitgaf omdat men kennis over een bepaald onderwerp wilde delen. ‘Als wij iets geleerd hebben in het leven en we denken dat een ander daar wat aan kan hebben, dan zetten we die dingen in een boek. Zo is het.’ Op het moment zelf dacht ik dat ik voor die dag weer een goede daad verricht had: ik had een eenzaam medemens een luisterend oor geleend en hem het gevoel gegeven dat zijn aanwezigheid er toe deed, in deze grote wereld. Maar door de jaren heen, zijn zijn woorden zo vaak in mijn herinnering gekomen dat ze de omvang van een WAARHEID met grote letters hebben aangenomen. Ook Hosselen lijkt ontstaan te zijn van uit die behoefte, om “iets” te delen.

SMS aan mezelf, na het zien van Remy Jungermans installatie op de expositie ‘Black is Beautiful’, in De Nieuwe Kerk in Amsterdam. ‘n boek hoeft nt altijd t vast stramien te volgen. t kan ook op n winti altaar lijken mt onderdelen die nt gelijksoortig zijn mr die samen n geheel vormen mt verbanden die je zelf kan leggen’ Wanneer ik Hosselen opensla, maanden later, zie ik een variatie op dit thema, in 58 facetten nog wel. Ik denk na over de discussie die ook in Tedja’s boek ter sprake komt: ben je Surinaams of Nederlands in je uitingen, of multicultureel, of zwart of wit of zwartwit? De bron waar we uit putten is dezelfde. We tap into the same flow. Of niet? Is het de bril waarmee we kijken, of ligt het aan mij? Tedja roept veel vragen op, hij prikkelt.

E-mail aan een bevriende kunstenaar op 23 juli 2008, waarin ik naar nu blijkt facet 54 van Tedja geciteerd heb. Ook hij is ‘geraakt’ door Moreno’s woorden die zo goed aangeven dat grenzen begrippen mensen gedachten niet te definieren zijn op een exacte heldere manier. 

23 juli 2008, Boxel, Suriname

Goedemorgen kunstenaar,

Ik wilde je iets laten lezen dat ik tegenkwam op het internet, op een van de websites die te maken heeft met het Wakaman-project. Het is uit een artikel van kunstenaar/publicist Gean Moreno en het artikel heet ‘Werkelijk aanwezig’. Waardoor ik dan moet denken aan ‘Being there’, ken je die film met Peter Sellers, naar het boek van Jerzy Kosinski?
Moreno heeft een lange inleiding en komt dan met dit citaat van Gertude Stein: “Tenslotte is iedereen, dat wil zeggen iedereen die schrijft, geneigd in zichzelf gekeerd te leven, om te kunnen spreken van wat binnen in hem leeft. Om die reden moeten schrijvers over twee landen beschikken, dat waar ze thuishoren en dat waar ze in werkelijkheid wonen. Het tweede is romantisch, het staat los van henzelf, het is niet echt maar het is werkelijk aanwezig.”
Waarna Gean Moreno zijn artikel vervolgt met deze zinnen: “Ik blijf ervan overtuigd dat binnen en buiten, echt en werkelijk aanwezig, thuishoren en niet thuishoren al lange tijd moeilijk zuiver te onderscheiden zijn. Dat is tenminste wat ik leer uit al de pogingen in de hedendaagse kunst om het alledaagse z’n betovering terug te geven. Het lijkt alsof velen van ons proberen het echte, nu we er niet zeker van zijn waar dat precies te plaatsen, om te vormen naar het werkelijk aanwezige ? ons onmisbaar tweede land.”

Wat een prachtige tekst! Het sluit zo goed aan bij wat ik denk. Het blijft ongrijpbaar en niet eenduidig, ook Moreno heeft geen glasheldere uitleg, maar juist dat is precies zoals het is.

Lieve groeten, vanuit a kondre segundo, where dreams are reality …

 

 

 

Marieke

Op mijn prikbord hangt een tekst. Een boskopu? Een mantra misschien. Woorden zonder eigenaar, die ik tot de mijne heb gemaakt omdat ze tot me spreken. Ik lees Hosselen. Ik lees deze woorden, voor de duizendste keer en opnieuw verandert de betekenis ervan.

You’re trying too hard.

Relax.               Listen.

 

The drum talks.

It is a language.

Michael Tedja heeft met Hosselen een boek geschreven dat de omvang van een bijbel heeft. ‘Het regent en ik tel de druppels in de lucht, schrijf mijn bijbel.’ (p.335) Of het ook een bijbel is, nee. Maar de waarde zoals mijn profetische klant in het antiquariaat in Amsterdam het voorhield: het delen van kennis, het delen van inzichten die de moeite van het delen waard zijn: die waarde heeft het zeker. Het boek kan ook gezien worden als een denkkader zegt de schrijver: ‘Dit is een denkkader, als een kronkelende slang die zich op een organische, natuurlijke manier ontwikkelt.’ (p.75)

eat the frame eat the frame

because the audience becomes the work

it likes the work it likes itself

(Michael Tedja, p. 264)

‘Als ik goed kijk zie ik overal overduidelijke verbanden. Ik heb keuzes gemaakt die tot nieuwe keuzes hebben geleid, die weer tot nieuwe keuzes hebben geleid.’(p. 282) Niets is nieuw onder de zon ¹, ² , maar door zijn eigenwijze slijpwijze heeft Tedja toch bij vlagen een schittering in mijn ogen gebracht.

Noten:

1.        Umberto Eco: ‘Creativiteit is niet zozeer gelegen in het vinden van nieuw materiaal, alswel in de herschikking van het bestaande.’

2.        Johann Wolfgang von Goethe: ‘Alles is al eerder bedacht. Het is alleen de kunst om er weer aan te denken.’

 ‘Alles van waarde is krachtig, wat je ziet is wat je krijgt’, verf op foto, A4, 2008

 

step into my world:

stralen

N.B. Deze bespreking heeft in een veel kortere versie ook in de Ware Tijd gestaan, dagblad in Suriname, 21 februari 2009.

 

 

Bekijk Reacties

One Response to ?Kunst is het spel der verwijzingen.?

  1. Hallo Marieke Visser,

    De Michael Tedja waar jij het over hebt ben ik niet. De site waar jij naar verwijst (zie hieronder)is van Michael Tedja uit Den Haag. Ik woon al jaren in Amsterdam en heb geen website. Ik sta niet achter de teksten die te vinden zijn op de site van die Michael Tedja.

    Op de website van Michael Tedja, http://www.michaeltedja.nl staat te lezen:

    ‘Twenty years from now you will be more disappointed by the things that you didn’t do than by the ones you did do. So throw off the bowlines. Sail away from the safe harbor. Catch the trade winds in your sails. Explore. Dream. Discover.’

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

de hemelse kamer – Huub Beurskens
23 mei 2012
Net iets te en daarom wat minder

Recensie door Machiel Jansen

Het is druk in de hemelse kamer de nieuwe roman van Huub Beurskens, dichter, schrijver en voormalig redacteur van De Gids. Niet omdat er veel romanfiguren in voorkomen, dat is niet het geval, maar omdat er zo heel veel wordt verwezen, geciteerd, uitgeweid en opgesomd.
Lees verder >
Mangalaan 27 – Kristine Groenhart
22 mei 2012
Een dramatisch leven in Nederlands-Indië

Recensie door Wil van Basten-Malipaard

‘Wat waren ze vol goede moed geweest'
Kristine Groenhart  beschrijft op verzoek van schrijfster Mischa de Vreede de levensgeschiedenis van haar vader Ernst de Vreede die in 1925 met zijn kersverse bruid Henny Bomers aankomt op Ambon.
Lees verder >
Kristalman – Atte Jongstra
15 mei 2012
Multatuli in een ander daglicht

Recensie door Jaap M. Jansen

Ach, we houden zoveel van lijstjes, van hiërarchieën. Héérlijk vinden we het, die Top 2000, die filmlijst van de IMDb, die peilingen van Maurice de Hond. Genieten.
Lees verder >
De dienares – Tim Parks
14 mei 2012
Een rockchick verloren in de edele Stilte 

Recensie door: Joost van der Vleuten

Een roman schrijven over een jonge vrouw met een leven vol sex, drugs en rock &roll, die zich terugtrekt in een Boeddhistisch klooster. Kan dat? Wordt dat geen blijmoedige kitsch of goedkope tirade tegen het westerse materialisme? Niet noodzakelijk.
Lees verder >
Liever waanzin dan weemoed
10 mei 2012
Recensie door Albert Hogeweij

Ademhalen onder de maan is Ingmar Heytzes tiende bundel. Eentje met gedichten over dagelijkse gebeurlijkheden, zelf beleefd dan wel opgepikt uit krantenberichten, alledaagse gedachten en ervaringen en bij voorkeur afgeleiden daarvan, al dan niet in opdracht geschreven en 39 in getal.
Lees verder >
Tommy Wieringa en A.L. Snijders over reizen en thuisblijven
24 mei 2012
Twee begeesterde en eigenzinnige schrijvers in gesprek tijdens De geest moet waaien op vrijdag 1 juni in het Arnhemse Theater aan de Rijn.

Tommy Wieringa schreef de toonaangevende romans Joe Speedboot en Caesarion. Hij komt uit Twente maar woonde in zijn jeugd op de Antillen en is leeft nu in Noord-Holland.
Lees verder >
Literaire nalatenschap F. Harmsen van der Beek naar Letterkundig Museum
24 mei 2012
Nieuws van de redactie

Het Letterkundig Museum heeft sinds woensdag 23 mei de literaire nalatenschap van Fritzi ten Harmsen van der Beek (1927-2009) verworven. Harmsen van Beek is dichter van een klein oeuvre. De geringe omvang van haar werk is echter omgekeerd evenredig aan de grote bewondering die het vrijwel unaniem ten deel viel en valt.

Harmsen van der Beek vond dat vrijwel niets blijvende waarde had, ook haar gedichten en tekeningen niet. Ze tekende graag op bevroren ruiten en schiep er genoegen in te zien hoe die vervolgens door de warmte van de zon als kleine waterstraaltjeshun weg naar de vensterbank vonden. Desondanks laat ze een omvangrijk archief na. Behalve aantekeningen, manuscripten en (jeugd)foto’s bestaat de nalatenschap ook uit brieven, van onder meer Judith Herzberg, CharlotteMutsaers, Cees Nooteboom, Gerard Reve en Renate Rubinstein. Bijzonder zijn de vele tekeningen die Harmsen van der Beek maakte en de vele parafernalia waarmee zij zich omringde. Tot het archief behoren ook veel familiaire paparassen en boeken met opdrachten van schrijvers en kunstenaars waar onder A. Roland Holst, Matthijs Röling en M. Vasalis.

Tijdens de feestelijke overdracht van het archief werd ook de bundel In goed en kwaad. Verzameld werk van F.Harmsen van der Beek gepresenteerd.
'In samenspraak met de erven zijn nu haar publicaties bijeengebracht in een mooi verzorgde gebonden editie, waarin ook alle verspreid gepubliceerde gedichten en verhalen zijn opgenomen. De verschijning van In goed en kwaad is daarmee een literaire gebeurtenis, die er voor zorgt dat dit grootse en bruisende werk voor lange tijd beschikbaarblijft’, aldus uitgeverij De Bezige Bij.

www.letterkundigmuseum.nl

 
IJsseloever – een poëtische app
22 mei 2012
Dichter Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman maakten voor 'Poëzie op het mobiele scherm' van het Nederlands Letterenfonds en de Mondriaan Stichting de iPad app IJsseloever. In het verhaal zijn vijftien videogedichten en een audio clip verwerkt.

Omschrijving van de inhoud:
Twee bejaarde vrouwen wonen al tientallen jaren aan de rand van een Gelders dorp. De vriendinnen worden ze genoemd. Ze komen niet vaak in het dorp, ze hebben eigenlijk alleen contact met een twintigjarige jongen. Een keer peer week haalt hij de vriendinnen op, ze rijden dan naar de rivier, een kilometer of twintig stroomopwaarts. Ze kijken naar de schepen, lezen de opschriften en varen in gedachten mee naar Duitsland, naar Frankrijk. Zestien momenten uit hun levens zijn verborgen in de IJsselvallei ten westen van Zutphen, die zijn te vinden op de kaart en te lezen door de locaties aan te raken of door te bladeren.

Wim Brands en grafisch ontwerper Max Kisman brachten beiden hun jeugd door in de IJssel-, respectievelijk Oude IJsselvallei in de provincie Gelderland. Zij onderzochten de mogelijkheid van het draagbare beeldscherm als literair podium in het kader van het project ‘Poëzie op het mobiele scherm’ van het Nederlands Letterenfonds en het Mondriaan Fonds.

Er verschijnt ook een gedrukte kaart van de IJsselvallei waarop de video’s te bekijken zijn wanneer met de Junaio augmented reality browser de smartphone op de markers richt €2,- (excl. verzenden).
De app wordt uitgegeven door TYP/Three Publishers en is verkrijgbaar in de App Store voor €1,59.
Voor de eerste 100 downloaders/kopers va de IJssel is er een extraatje. Ze ontvangen een speciale landkaart voor een bijzondere belevenis! Mail je AppStore-afrekening van IJsseloever en adresgegevens aan: ijsseloever@ttypp.nl en je krijgt de kaart! Je kunt de de IJsseloever-app kopen in de AppleStore, meer info vind je hier.

Zes verschillende teams van dichters en ontwerpers namen deel aan 'Poëzie op het mobiele scherm'. Hun eindresultaten werden 17 mei j.l.  gepresenteerd in het Trouw gebouw te Amsterdam.

 
Wat een geluk – Gerry van der Linden, feestelijke presentatie 24 mei
21 mei 2012
Gesignaleerd door de redactie

Wat een geluk is de negende dichtbundel van Gerry van der Linden. In deze bundel onderzoekt Van der Linden sporen uit haar verleden, die zij opnieuw gestalte geeft door ze tegen het licht van het heden te houden. Daarbij zichzelf en anderen niet sparend.
Lees verder >
Open stad – Teju Cole
21 mei 2012
Teju Cole, auteur van het onlangs verschenen Open stad brengt binnenkort een bezoek aan Amsterdam (29 mei) en Brussel (30 mei). In zowel Nederland als België is dit boek lovend ontvangen. Open stad is het romandebuut van de van oorsprong Nigeriaanse schrijver. Het gaat over het lot van de hedendaagse immigrant in het New York van nu.
Lees verder >